Meer winkels? Nonsens

Winkels erbij? De winkelier pleit voor saneren. „Dat is noodzaak.”

Stop met bouwen. Kijk wat we doen met alles wat er al staat. En denk na over sanering van 30 procent van de detailhandel. Dat zegt Anke Griffioen, eigenaresse van Caland/Schoen aan de Nieuwe Binnenweg, en mondig meeprater over binnenstadbeleid. Caland is gespecialiseerd in fraaie schoenen voor grote maten, en van het semi-orthopedische soort in gewone maten. Dat wil zeggen schoenen die comfortabel zijn, waar zo nodig een steunzool in past, en die verkocht worden door verkopers met verstand van voeten. De schoenenwinkel, ook gevestigd in Amsterdam en op het web, viert zijn 100-jarig bestaan. Burgemeester Aboutaleb zal voor de gelegenheid vandaag een kleine performance geven.

Griffioen nam de zaak in 1999 over van haar ouders en is pas de derde eigenaar van Caland/Schoen. Toen ze erin stapte, stonden voor het pand aan het begin van de Nieuwe Binnenweg nog grottige boogjes. Die moeten weg, besloot ze. Dat lukte en eigenlijk is ze nooit meer opgehouden met ijveren voor een betere stadsinrichting.

Waarom moesten die boogjes weg?

„Te donker, te somber. De ondernemers hadden veel gedaan om meer licht te krijgen: wit geschilderd, meer lampen, maar het hielp niet. De Binnenweg was aan het wegzakken. Door onze specialisatie kon ik wel een stootje hebben – mensen komen toch wel. Maar toen ik de winkel overnam, dacht ik: ik ga zorgen dat het beter wordt hier. Het was snel geregeld met de gemeente, die de helft van de benodigde 4 miljoen betaalde. Het kostte meer moeite de zeventien winkeleigenaren over te halen. Toen het klaar was, in 2006, begon het volgende blok met het mooi maken van de gevels. „We hebben een motor gebouwd hier. Ook door voor de straat een thema te kiezen op het snijvlak van commercie en kunst: kunst met een knipoog. Wij hebben gezorgd dat Santa Claus hier kwam te staan.”

Het gaat dus goed met de detailhandel?

„Ja en nee. Je ziet dat lange winkelstraten, zoals het laatste deel van de Nieuwe Binnenweg en de Middellandstraat, wegglijden. Er is te veel detailhandel. Dat komt door drie opeenvolgende ontwikkelingen: supermarkten/superstores, internet, en het wegvallen van de middenklasse.

„Rotterdam is ontwikkeld met lange winkellinten. Nieuwe Binnenweg, Schiedamseweg, Mathenesserdijk. Zodat iedere woonwijk bakkers, slagers en groenteboeren in de buurt had. Sinds de komst van supermarkten in de jaren 60 zijn er minder buurtwinkels nodig, maar de winkelbestemming is amper aangepast. Inmiddels kopen veel mensen via internet, en verliest de middenklasse aan kracht. Dat betekent dat er ook op de lange termijn minder plaats is voor detailhandel in de stad.”

Waarom wil de gemeente dan nieuwe winkels bouwen, zoals een ‘koopdoos’ op de Coolsingel? Volgens wethouder Visser moet de binnenstad ‘verdicht’ worden.

„De lobbykracht van de grote vastgoedbedrijven en het oude ‘havengeld’ in Rotterdam is enorm. In de detailhandelsvisie 2006 van de gemeente stond dat er 60.000 vierkante meter retail bij moest. En dat was nog voor de crisis. Ik ben geen econoom, maar ik wist al hoe moeilijk dat was. De gemeente stopt veel geld in noodlijdende winkelstraten als de Nieuwe Binnenweg en de Middellandstraat, om leegstand tegen te gaan en de veiligheid op straat te vergroten. Op een expert meeting over retail was ik de enige retailer. De rest: consultants, vastgoed, ambtenaren.

„Inmiddels is de doelstelling teruggebracht naar 40.000 vierkante meter, maar er is geen ruimte voor een goede invulling. De gemeente moet nadenken over het saneren van 30 procent van detailhandel. Alleen straten die vitaal zijn, moeten overblijven. Niet gemakkelijk, wel noodzakelijk. Begin met accepteren dat dit de nieuwe werkelijkheid is. Steeds maar revitaliseren en doorbouwen is gemakzuchtige, liefdeloze politiek, waaruit een gebrek aan organische kennis over de stad spreekt. Mijn boodschap aan de wethouders: Stop met Bob de Bouwer, vervul nu de rol van Hendrik Jan de Tuinman.”