Kritiek op toetsen van topbankiers door DNB

‘Verplichte examinering bankiers mogelijk bevooroordeeld’

Jean Frijns Foto Andreas Terlaak

De wijziging die toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) onlangs heeft doorgevoerd in de omstreden ‘examens’ voor topbankiers en -verzekeraars, is onzinnig. De maatregel vergroot het risico dat DNB de toetsen bevooroordeeld afneemt.

Dat zegt Jean Frijns, tot vorige maand president-commissaris van verzekeraar Delta Lloyd, in een interview met deze krant. Frijns geldt als een autoriteit op het gebied van goed ondernemingsbestuur. Zijn raad van commissarissen spande vorig jaar een rechtszaak aan tegen DNB waarin de examenpraktijk centraal stond.

DNB heeft sinds de crisis de bevoegdheid om bestuurders en commissarissen van financiële instellingen te toetsen op hun geschiktheid. De toezichthouder kan iemand hertoetsen als hij daar aanleiding toe ziet. Wie het examen niet haalt, moet weg. Dat gebeurde vorig jaar met de financieel directeur van Delta Lloyd, Emiel Roozen. Ook gaf DNB toen een recordboete (23 miljoen euro) aan Delta Lloyd, wegens handel op basis van vertrouwelijke informatie.

Op toetsingen is veel kritiek vanuit de sector. DNB is regelgever, aanklager en rechter tegelijk, zeggen veel bestuurders en commissarissen. Ook klagen zij dat de examens vaak worden afgenomen door jonge beleidsmedewerkers, die geen ervaring hebben op hoog bestuurlijk niveau.

Onlangs kondigde Jan Sijbrand, directeur toezicht, aan dat DNB met die laatste praktijk stopt. De toetsingen van belangrijke bestuurders en commissarissen worden voortaan uitsluitend gedaan door senior medewerkers van DNB, onder wie divisiehoofden. Dat leek een concessie naar de critici naar aanleiding van de Delta Lloyd-zaak. De rechter oordeelde dat DNB terecht een boete had opgelegd, maar laakte de aftoetsing van Roozen. DNB had die slecht onderbouwd.

Volgens Frijns is deze wijziging echter „verkeerd”. Hij vindt: „Het is niet erg als jonge mensen de toetsingen doen, zolang ze maar professioneel zijn.” Dat DNB de examens nu nog meer laat afleggen door afdelingshoofden, noemt hij „bezwaarlijk”. De afdelingshoofden zijn tevens toezichthouders. „Daardoor ontstaat allicht de verdenking dat de toetsingenpraktijk niet losstaat van de toezichtervaringen.” Hij vreest verlies aan objectiviteit.

Frijns pleit net als andere critici van het beleid voor een onafhankelijke partij die de examens moet afnemen om belangenverstrengeling tegen te gaan.

Frijns zegt verder spijt te hebben van de rechtszaak. Hij ontraadt commissarissen in eenzelfde situatie naar de rechter te stappen. „Het was een inschattingsfout. We moeten onszelf de schuld geven.” Collega’s kunnen maar beter „toegeven” aan DNB.