De horror die ze hebben doorstaan kan niemand zich inbeelden

Overlevenden krijgen een kalmeringsmiddel en vertellen in dekens gehuld wat ze meemaakten. “Die schoten, ontploffingen, kreten. Het duurde zo lang.”

Theater Bataclan in Parijs, waar een gijzeling plaatsvond en mogelijk honderd mensen om het leven kwamen. Foto EPA / Yoan Valat

“Dat geschreeuw van de meisjes. Dat ga ik nooit vergeten. Dat hoor ik al de hele avond.” Sylvain (40) staat voor het stadhuis van het elfde arrondissement van Parijs. Het is halfvier zaterdagochtend. “Het is gewoon onwezenlijk. Inimaginable”, mompelt hij voor zich uit terwijl hij zich wat strakker wikkelt in de goudkleurige isolerende folie en zijn hoofd heen en weer schudt.

Sylvain, die zijn achternaam niet wil geven, is een van de vele honderden toeschouwers die de RAID, de gespecialiseerde eenheid van de Franse politie uit de concertzaal Bataclan kon bevrijden. In die zaal waar de Californische groep Eagles of Death Metal optraden, vermoordden, voor zover we nu weten, vier terroristen misschien wel een tachtigtal, meestal jonge, mensen en verwondden ze er vele tientallen anderen. Op vijf andere plekken in Parijs en bij het Stade de France vielen nog eens een veertig doden en tientallen gewonden.

“Ik had geluk dat ik op het balkon stond”, aldus Sylvain. “De meeste slachtoffers vielen in de zaal. Ik heb de terroristen niet zien binnenkomen. Maar plots, het concert moet zowat drie kwartier bezig zijn geweest, hoorde ik de schoten en zag ik dat mensen in paniek raakten en neervielen. Ik wist onmiddellijk dat het erg was. Ik kon me verstoppen in een loge met drie andere mensen. Het duurde zo lang. Uren. En die kreten van die nanas, die meisjes… Het was de hel. L’enfer. Een nachtmerrie.”

Ook Melissa (24) stapt gewikkeld in een isolerende deken aarzelend en aangeslagen het stadhuis uit. Tientallen bussen van de vervoersmaatschappij RATP brengen hier al uren de geschokte overlevenden van de Bataclan, wat verder op de Boulevard Voltaire, naar toe. Psychologen praten met hen, hulpverleners troosten hen, de armen over hun schouders. De meeste overlevenden krijgen een kalmeringspilletje. Er wordt voor vervoer naar huis gezorgd. Met tranen in de ogen vertelt Melissa hoe ze twee uur lang in een elektriciteitscabine op de eerste verdieping verscholen zat. “Het was verschrikkelijk. Die schoten, ontploffingen, kreten. Het duurde zo lang. Toen de RAID ons bevrijdde werd alles van ons weggerukt. Ze wilden zeker zijn dat wij geen terroristen waren. Mijn telefoon, mijn handtas. Ik heb niks meer. De trui die ik nu aanheb kreeg ik juist van een hulpverlener. Maar ik leef. Ik heb zoveel dode mensen gezien. En al dat bloed in de gangen.”

Dan arriveert er weer een bus van de RATP. Dezelfde holle en grauwe gezichten van jonge mensen waarvan je de verbijstering afleest. Ze staren onwezenlijk voor zich uit terwijl ze door hulpverleners naar binnen woorden geleid. Sommigen huilen en houden elkaar vast. De horror die ze hebben doorstaan kan een buitenstaander zich niet inbeelden.

Een anonieme getuige op France Info vertelt dat de “jonge” terroristen in de Bataclan Frans spraken, “Allahu Akbar” schreeuwden en kreten riepen over de Franse bemoeienis met Syrië en Irak. Volgens de politie bliezen drie van de vier mannen zichzelf op toen de politie de concertzaal bestormde. De vierde werd neergeschoten.

Iets verderop is de Boulevard Voltaire afgegrendeld door zwaar bewapende politieagenten. Tientallen voertuigen van politie en hulpdiensten staan voor de concertzaal waar de slachting heeft plaatsgevonden. ‘Eagles’ staat op de verlichte gevel.

De lichamen van de slachtoffers bevinden zich nog in het gebouw. Het onderzoek naar wat juist gebeurde is volop aan de gang. Veel van de hulpdiensten blijken uit departementen buiten Parijs te komen. Een peloton van negen militairen bewapend met machinegeweren patrouilleert op straat. Maar voor de rest zijn de grote boulevards in dit populaire stadsdeel in het oosten van Parijs akelig stil en leeg. Op grote informatieborden roept het stadsbestuur de Parijzenaars op niet de straat op te gaan. Scholen, zwembaden, bibliotheken, gemeentehuizen zullen gesloten zijn deze zaterdag, zo vertellen de borden. Pretpark Eurodisney kondigt op de radio aan het voorbeeld te volgen.

Op de hoek van de Boulevard Voltaire zit een sticker op het straatnaambord. ‘Je suis Charlie’ staat op de sticker. Hier, over deze boulevard, marcheerden in januari François Hollande en andere wereldleiders na die andere aanslag.