Een studie in paranoia

Als Matthias Schoenaerts niet de hoofdrol had gespeeld, was Maryland waarschijnlijk niet in de Nederlandse bioscopen uitgebracht. Als Franse soldaat met posttraumatisch stress-syndroom (PTSS) die in de particuliere beveiliging is belandt, krijgt hij alle gelegenheid van Alice Winocour om broeierig en getroebleerd te kijken. De film speelt zich af op een landgoed, een door bewakingscamera’s ommuurde vesting van een Libanese zakenman annex wapenhandelaar wiens trophy wife Schoenaerts moet beveiligen.

Maryland is allereerst een studie in PTSS en paranoia. Of Schoenaerts’ pillen slikkende Vincent zijn eigen grootste vijand is of dat er werkelijk een dreiging van buiten bestaat, is inzet van een suggestief spel. Winocour heeft waarschijnlijk ook nog iets willen zeggen over de bewaker als voyeur. Want Vincents obsessie voor de vrouw des huizes gaat verder dan beroepsdeformatie. Als na een minuut of dertig al die elementen zijn geïntroduceerd, volgt een andere film. Lineariteit wordt ingeruild voor een impressie van een man die vastzit in zijn gedachten. Een boeiend experiment op zich, dat in deze context niet helemaal op z’n plaats valt.