Hoe veilig is de autopiloot van deze drone?

Kunnen drones op eigen kracht een botsing voorkomen? Dat onderzoekt de Amerikaanse luchtvaartautoriteit deze week. De resultaten zijn cruciaal voor toekomstige commerciële toepassingen van drones, zoals pakketbezorging.

Foto EPA

Jeff Bezos’ deadline is bijna verstreken. Een kleine twee jaar geleden presenteerde de topman van Amazon in het Amerikaanse nieuwsprogramma 60 minutes de ‘Octocopter’, een drone waarmee het internetbedrijf aan het testen was geslagen. Bezos’ voornemen: vanaf 2015 zou Amazon in de Verenigde Staten zo boeken aan de deur gaan bezorgen.

Maar daarvoor is toestemming van de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten FAA nodig. Vlak voor het verstrijken van 2015 lijkt die een stap dichterbij te komen. Deze week zijn in de staat North Carolina een reeks testen gestart die de droom van Bezos - en met hem een flink aantal andere bedrijven die drones commercieel willen inzetten - kan maken of breken.

Autonoom

De centrale vraag die deze tests moeten beantwoorden: kunnen drones autonoom opereren? De huidige regels van de FAA omtrent het commercieel gebruik van drones vereisen dat het onbemande vliegtuigje in het zicht blijft van de bestuurder. Ontstaat er een onveilige situatie, zoals het naderen van een vliegtuig, dan kan de bestuurder ingrijpen.

Lastig, voor wie pakketjes - zoals Amazon, maar ook Alphabet en Walmart - over een afstand van vele kilometers wil bezorgen. De reeks testen die de FAA nu laat uitvoeren door het Amerikaanse PrecisionHawk, een bedrijf gespecialiseerd in software voor drones, moet uitwijzen of technologie de waakzame rol van een menselijke bestuurder kan overnemen.

De keuze voor PrecisionHawk is niet toevallig, schrijft MIT Technology Review. Het bedrijf ontwikkelt momenteel een systeem, LATAS genaamd, dat ervoor zorgt dat drones automatisch actie ondernemen (denk: landen of omdraaien) wanneer het verboden terrein als een luchthaven nadert. Óf wanneer plotseling een vliegtuig verschijnt.

Mens versus drone

De eerste om deze week het reactievermogen van drones met het LATAS-systeem te testen, is een gemotoriseerde paraglider. Gekeken zal worden hoe dicht hij de drone, die in het begin nog binnen het zicht van de bestuurder zal blijven, kan naderen voordat de bestuurder hem oppikt en reageert. Bij latere tests zal het systeem moeten reageren; eerst in het zicht van een bestuurder, later ook daar voorbij. Tyler Collins van PrecisionHawk tegen MIT:

“We want to measure the ability of a person flying the drone looking for airspace hazards visually against letting the drone make some decisions.”

PrecisionHawk is overigens niet de enige partij met wie de FAA samenwerkt. Onder de noemer ‘Pathfinder’ voeren ook nieuwszender CNN (de inzet van drones bij nieuwsgaring), spoorbedrijf BNSF (de inzet van drones bij het inspecteren van spoorwegen) en technologieconcern CACI (drones detecteren die te dichtbij luchthavens komen) tests uit. Het oorspronkelijke doel van PrecisionHawk: de inzet van drones door boeren die hun gewassen willen monitoren.

Als de tests succesvol blijken, is dat ook goed nieuws voor Amazon, dat de afgelopen twee jaar flink investeerde in zijn droneprogramma Prime Air. Dit voorjaar kreeg Amazon “eindelijk” toestemming van de FAA om zijn drones in het Amerikaanse luchtruim te mogen testen. Máár: binnen het vizier van de bestuurder. Van dat vereiste wil het graag af.

Spoiler voor Bezos: mochten de testen goed verlopen, dan zal een officiële toestemming van de FAA op zijn vroegst pas in de loop van 2016 volgen. Genoeg tijd om zijn Octocopter verder te finetunen.

De Nederlandse regelgeving

In Nederland mogen drones niet hoger dan vijftig meter vliegen en niet verder dan honderd meter van de bestuurder komen. Ook moeten drones minstens vijftig meter afstand houden van mensen, gebouwen en andere onbemande toestellen. Sinds 1 oktober van dit jaar hoeven commerciële partijen voor het gebruik van ‘mini drones’ (maximaal 4 kilo) geen vergunning en ontheffing meer aan te vragen.