Liefde. Dat helpt tegen radicalisering

Gelovige moslims radicaliseren zelden: die kennen de Koran te goed. Jonge mannen zonder vaderfiguur zijn wel een gevaar.

Mohamed Abdeslam, wiens broers de aanslagen mede-pleegden, steekt kaarsen aan.

‘Als het klopt dat een van de terroristen in Parijs kort geleden als vluchteling naar Europa is gekomen, is dit vrijwel zeker een bewuste strategie van Islamitische Staat of Daesh. Voorheen deden ze dat nooit.” Dat zegt Thomas Schmidinger, een Oostenrijkse jihadi-expert die vorige week terugkeerde uit Kobani in Syrië. Maandag spreekt hij erover in het Europees Parlement. Onlangs verscheen Schmidingers boek Jihadismus – Ideologie, Prävention und Deradikalisierung. Hij refereert meestal aan IS als Daesh, zoals de terreurgroep ook wordt genoemd.

Waarom is de vluchtelingenroute een bewuste strategie?

„Daesh wil een religieuze oorlog ontketenen. Dat deden ze in Irak tussen sunnieten en shi’ieten, nu proberen ze het in Europa tussen moslims en niet-moslims. Jihadi’s zijn geïsoleerd in Europa. Als Daesh anti-islamitisch sentiment kan provoceren in Europese landen, kan zij zich vervolgens opwerpen als grote verdediger van Europese moslims.”

Meer mensen zeggen na Parijs: we willen geen vluchtelingen meer.

„Dat is precies wat Daesh wil. Ons ophitsen tegen alle moslims.”

Hoe sterk is Daesh onder vluchtelingen?

„Als een van de Parijse terroristen echt een Syrische vluchteling was, is dit echt iets nieuws. Tot dusver wilde Daesh jihadi’s daar houden waar de strijd woedde: in en om het kalifaat in Irak en Syrië. Wie we wel onder de vluchtelingen hebben aangetroffen, zijn twijfelaars. Die wilden weg uit het kalifaat en worden door Daesh als verraders gezien. Tot dusver verlieten gemotiveerde jihadi’s Syrië niet. Ze gaan er juist héén. Op het station in Wenen, waar ik in september hielp vluchtelingen op te vangen, stond een stand met salafisten. In Oostenrijk en Duitsland hebben ze ‘lees-campagnes’, waarbij ze gratis korans uitdelen. Ze wezen erop dat het eten op het station niet halal was. Vluchtelingen hadden er geen boodschap aan. Sommigen vroegen gechoqueerd: ‘Wat doen die zeloten hier? Dit zijn we juist ontvlucht.’ Na een paar dagen was de stand weg.”

Waarom worden jongeren in Europa jihadisten en gaan ze naar Syrië?

„De biografieën van jihadi’s, van wie ik er zo’n zeventig volg, zijn erg uiteenlopend. Er zitten Koerden bij, seculiere moslims, autochtone Oostenrijkers. Ze hebben vaak maar twee dingen gemeen. Ten eerste: de meesten zijn jonge mannen die hun plek in onze samenleving niet vinden. Het merendeel is niet-religieus. Gelovige moslims worden zelden jihadi’s: die kennen de Koran te goed om de radicale politieke interpretatie van Daesh te accepteren. Wat ze wel zoeken: identiteit, erbij horen, de zin van het leven ontdekken. Het tweede terugkerende element is de afwezigheid van een vaderfiguur. Velen zoeken een mannelijk rolmodel. Thuis is die er niet. En ons onderwijs feminiseert door de lage salarissen zo, dat daar ook steeds minder mannen werken.”

Vervreemding, je plaats niet vinden – dat is toch van alle tijden?

