Wie is de familie van de filmmaker?

Filmmakers op het IDFA portretteren graag hun eigen familie. Als kijker kom je heel dichtbij, maar net niet dichtbij genoeg. En dat is geen bezwaar.

Scène uit de film A Family Affair

‘Hallo. Dag mammie. Dag mammie, hallo met Rob. Dag mammie, hallo, hoort u mij? Hoort u mij? Ik wil graag met u praten.” Dat zijn de eerste zinnen van A Family Affair, de nieuwe documentaire van Tom Fassaert, die vanavond het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA) opent. Het ontroert hoe aan een paar van die simpele zinnetjes zoveel is af te lezen. Het kinderlijke ‘Mammie’, het formele ‘u’. De herhaling. De hunkering. De spreker wil contact. Hij wil gehoord worden. Hij wil iets zeggen. Maar wordt er wel geluisterd? We weten het niet. We horen alleen zijn stem over een telefoonlijn die klinkt alsof hij van veraf komt en zien het kalme deinen van de zee. De oceaan die tussen Rob en zijn moeder ligt.

Lees ook: Als je familie één groot theaterspel speelt

De man die we horen is de vader van documentairemaker Tom Fassaert. A Family Affair onderzoekt de band tussen vader Rob en diens moeder. Waarom was die zo vreemd, zo geëxalteerd soms en dan weer zo kil? Hoe kun je als kind, als mens ooit een veilig gevoel krijgen als je steeds maar heen en weer geslingerd wordt tussen aantrekken en afstoten? Wat betekende dat bovendien voor Fassaert zelf, die als kind een tijdlang met zijn ouders bij zijn oma in Zuid-Afrika woonde? Wat houdt dat eigenlijk in: moederschap en oma-zijn? Waarom smachten we er allemaal zo naar, die moeder of oma, die vertrouwde ander die even de telefoon opneemt en zegt: „Hallo, met mij, ik hoor je. Zeg het maar”?

Want dat is niet iets waar alleen Fassaert en zijn vader naar verlangen. Dat is wat ieder mens nodig heeft. Gehoord worden. Gezien. En misschien is het wel nooit genoeg.

Sommige verhalen zijn zo groot dat je ze alleen klein kunt vertellen. A Family Affair is zo’n film die begint als microscopisch egodocument, een videodagboek van een filmmaker die voor de thuiscamera van zijn vader opgroeide, op zijn beurt de zoon van een vrouw die fotomodel was en als kind al eindeloos door haar vader werd gefotografeerd. Alsof deze familie alleen voor de camera kan bestaan. Maar dan ontvouwt zich een verhaal over trauma en de narcistische paradox, die een gebrek aan eigenwaarde met een overdreven zelfbeeld compenseert. De film omspant bijna een eeuw, en reist van Berlijn naar Zuid-Afrika.

Dagboekfilms, egodocumenten en familieportretten behoren, zeker sinds de opkomst van de consumentencamera die van elke huisvader een archivaris maakt, tot een van de belangrijkste documentaire genres. Ze zijn als het ware de tegenvoeter van de journalistieke en historische onderzoeksfilms die het gezicht van de non-fictiefilm domineren. Ze onderzoeken ook, maar in plaats van naar buiten, de wereld in, gaan ze naar binnen, de voordeur door. En ontdekken daar vaak dezelfde mechanismen die het handelen van mensen op het wereldtoneel bepalen. Kwestie van microkosmos versus macrokosmos.

Een onuitgesproken geschiedenis

Elk jaar vertoont IDFA wel een aantal van dit soort films. Naast A Family Affair vallen bijvoorbeeld A Strange Love Affair with Ego van Ester Gould op, No Home Movie van de in oktober gestorven Chantal Akerman en Beyond My Grandfather Allende. In die laatste films probeert Marcia Tambutti Allende, de kleindochter van de bij een staatsgreep vermoorde Chileense president Salvador Allende, via spaarzame familiefoto’s en gesprekken met familieleden het verhaal over de mens achter de iconische politicus naar boven te halen.

Alle vier zijn het films die een onuitgesproken familiegeschiedenis of trauma zichtbaar willen maken. De kracht van alle vier de films is dat ze zich bewust zijn van hun cruciale ontoereikendheid. We komen heel dichtbij, maar nooit dichtbij genoeg. De poging van de hoofdpersonen (en de makers) om greep te krijgen op hun eigen leven schiet altijd in sommige opzichten tekort. Maar dat streven blijft universeel en is misschien ook wel essentieel voor ons mens-zijn.

Chantal Akerman noemde haar laatste film niet voor niets No Home Movie. De cineast en multimediakunstenaar die bekend werd met films die de rol van de vrouw in het filmbeeld en haar eigen positie als Joodse filmmaakster ondervragen, richt in No Home Movie de camera op haar moeder Natalia, een Poolse Auschwitz-overlever die model stond voor de huisvrouw in haar doorbraakfilm Jeanne Dielman, 23, quai du Commerce, 1080 Bruxelles (1975). Maar het is, zoals de titel zegt, geen ‘home movie’. Hoe intiem de beelden ook zijn, in het geval van Akerman blijft de camera altijd op afstand, ongemakkelijk, schuchter, alsof er een onzichtbare barrière is, alsof de grens tussen privaat en publiek nooit echt kan worden geslecht. Akermans film is een film over het ‘nee’, over de ‘film’, maar ook over het ‘thuis’ uit de titel. Steeds meer ging haar werk over een fundamentele vorm van ontheemding, alsof wat we in haar films zien ons juist verder van de geportretteerde personen en situaties afbrengt.

Op hun eigen manier reflecteren de films ook allemaal op het medium film zelf als narcistische spiegel. Misschien is dat wel de reden waarom Ester Gould in A Strange Love Affair with Ego ervoor koos om het postume portret van haar zuster Rowan alleen te schilderen met beelden van anderen. Net zoals Fassaert geeft Gould een inkijkje in het leven van een familielid met een narcistische persoonlijkheidsstoornis, maar de enige persoonlijke documenten die ze gebruikte, waren snippers van brieven die ze van haar zus ontving. Aan de hand van kleine portretjes van andere, sterke vrouwen ontdekt ze dat er in elke Icarus die naar de zon reikt, iemand schuilt die bang is om te vallen.

Correctie

In Wie is de familie van de filmmaker? (Twee, 18/11, p. 2) is sprake van de „bij een staatsgreep vermoorde Chileense president Salvador Allende”. Bij een autopsie in 2011 is vastgesteld dat sprake was van zelfdoding.