Over de week

De eerste aflevering van een nieuwe rubriek waarin chef politiek Erik van der Walle terugblikt op de Haagse week.

Foto ANP / Bart Maat

Even schoot de premier tijdens het debat van donderdag over de Parijse aanslagen uit zijn rol toen hij door het CDA geconfronteerd werd met kritiek op de defensiebezuinigingen. Eindelijk, zei Mark Rutte, stijgt dat defensiebudget weer, nu er een VVD-minister op het departement zit. “Bij de vorige CDA-minister van Defensie werd nog 1 miljard euro bezuinigd”, reageerde hij op vragen van CDA-leider Sybrand Buma. Maar wie was er ook alweer premier in dat kabinet van VVD en CDA waar Hans Hillen de defensieminister was? Precies, Mark Rutte.

OverDeWeek De huidige leider van Rutte II trok zijn opmerking later in het debat na kritiek van Buma expliciet terug. “Dat was inderdaad niet gepast.” Zijn uitglijder was ook niet illustratief voor het debat over ‘Parijs’. Het heftige geweld leek juist een deken over veel discussies te leggen. De premier deed er alles aan om een verbindende rol te spelen. Zelfs met PVV-leider Geert Wilders, die zijn zoveelste motie van wantrouwen indiende, probeerde hij het eens te worden. “De heer Wilders probeert een tegenstelling tussen hem en mij te creëren die er niet is”, zei Rutte nog toen het oppakken van Syrië-gangers werd besproken.

De meeste politici hadden geen zin in een fel debat, na het geweld in de Parijse straten. Alexander Pechtold (D66) al helemaal niet. “Geen ferme eisen” of “gespierde woorden. Ik wens het kabinet slechts wijsheid en sterkte toe.” En PvdA-leider Samsom constateerde dat “vrijwel alle partijen” op zoek waren naar een balans tussen softies en hardliners.

Veel mooie woorden, maar op de vraag of er in Nederland nog meer moet worden gedaan om terroristisch geweld te voorkomen, kwam eigenlijk geen antwoord. Buma bleef – samen met Wilders – vooral kritisch op de premier. Voor moreel leiderschap moet je niet bij Rutte zijn, maar bij de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb. Die kiest de juiste woorden en is standvastig tegen radicalisme. “Aan hem zou de premier een voorbeeld moeten nemen”, aldus de ontevreden CDA-leider.

Foto ANP / Martijn Beekman

Wiebes deze week tijdens de heropening van het Kamerdebat over het belastingplan. Foto ANP / Martijn Beekman

Wiebes dronk zich delirium aan koffie

Ontevreden was (en is) ook staatssecretaris Eric Wiebes. De tweede hoofdrolspeler deze week. Hij heeft koffie gedronken “tot ik er een half delirium van kreeg”, maar vooralsnog tevergeefs. Als enige oppositiepartij steunt het CDA het belastingplan voor komend jaar, waardoor een meerderheid in de Eerste Kamer nog buiten beeld blijft. En dan gaat de voorgestelde lastenverlichting van 5 miljard niet door. Pijnlijk voor de coalitie die er niet in slaagt voldoende steun binnen te halen. Pijnlijk voor de oppositie, aldus de coalitie, die de grote meevaller blokkeert.

Voor Wiebes als onervaren politicus in Den Haag in elk geval een stevige beproeving. Verbitterd door het harde politieke spel was hij niet, nadat hij ChristenUnie en SGP (wilden meer geld voor de eenverdiener), de SP (meer nivellering), en ook D66 en GroenLinks (meer hervormingen en vergroening) was kwijtgeraakt. Wiebes noemde de politieke motieven van de oppositie “integer en edel”, maar ja, ze waren “wel tegengesteld”.

Hoe nu verder? De vriendelijke toon leverde de VVD-staatssecretaris later deze week in voor een stevige brief aan het parlement. Met wat dreigementen. Als de Eerste Kamer (waar de coalitie slechts 25 van de 75 zetels bezit) het Belastingplan verwerpt zijn de gevolgen groot. Veel tweeverdieners zien hun inkomsten met wel 1.500 euro afnemen, zo’n 4 miljoen voorlopige aanslagen gaan binnenkort foutief de deur uit en de Belastingtelefoon zal na de nodige correcties overstroomd worden door “honderdduizenden extra telefoontjes”. En dat allemaal het gevolg van de edele motieven van de oppositie, wil Wiebes maar zeggen.