Alsof m’n hersens verdoofd zijn

Wie: Chris Scuric (30)

Waar: Woont samen met zijn vriendin en dochtertje van anderhalf in Heerlen.

Hoe werd hij ziek? „Opeens had ik koorts, zo rond Pasen 2009. Ja, denk je dan, koorts, dat kan een keer gebeuren. Maar alles veranderde toen mijn ouders een brief kregen dat de dieren op een geitenboerderij in Ransdaal besmet waren. Mijn zus met een verstandelijke beperking kwam daar tweemaal per week op de dagbesteding. Ik had haar opgehaald, samen met de kleren die ze had gedragen op de boerderij.

„Dus dan ga je naar de huisarts. Ik zie die man me nog aankijken. ‘Q-koorts?’ vroeg hij. ‘Wat is dat?’ Uiteindelijk heeft de GGD me getest en kreeg ik niet veel later een telefoontje. Ik had Q-koorts. Ik wist toen nog helemaal niet wat dat kon betekenen. De eerste maanden ging het ook wel goed. We zijn die zomer nog op vakantie gegaan.

„Daarna ging het mis. Ik werd moe van dingen die je als 25-jarige gewoon moet kunnen. Als ik 300 meter had gelopen, verzuurden al mijn spieren en leek het wel alsof ik een marathon had gerend. Toen zijn ze me verder gaan testen en bleek ik het Q-koortsvermoeidheidssyndroom te hebben. Dat moet ooit weer overgaan, maar nu, ruim zes jaar later, denk ik dat ik nooit meer de oude zal worden.”

Wat volgde. „Ik woonde samen in Heerlen en studeerde bouwkunde aan de TU Eindhoven. De route leek zo simpel, papiertje halen en dan een leuke baan. Na de Q-koorts veranderde alles. Het lijkt alsof mijn hersens verdoofd zijn. Als ik een recept uit een kookboek maak – nou, veel sterkte, want ik sla gewoon stappen over.

„Studeren ging echt niet meer. Ik heb het nog wel geprobeerd, maar dan las ik een tentamen terug en had ik alles door elkaar gehusseld. Opgave 2 stond bij opgave 6. Fietsen naar de stad ging niet, laat staan met het openbaar vervoer naar Eindhoven.

„Toch denk ik nooit: hoe zou ik zijn geweest zonder de Q-koorts? Ik ben wie ik ben, heb mijn eigen bedrijfje, een auto-importservice. Soms heb ik veel afspraken op een dag en moet ik een week bijkomen. Maar ik geef het niet op. Je moet toch een manier vinden om verder te gaan. Want wat moet ik anders? Me bij het UWV melden?

„Mijn vriendin is bij me gebleven, we hebben nu zelfs samen een dochtertje van anderhalf. Mijn vriendin is eigenlijk gefrustreerder over de Q-koorts dan ik. Ze maakt zich zorgen over het onzekere verloop van de ziekte.

„Ik kan sommige dingen gewoon niet. Laatst wilde ik ons dochtertje verschonen en toen viel ik ineens om. Het was te veel voor mijn lichaam, al mijn spieren verkrampten. Daar lag ik dan in de hoek van de kamer. Toen heb ik gehuild. Van de pijn, maar ook omdat ik dacht: daar lig je dan, wéér terug bij af. Die verstikkende wetenschap dat het nooit stopt.

„Laatst ging ik met vrienden bowlen. De minst vermoeiende sport ter wereld. Ik begon met drie strikes, stond meteen tweede op de ranglijst. Daarna schoten mijn armen vol en speelde de vermoeidheid op. Ik raakte niks meer en zag mezelf op het scorebord langzaam naar beneden zakken. Zo is het nu eigenlijk in mijn leven. In de meeste dingen eindig ik onderaan.”

Waarom de rechtszaak? „Ik ben helemaal niet van de claimcultuur, het moet hier geen Amerika worden. Dit gaat ook niet om het geld. Ik vind gewoon dat een rechter nu eens moet bepalen of dit voorkomen had kunnen worden, ja of nee.

„Het gevoel dat ik niet ziek had hoeven worden als op tijd was ingegrepen, blijft knagen. De overheid zet een pokerface op, maar ik wil antwoorden. Door de Q-koorts is mijn leven abrupt een andere kant op gedwongen. Ik wil weten of dat anders had gekund. Het zal wel jaren duren, maar hopelijk komt er ooit duidelijkheid.”