Kritiek op toetsen topbestuurders door DNB

Scheidend topman van Delta Lloyd voorziet belangenverstrengeling door nieuwe manier van examen afnemen bij DNB.

Jean Frijns

Door onze redacteuren en Chris Hensen

De wijziging die toezichthouder De Nederlandsche Bank onlangs heeft doorgevoerd in de ‘examens’ voor topbankiers en -verzekeraars, is onzinnig. De maatregel vergroot het risico dat DNB de toetsen bevooroordeeld afneemt.

Dat zegt Jean Frijns, tot vorige maand president-commissaris van verzekeraar Delta Lloyd. Frijns geldt als een autoriteit op het gebied van goed ondernemingsbestuur. Zijn raad van commissarissen spande vorig jaar een rechtszaak aan tegen DNB waarin de examenpraktijk centraal stond.

DNB heeft sinds de crisis de bevoegdheid om bestuurders en commissarissen van financiële instellingen te toetsen op hun geschiktheid. Zij kan iemand hertoetsen als zij daartoe aanleiding ziet. Wie het examen niet haalt, moet weg. Dat gebeurde vorig jaar met financieel directeur Emiel Roozen van Delta Lloyd. Ook gaf DNB Delta Lloyd een recordboete (23 miljoen euro), wegens handel op basis van vertrouwelijke informatie.

Op toetsingen is veel kritiek vanuit de financiële sector. DNB is regelgever, aanklager en rechter tegelijk, zeggen veel bestuurders en commissarissen. Ook klagen zij dat de examens vaak worden afgenomen door jonge beleidsmedewerkers, die geen ervaring hebben op hoog bestuurlijk niveau.

Onlangs kondigde directeur toezicht Jan Sijbrand aan dat DNB met dat laatste stopt. De toetsing gebeurt voortaan uitsluitend door senior medewerkers van DNB, onder wie divisiehoofden. Dat leek een concessie naar aanleiding van de Delta Lloyd-zaak. De rechter oordeelde dat DNB terecht een boete had opgelegd, maar laakte het negatieve eindoordeel over Roozen. Dat was slecht onderbouwd.

Volgens Frijns is deze wijziging „verkeerd”. „Het is niet erg als jonge mensen de toetsingen doen, zolang ze maar professioneel zijn.” Dat DNB de examens nu nog vaker laat afnemen door afdelingshoofden, noemt hij „bezwaarlijk”. De afdelingshoofden zijn tevens toezichthouders. „Daardoor ontstaat allicht de verdenking dat de toetsingspraktijk niet losstaat van de toezichtervaringen.” Hij vreest verlies aan objectiviteit.

Frijns pleit voor een onafhankelijke partij die de examens afneemt, om belangenverstrengeling tegen te gaan. Hij zegt spijt te hebben van de rechtszaak. En ontraadt commissarissen in eenzelfde situatie de gang naar de rechter. „Het was een inschattingsfout. We moeten onszelf de schuld geven.” Collega’s kunnen maar beter „toegeven” aan DNB.