Samenwerken? Een beetje dan

Onder druk van Brussel praten de Griekse en Turkse premiers over samenwerking in de migratiecrisis.

Om de vluchtelingenstroom in te dammen moeten Turkije en Griekenland de handen ineenslaan, maar tot nu toe overheerst wantrouwen. Na een tweedaags bezoek van de Griekse premier Tsipras aan buurland Turkije hebben de twee landen afgesproken in ieder geval „samen te werken op technische vraagstukken”.

De noodzaak daartoe is overduidelijk. Die is zichtbaar aan de Turkse kust en op de Griekse eilanden. Kleine boten propvol migranten uit onder meer Syrië, Afghanistan en Iran steken illegaal de zeegrens over. Reddingsbrigades van Europese vrijwilligers proberen ze op te vangen als het misgaat. Op de Griekse stranden staan ze klaar met bananen voor de ergste honger, droge sokken en draagzakken voor de vele baby’s.

Wat je zou verwachten, zie je amper: druk rondvarende kustwachten die proberen de bootjes tegen te houden. Geen Turkse en Griekse marechaussees die via portofoon – de afstand van enkele zeemijlen is er kort genoeg voor – in contact met elkaar staan, zodat ze samen smokkelaars kunnen vangen of elkaar ten minste kunnen inseinen. De belangrijkste toegangspoort voor migranten staat wijdopen.

Op de actiepuntenlijst van de Europese Commissie stond daarom begin oktober nog prominent het instellen van gezamenlijke Grieks-Turkse patrouilles op zee. Griekenland maakte meteen duidelijk dat daarvan absoluut geen sprake kan zijn. Al decennia is er onenigheid over waar in de Egeïsche Zee de grens tussen de twee landen precies loopt. Geef die Turken een vinger (toegang tot onze wateren in patrouilles), denken de Grieken, en ze nemen de hele hand. Voor je het weet doen ze aan landjepik.

In Griekenland wordt bovendien breed aangenomen dat Turkije migranten bewust in groten getale naar Europa stuurt om concessies van de EU af te dwingen.

Daar gelooft de Europese Commissie weinig van, blijkt uit een notitie die is ingezien door de Griekse krant Kathimerini. Het document suggereert dat het vertrouwen in Griekenland zelf daarentegen gering is. Dat zou juist welbewust migranten doorwuiven naar Macedonië en daarmee mede het aanzwellen van de toestroom hebben veroorzaakt.

Onder meer op aandringen uit Europa is de afgelopen tijd voorzichtig aan de historisch beladen relatie tussen Griekenland en Turkije gewerkt. Tsipras en de Turkse premier Davutoglu hebben elkaar een paar keer gebeld. En tijdens het bezoek van Tsipras aan Turkije hebben ze samen een vriendschappelijke voetbalwedstrijd bezocht. Die eindigde braaf in gelijkspel. De uitstraling die bij het bezoek van Tsipras werd gecreëerd was nadrukkelijk anders dan toen de Duitse bondskanselier Merkel in oktober om Turkse hulp in de migratiecrisis kwam vragen. Terwijl zij met de omstreden president Erdogan werd gefotografeerd terwijl ze in gouden stoelen zaten, deden nu twee premiers op informele toon zaken.

Concreet spraken de twee premiers af een gezamenlijke werkgroep in te stellen van relevante ministeries. En de activiteiten van hun kustwachten meer op elkaar af te stemmen. Ook willen ze gaan samenwerken in de aanpak van mensensmokkelaars. Tsipras beloofde, net als Merkel, de steun van zijn regering aan het EU- toetredingsproces van Turkije. Over gezamenlijke patrouilles zeiden ze wijselijk niets.