„Natuurlijk. Ik groeide op in Vorarlberg, vlak bij Zwitserland. Ik voelde me daar ook niet thuis. Wilde de wereld veranderen. Dus werd ik links-radicaal. Dat was destijds de grootste provocatie die je kon verzinnen. Ik zat in een groep die demonstraties en blokkades organiseerde. Dat gaf me de identiteit die ik zocht en een groep waarin ik me thuisvoelde. Daar houden de parallellen op. Wij rebelleerden binnen de maatschappij, jihadi’s verlaten haar. Zij treden uit en gaan naar een andere plek: het kalifaat. Wij vlogen hooguit een paar maanden naar Cuba om op een suikerplantage te werken. Tweede verschil: wij waren anti-autoritair, op het anarchistische af. Jihadi’s zoeken autoriteit. Beide aspecten maken het moeilijk om jihadi’s te deradicaliseren.’’

U heeft ook geen mensen onthoofd, neem ik aan.

„Nee, dat is het derde verschil: wij gebruikten bijna allen geen geweld.”

Hebben jihadisten meer met neonazi’s gemeen?

„Ja, die gebruiken vaker geweld en opereren ook in autoritaire groepen. Tot nu toe blijft er één fundamenteel verschil: neonazi’s zitten hier. Ze willen de bestaande maatschappij, waarvan ze deel uitmaken, veranderen. Jihadi’s hebben hun utopische samenleving, het Kalifaat, elders. Ze zijn hier uitgecheckt.”

Hoe wordt iemand jihadist?

„In heel Europa werken salafisten die ‘verloren zielen’ geborgenheid bieden, een plek in een besloten, sektarische groep. Langzaam worden ze dan geïndoctrineerd. Pas op het laatst wordt het crimineel en wordt het een zaak voor politie en justitie. Hoe eerder je tijdens dit proces iemand deradicaliseert, hoe makkelijker. Ik werk met jihadi’s in de gevangenis. Die zijn ver heen. Het is extreem moeilijk om die terug te halen.”

Zijn dat teruggekeerde jihadisten?

„Ik werk met mensen die op het punt staan om te gaan. Dan bellen ouders en anderen uit de omgeving ons op. Ik werk ook met jihadi’s die zijn teruggekeerd uit Syrië. Sommigen zijn gewond, anderen vonden het rauwe oorlogsbestaan te zwaar of hebben bedenkingen over de ideologie van Daesh.”

Daar kun je aan werken.

„Dat valt tegen. Velen zeggen bijvoorbeeld dat het verkeerd is dat Daesh gematigde moslims als vijand beschouwt, maar vinden het nog steeds prima yezidi’s of christenen te onthoofden. Hun vervreemding van onze maatschappij is extreem. Ze herradicaliseren makkelijk.”

Alleen mannen?

„Bijna wel. Mannen gaan op eigen houtje naar Syrië. Ze weten waar ze zijn, kennen de weg terug. Vrouwen vliegen naar Istanbul, worden daar opgehaald en naar Raqqa gebracht. Die hebben geen idee waar ze zitten, laat staan hoe ze eruit komen.”

Wat is het belangrijkste element van de-radicalisering?

„Liefde. Acceptatie. Duidelijk maken: je plek is hier. Tegen hun zeggen: ‘Ze vertellen je dat dit een verderfelijke maatschappij is, maar ik ben toch je vriend, of je moeder? Ik geef toch om je?’ Enzovoort. Daarom is het belangrijk dat je er vroeg bij bent. Dan is iemand nog zoekende, heeft hij de banden met familie en samenleving nog niet doorgesneden.”

Moet je teruggekeerde jihadi’s opsluiten?

„Dit zijn criminelen die je moet straffen. Ik ken het Arhus-project in Denemarken, waarbij ze jihadi’s begeleiden maar geen celstraf geven. Maar je kunt moordenaars niet vergeten en vergeven. Tegelijkertijd weet ik dat jihadi’s soms niet durven terug te komen uit Syrië omdat hier gevangenisstraf dreigt. We moeten hen dus opsluiten, maar tegelijkertijd programma’s starten voor deradicalisering. ”