‘Parijs’ haalt Poetin uit zijn isolement

Onder druk wordt alles vloeibaar: het Westen zoekt na ‘Parijs’ ineens toenadering tot Rusland om samen de strijd aan te binden met IS.

De G20 in Antalya. Foto Kayhan Ozer / Reuters

Sinds gisteren is er weer een as Moskou-Parijs. Voor het oog van Russische televisiecamera’s gaf president Poetin zijn generale staf het bevel voortaan met de Franse strijdkrachten samen te werken als „bondgenoten”. Tegelijkertijd voerde Rusland het aantal luchtaanvallen op IS gisteren flink op. Poetin is nu waar hij al langer wilde zijn: in het centrum van de Syriëcrisis. De bomaanslagen van Islamitische Staat in Parijs en op het Russische vliegtuig boven de Sinaïwoestijn hebben de slechte verhoudingen tussen Rusland en het Westen, die anderhalf jaar lang van kwaad tot erger gingen, in twee weken op hun kop gezet. In het voetspoor van Frankrijk zoeken nu ook de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk contact met Rusland.

Poetin nam daar eind september al een voorschot op. Hij nam toen de naam van Hitler in de mond om zijn idee kracht bij te zetten dat er behoefte is aan een hedendaagse variant van de coalitie die Jozef Stalin, Franklin Roosevelt en Winston Churchill in 1941 tegen het fascistische Duitsland sloten, ondanks hun onderlinge ideologische vijandschap. Alleen met een nieuwe ‘anti-Hitlercoalitie’ zou de terreur van IS een halt kunnen worden toegeroepen, hield Poetin de algemene vergadering van de VN in New York voor. Net zoals driekwart eeuw geleden „kan nu een coalitie ook de verscheidene krachten aaneensluiten die bereid zijn zich te weer te stellen tegen het kwaad en de mensenhaat, zoals ooit gebeurde tegen de nazi’s”, aldus Poetin.

Poetin bij de VN:

Tête-à-tête

Maandag kreeg zijn antiterreurcoalitie een gezicht in de Turkse badplaats Antalya. Vladimir Poetin, Barack Obama, de Franse minister Laurent Fabius (Buitenlandse Zaken) en andere politieke leiders van de twintig grootste economieën ter wereld zagen elkaar daar tijdens een G20-top. Ruim twee etmalen na de aanslagen in Parijs hadden Poetin en Obama er een tête-à-tête over hun interventies tegen IS. Wendden ze zich bij eerdere tops ostentatief van elkaar af, nu waren ze echt in gesprek. Vanuit Parijs mengde president François Hollande zich erin. „We kunnen onze krachten verenigen om resultaten te boeken die te lang zijn uitgebleven”, zei Hollande in zijn toespraak in Versailles. Hij gaat volgende week donderdag naar Moskou voor beraad met Poetin. Gisteren zei de Britse premier David Cameron dat het Verenigd Koninkrijk ook gaat meedoen en bezig is met een „alomvattende strategie tegen IS”. Zo hebben ook de twee hardnekkigste critici van Rusland het Kremlin nu nodig, al is het maar om te voorkomen dat zowel de oorlog in Syrië als de vluchtelingenstromen naar Europa oncontroleerbaar blijft.

In anderhalve maand lijkt zich zo een omslag te voltrekken in de impasse die door de Oekraïense crisis zijn climax bereikte. In september reageerde Obama bij de VN nog sceptisch op Poetin. De Amerikaanse president concludeerde toen, nadat hij de hulp aan Assad, de annexatie van de Krim en de steun aan de rebellen in Oekraïne had bekritiseerd: „Gevaarlijke tendensen brengen het risico met zich mee dat we een donkerder en meer wanordelijke wereld in worden getrokken.” Op de G20-top in Antalya zei dezelfde Obama maandag: „IS is het gezicht van het kwaad. We zijn verenigd tegen deze dreiging.”

Het bleef niet bij woorden. In Moskou ging de legerleiding een dag later tot concrete actie over. Van de vliegbasis Mozdok in de Kaukasus stegen gistermorgen maar liefst 25 Toepolevs op om gronddoelen in Syrië te treffen. Op deze langeafstandsbommenwerpers volgde de lancering van kruisraketten richting Aleppo en Idlib. Zo’n actie was al eerder ondernomen. Op 7 oktober werden al kruisraketten vanuit de Kaspische Zee afgevuurd, een operatie die ook bedoeld leek om Poetins 63ste verjaardag op te luisteren.

Speculeren over een bestand

Maar nu was de Amerikaanse reactie positiever dan een maand geleden. Minister John Kerry van Buitenlandse Zaken, op bezoek bij Hollande in Parijs, schetste liever het wenkende perspectief van een wapenstilstand in Syrië. „Iran en Rusland zijn er klaar voor, en de Verenigde Staten ook”, aldus Kerry. De vorige keer verweet hij de Russische luchtmacht vooral dat ze niet alleen terroristische stellingen van IS en Al-Nusra bestookte, maar ook gematigde anti-Assadmilities in Syrië. Dat Kerry nu over een bestand speculeerde, zou erop kunnen wijzen dat de Russen openingen bieden om de positie van president Assad op langere termijn ter discussie te stellen.

Niets is zeker. Maar feit is wel dat Poetin op andere terreinen ook ‘beweegt’. Na de G20-top maandag maakte de Russische president in zijn eigen woorden „onverwachts” bekend dat hij bereid is Oekraïne meer tijd te geven voor het terugbetalen van zijn schulden. Omgekeerd heeft Moskou er volgens de Britse krant The Guardian wel iets voor teruggekregen. Obama zou in zijn gesprek met Poetin in Antalya wel het Russische Oekraïnebeleid ter sprake hebben gebracht, maar niet de annexatie van de Krim. Westers zwijgen daarover is Poetin veel waard. Het verkleint zijn isolement, van belang in deze tijd van economische recessie in Rusland.

Amerika en Europa hebben tot nu toe in het Midden-Oosten weinig bereikt en gaan nu bij Rusland militair te rade. Rusland kan niet zonder de economische samenwerking met het Westen. De bomaanslagen van IS van de afgelopen weken hebben zo de weg vrijgemaakt voor het cliché dat ‘onder druk alles vloeibaar wordt’.

Vorig jaar leek Poetin bij de G20 nog geïsoleerd. Bekijk de slideshow.

Lees ook: Met wie kan Vladimir Poetin straks nog praten?