Zlatan, genie tussen Ikea-spelers

In de strijd om een plek op het EK voetbal verdedigt Zweden morgen een 2-1 voorsprong. Alles draait om Ibrahimovic.

De Deense verdediger Simon Kjaer reageert op een schot van Zlatan Ibrahimovic tijdens de play-off wedstrijd voor het EK van volgend jaar. Foto JONATHAN NACKSTRAND/AFP

Irritaties in een hotelkamer bij het WK van 2002 in Japan en Zuid-Korea. Het 20-jarige Zweedse supertalent Zlatan Ibrahimovic deelt een kamer met zijn oerdegelijke leeftijdgenoot, reservedoelman Andreas Isaksson. Die wil al om negen uur slapen. „Wat is dat nou? Slapen om negen uur?”, schampert Ibrahimovic in zijn biografie Ik, Zlatan. Veel te vroeg, vindt hij.

Isaksson schrikt wakker als de telefoon van Ibrahimovic weer eens afgaat . „Godverdomme Zlatan”, roept de keeper. Ze krijgen ruzie. Ibrahimovic, met zijn typische straattaal: „Als je je mond nog een keer opendoet, smijt ik je bed door het raam.” Ze zitten op de twintigste verdieping. De volgende dag besluit de teamleiding van de Zweedse ploeg Ibrahimovic een eigen kamer te geven.

Zlatan Ibrahimovic, de soms zo geniale gek in een team met ideale schoonzoons. Hij, de jongen die opgroeide in de rauwe achterstandswijk Rosengard in Malmö als zoon van emigranten uit het voormalige Joegoslavië: zijn vader is Bosnisch, zijn moeder Kroatische. Hij is een metselaar die veel bier drinkt, zij is schoonmaakster die haar kinderen slaat met een pollepel. Het gezin valt snel uit elkaar. Structuur ontbreekt in de opvoeding van Ibrahimovic – hij steelt fietsen, ruziet met teamgenoten en heeft problemen op school.

Nee, dan zijn ploeggenoten in zijn jeugdteams. Nette, brave Zweedse jongens, die niks verkeerds doen. „Ik had geen vader in de buurt die me verdedigde of die de duurste kleren voor me kocht” schrijft Ibrahimovic in zijn biografie. „Ik moest mezelf maar zien te redden. Overal stonden die chique Zweedse vaders en hun kakzonen uit te leggen waarom ik het verkeerd deed.”

Hij trekt zich er niks van aan, want hij wil „anders zijn”. „Die Zweden konden me geen moer schelen.” Brazilië, daar keek hij naar als ventje, grootheden als Bebeto, Romário en Ronaldo. Niks Zweedse degelijkheid, Braziliaanse trucjes, dat probeerde Ibrahimovic uit op de pleintjes van Rosengard.

Zijn zestigste interlandgoal

Afgelopen zaterdagavond in Solna, de eerste play-offwedstrijd tussen Zweden en Denemarken voor een EK-ticket volgend jaar, met een Ibrahimovic (34) op toeren. De aanvoerder wijst, vloekt, sleurt, goochelt met de bal, combineert en deelt een tikje uit met zijn elleboog.

Kort voor rust, een vrije trap die hij zelf versiert. Hij vuurt, zoals hij dat kan: met dynamiet, rechts hoog in de hoek – geweldige redding van de Deen Kasper Schmeichel – zoon van oud-keeper Peter Schmeichel.

Na rust een strafschop, de druk op Ibrahimovic. Geen twijfel, hard in de linkerhoek. Zijn zestigste goal in 110 interlands. Kort voor tijd wordt hij gewisseld, Ibra is buiten adem. „Ik heb geprobeerd me te focussen op de wedstrijd. Maar dat was moeilijk”, zegt Ibrahimovic, spits bij Paris Saint-Germain, gevraagd naar de aanslagen in Parijs. Zweden wint met 2-1, morgen is de return in Kopenhagen.

Die wedstrijd kan wel eens beslissend zijn voor zijn interlandtoekomst. Mocht Zweden niet naar het EK gaan, dan bestaat de kans dat hij stopt als international, zo speculeerde hij vorige week. Bij het volgende toernooi, het WK in 2018 in Rusland, zou Ibrahimovic bijna 37 zijn. Mocht hij straks stoppen, dan is dat in het voordeel van Oranje: Zweden zit in dezelfde groep voor de WK-kwalificatie.

Ibrahimovic draagt de nationale ploeg op zijn oude dag. Hij heeft de pech de enige sterspeler te zijn in een ploeg met welwillende dravers. Ibrahimovic, genie tussen Ikea-spelers. „Ja, we zijn bijna net zo slecht als het Nederlandse team. Sorry voor het inwrijven”, zegt de Zweedse filmmaker Magnus Gertten per telefoon.

Hij maakte samen met zijn broer Fredrik Gertten de documentaire Becoming Zlatan, die komende zondag in première gaat op het IDFA-filmfestival in Amsterdam. De docu laat de turbulente opkomst zien vanaf zijn debuut bij Malmö FF in 1999, via Ajax en zijn internationale doorbraak bij Juventus in 2004.

Ibrahimovic heeft een haatliefde verhouding met het Zweedse team. Hij werd ooit weggestuurd toen hij te laat terugkwam in het hotel, was meerdere periodes niet beschikbaar, maakte bizarre goals – maar kon op de toernooien nooit doorstoten met Zweden. Vorig jaar ontbraken ze op het WK.

Op eenzaam niveau

Zweden heeft een slechte generatie voetballers, zegt Gertten. „Ibrahimovic staat op eenzaam niveau in dit team. Dat is een probleem, want wat gebeurt er als hij stopt als international?” Wel zit er nieuw talent aan te komen. Afgelopen zomer werd Zweden Europees kampioen onder 21 jaar. Het is een lichting waar meer jonge spelers tussen zitten met een immigrantenachtergrond, zegt Gertten. „Ibrahimovic heeft een pioniersfunctie voor deze spelers.”

Verrassende, avontuurlijke spelers – dat is precies wat Zweden nodig heeft, als je de lijn van Ibrahimovic volgt in zijn boek. „Ik geloof niet in braveriken”, schrijft hij. „Ik bedoel, wat is er terechtgekomen van de jongens in de jeugdploeg van Malmö die altijd braaf waren? Worden daar boeken over geschreven?”