Ga niet mee in de polarisatie van IS

Oorlogsverklaringen en islamofobie zullen IS alleen maar in de kaart spelen, waarschuwt Merijn Oudenampsen. Sterker: het is hun tactiek.

Eerst Ankara, dan Beiroet en nu Parijs: de logica achter een bruut bloedbad is moeilijk te bevatten. De strategie van IS gaat uit van een brute polarisatiestrategie. Het is een poging om het Westen en de moslimwereld tegen elkaar op te zetten. De militante respons van François Hollande is precies waar de jihadisten op uit zijn.

Begin dit jaar was een redactioneel te lezen in Dabiq, het online tijdschrift van IS, getiteld ‘de grijze zone’. Het stelde dat de meeste moslims zich in een schemerzone bevinden tussen goed en kwaad, kalifaat en ongeloof. Het citeerde Bin Laden, die stelde dat Bush gelijk had met zijn motto ‘you’re either with us or against us’. Na 9/11 is ‘het weer tijd voor een andere grote gebeurtenis... om tweedracht in de wereld te zaaien en de grijze zone te vernietigen’, zodat moslims gedwongen worden een kant te kiezen, aldus het artikel.

Juan Cole, een vooraanstaande Midden-Oosten-expert, stelde eerder dat de aanslag op Charlie Hebdo uitging van een bewuste polarisatiestrategie. Een poging om het gevoel van een beschavingsconflict te creëren, waarin het Westen en de islam als twee monolithische blokken tegenover elkaar komen te staan. Het stelt jihadisten als IS en Al Qaeda in staat om zich te profileren als de voorhoede van de gehele moslimwereld, en zo meer zieltjes te winnen voor hun heilige oorlog. Juan Cole beschrijft deze strategie als „de verscherping van tegenstellingen”.

Jihadistische groeperingen zoals Al Qaeda en IS zijn afhankelijk van moslims voor hun rekruteringscampagnes. De meeste moslims zijn echter nauwelijks geïnteresseerd in de politieke islam of haar extremistische vertakkingen. Dat geldt in het bijzonder voor Franse moslims, de grootste moslimbevolking van Europa. Echter, als er in Europa een giftig klimaat van islamofobie en haat richting de moslimbevolking zou ontstaan, als het westen verleid kan worden tot een grondoorlog met IS in het Midden-Oosten, dan zou dat vruchtbaarder omstandigheden opleveren om moslims te rekruteren voor de jihad.

Deze polarisatiestrategie is te herleiden tot het moderne islamisme zoals ontwikkeld door de Egyptenaar Said Qutb in de jaren vijftig en zestig. Qutb stelde dat de westerse culturele overheersing een vorm van vals bewustzijn had gecreëerd in moslimlanden, zowel onder de ‘verwesterde’ elite als onder de bredere bevolking. Hij noemde dit Jahiliyya, een staat van ongeloof. Net als bij het christendom is binnen de islam gehoorzaamheid aan godgegeven autoriteiten geboden, zeker als die autoriteiten geloofsgenoten zijn. Qutb’s moderne Jahiliyya-doctrine legitimeerde verzet tegen de ‘verwesterde’ politieke elites in moslimlanden. En het stond aan de basis van strategieën om de moslimbevolking te doen ontwaken uit haar staat van vals bewustzijn, met behulp van geweld.

Ayman al-Zawahiri zou Qutb’s ideeën verder ontwikkelen. Hij maakte deel uit van de groep Islamitische Jihad die in 1981 de Egyptische dictator Sadat vermoordde. De aanslag had als doel om het Egyptische volk te doen ontwaken uit haar passieve staat, om zo de gedroomde islamitische revolutie in gang te zetten. Het volk kwam echter niet in opstand en Zawahiri moest het land verlaten. Hij zette zijn activiteiten voort in Afghanistan als onderdeel van de Moedjahedien. Daar ontmoette hij Bin Laden en werd hij diens mentor. Het Al Qaeda-netwerk dat zij creëerden, ging uit van een vergelijkbare strategie. En IS, dat ontstaan is uit Al Qaeda in Irak, gebruikt dezelfde inzichten.

Fawaz Gerges, Midden-Oosten-expert bij de London School of Economics, stelde dat 9/11 eenzelfde effect beoogde. In een geheime brief gevonden bij een inval in Kabul, stelt Zawahiri dat Al Qaeda besloten had om het gevecht aan te gaan met ‘de grootste der criminelen, de Amerikanen’, om deze te verlokken tot een grondoorlog in het Midden-Oosten. Amerikaanse aanvallen op moslimlanden zouden de verzwakte en gefragmenteerde jihadistenbeweging nieuw leven inblazen, en hun strijd van nieuwe legitimiteit verschaffen in de ogen van de bredere moslimbevolking.

Zoals we weten stelde de regering-Bush niet teleur. Het Amerikaanse ministerie van Defensie zou uiteindelijk tot vergelijkbare conclusies komen als Al Qaeda. Een commissie onder leiding van Donald Rumsfeld onderzocht de oorzaken van radicalisering en terrorisme in 2004. Het rapport stelde dat ‘directe Amerikaanse interventie in de moslimwereld op paradoxale wijze de steun en status van radicale islamisten heeft verhoogd, terwijl de sympathie voor de VS in sommige Arabische landen is teruggevallen tot onder de tien procent. Moslims hebben geen hekel aan onze vrijheden, ze haten ons buitenlands beleid.’ Hollande reageert nu net als Bush met een oorlogsverklaring. Het was de inval in Irak, zoals Tony Blair onlangs toegaf, die de omstandigheden creëerde waarin IS kon gedijen.