Column

Stiekeme dingen

Het was vorige week de week van de hoed van Depay, het plan van Cruijff en het lek van Samsom. Welkom in dolhuis Nederland – nooit een dull moment. Volgens de regels van dit huis zal ik de affaires in volgorde van belangrijkheid afwerken, te beginnen dus met de hoed die zoveel verdeeldheid in ons volk zaaide.

Als ik het goed heb begrepen, was de stemming in Nederland eerst tégen de hoed en vervolgens vóór omdat ieder mens het recht heeft zich te kleden zoals hij wil. Zelf vond ik Depay die hoed wel schattig staan, toen ik er hem voor het eerst in Noordwijk mee zag binnenkomen.

Wél schrok ik van die reusachtige, kleurige sjaal die hij bij die gelegenheid als een soort sjerp om zijn hals had geslagen; hij verzoop erin en leek wel een illegale asielzoeker uit tropische contreien die zich wapent tegen de bittere kou van het lage land.

Daarom was het een hele verbetering dat hij die sjaal bij het volgende bezoek had thuisgelaten. De hoed die hij nu op had, hoorde meer bij een Texaanse countryzanger dan bij een profvoetballer uit een Engelse industriestad, maar mij laat het verder onverschillig, al zou hij een getatoeëerd condoom over zijn kop trekken.

Het enige wat ik graag van Depay wil zien, zijn goede voorzetten en schoten, maar juist daaraan ontbreekt het al maandenlang deerlijk. En misschien heeft dat op een indirecte manier wel degelijk met die opvallende uitdossing te maken. Ik vermoed dat Louis van Gaal, zelf meer een man van de gebreide sok en de lange onderbroek, hem daarom al weken op de reservebank zet.

Komen we bij Johan Cruijff, mijn held, zolang hij zich niet met Ajax bemoeit. Voorlopig doet hij dat nog wel met zijn ‘plan’, zodat de toestand bij Ajax even chaotisch is geworden als het taalgebruik van Cruijff. Wat opvalt is dat Cruijff bij Ajax steeds mensen in de top benoemt die zich vervolgens in recordtijd volledig tegen hem keren. Dat zal geen toeval zijn. Kennelijk taant hun vertrouwen snel zodra ze met hem moeten samenwerken.

Ook de oud-spelers (Van der Sar, Bergkamp, Overmars) die hij naar voren schoof, steunen hem niet meer. „De enige die regelmatig belt is Jonk”, zei Cruijff tegen De Telegraaf. Het klonk sneu.

Nu de directie ook van Jonk afwil, dreigt hij alweer met een nieuwe revolutie: „Als het misgaat, kunnen we weer terug naar de leden en de fans, want die moeten het uiteindelijk bepalen. Ajax is van de mensen en niet van een paar bestuurders.” Hij bedoelt: Ajax is van Cruijff. Maar welke competente mensen willen hem daar nog langer in steunen?

Ik zat dit alles overijverig op te schrijven, toen mij een scherpe vraag als een dolk in de rug werd gestoken: „Weet jij of Diederik gelekt heeft?” Het was mijn vrouw, een even nieuwsgierig als ongerust PvdA-lid, die deze week pijnlijk verrast werd door de ontwikkelingen rond de commissie-stiekem. Als het niet de peilingen zijn, dan zijn het wel de lekkages die deze partij bedreigen.

„Als NRC-medewerker kan en mag ik daar geen mededelingen over doen”, antwoordde ik, „je zult de resultaten van het onderzoek moeten afwachten.” „Doe niet zo flauw”, zei ze, „je weet toch dat je mij kunt vertrouwen”.

Ik aarzelde, leunde voorover en fluisterde haar iets in het oor, want je weet nooit of de AIVD meeluistert. „O ja?” zei ze verbaasd, en ze schonk me een ondeugend glimlachje, zoals wel meer mensen doen die met stiekeme dingen bezig zijn.