Wat doet Nederland in de strijd tegen IS?

Nederland doet half mee aan de strijd tegen IS: wel in Irak, niet in Syrië. Sinds september vorig jaar is Nederland deel van de coalitie die IS-doelen bombardeert. Maar terwijl Frankrijk en Australië hun missie onlangs uitbreidden door ook boven Syrië aanvallen uit te gaan voeren, schroefde het kabinet-Rutte II de inzet juist terug. Nederland heeft nog slechts vier in plaats van zes F-16’s in het gebied en die straaljagers mogen alleen boven Irak optreden.

In Irak voert Nederland wel een behoorlijk deel van de bombardementen uit. Het ministerie van Defensie spreekt van „ruim duizend keer wapeninzet” sinds het begin van de missie. Dat zijn twee à drie acties per dag. Daarnaast trainen Nederlandse militairen Koerdische strijders in Erbil, en special forces van het Iraakse leger in Bagdad.

De kwestie-Syrië is controversieel tussen de coalitiepartijen: VVD wil de bombardementen liefst uitbreiden en IS ook „op eigen helft” in Syrië bestrijden, zegt VVD-Kamerlid Han ten Broeke. De PvdA maakt op meerdere punten een voorbehoud.

In eerste instantie was het PvdA-argument dat een ‘volkenrechtelijk mandaat’ ontbrak voor aanvallen op Syrië. Inmiddels heeft het kabinet vastgesteld dat zo’n mandaat er wel is, omdat IS vanuit Syrië ook aanvallen elders beraamt. Ook zijn VVD en PvdA het erover eens dat Syrië en Irak militair gezien één strijdtoneel zijn. Maar de PvdA wil niet bombarderen zonder uitzicht op een politieke oplossing voor Syrië. De gesprekken daarover in Wenen bieden daar nog geen concreet zicht op.