Vertrouwen na verbouwen

Vanavond worden de nieuwe muziekzalen van 013 officieel geopend. Lagen er twee weken geleden nog losse planken en emmers met gips, nu is het zoals een poptempel behoort te zijn: de bar is open en de muziek klinkt kraakhelder. 

Foto: Erik Luyten

De grijze mist in de glazen rookruimte wordt steeds dikker. De rokers zelf hoeven eigenlijk niets meer op te steken, zo blauw staat het. De meesten geven het op. Alleen een man met haar tot op z’n billen en een shirt aan met ‘Evil as fukk’ (sic) erop blijft stoïcijns staan. De afzuiging in de rookruimte op deze eerste avond in het verbouwde 013 in Tilburg lijkt voor bezoekers het enige zichtbare mankement, tijdens het concert van de Limburgse volksband Rowwen Hèze. 

De 1.800 bezoekers, waaronder de bouwvakkers die meewerkten aan de verbouwing die gratis naar binnen mogen, staan al snel in lange rijen voor de muntenkassa’s. Maar de munten zijn op. Groepjes Rowwen Hèze-fans kopen gemakkelijk zestig munten tegelijk, ook als ze maar met z’n drieën zijn. Als de band begint blijkt dat de concertgangers niet al het bier opdrinken: bekers bier zweven als vliegvissen over het publiek. De bekervangende zanger van John Coffey zou zich hier omdraaien en vertrekken. Maar het werkt. Het nieuwe 013 werkt. De bars draaien en het geluid is kraakhelder. Er wordt gezongen, gedanst en gedronken. Zoals het hoort.

Stof en gruis

Twee weken eerder. De vloeren van de gangen en zalen in 013 zijn bedekt met stof, gruis, stukken pvc-buis en bouwmaterialen. Delen zijn met linten afgezet, op sommige muren is nog de oude, felrode bewegwijzering te zien. Frens Frijns, de directeur van 013, staat met een helm op en met bouwschoenen aan in de oude kleine zaal, dat de Jupiler-zaal moet worden. Hij klapt in z’n handen. „Ha! Hoor je dat? Het geluid is nu al goed! En dan zijn de wanden nog niet eens bekleed hè.” Frijns legt tijdens de werkzaamheden uit wat er sinds mei al gedaan is om van 013 weer de grootste popclub van het land te maken.

Voor de achteloze concertbezoeker lijkt er niet eens zo veel veranderd. De grote zaal was al groot, de bekende trappen daar zijn er ook nog en ook de balkons, hoewel een stuk langer, hangen er nog. Maar in de grote zaal kunnen voortaan 3.000 concertgangers, in plaats van 2.000. De kleine zaal is van 325 naar 700 mensen gegaan, er zijn rookruimtes bijgebouwd, de ingang is verplaatst, de kantoren zijn opgeknapt, de kleedkamers zijn verbouwd met twee eetruimtes en een fitnessruimte, de ruimte voor laden en lossen is vergroot en in de grote zaal is zo’n beetje alles onder handen genomen: het geluid, het licht, de kleedkamers, de balkons, het podium, en de dansvloer is drie keer zo groot gemaakt. De Tilburgse popzaal moet met dit alles weer een ‘league of their own’ worden, zegt Frijns.

Hij trad aan in 2012, als opvolger van de tijdens zijn vakantie omgekomen Guus van Hove. Eerder was Eindhovenaar Frijns programmamaker bij de Effenaar in die stad, en hij leidde er het STRP Festival. 013 is het vaste huis van festivals als Roadburn en Incubate, en het organiseert met Mojo op de Spoorzone in de stad hiphopfestival WOO HAH! De zaal in Tilburg stond de afgelopen jaren overal hoog in de lijstjes als het gaat om het aantrekken van grote namen en uitstraling – zo was 013 vorig jaar tweede in een verkiezing van 3voor12, na Paradiso. Ook wat bezoekersaantallen betreft zat 013 al in de top, als grootste zelf-programmerende popzaal. Nu na de grote verbouwing tolereren ze wat dat betreft alleen de Amsterdamse kolossen Ziggo Dome en Heineken Music Hall en het Klokgebouw in Eindhoven nog boven zich, waar vooral door andere organisaties muziek wordt geprogrammeerd.

Zeventien jaar na de opening

„Over twee weken wordt hier alweer gespeeld hoor”, verzekert Frijns als hij de grote zaal instapt. Daar staan heftrucks en hoogwerkers. Er liggen planken, emmers met gips en overal lopen bouwvakkers. Het lijkt eerlijk gezegd in niets op een zaal waar over twee weken honderden Rowwen Hèze-fans kunnen staan. Toch wordt vanavond, op de dag af zeventien jaar nadat 013 in 1998 begon, de zaal officieel geopend met acts als Caro Emerald, 2manydjs, Jungle By Night, Lucas Hamming en Dollkraut.

De zaal ontstond toen uit een fusie van podia Noorderligt (met een g inderdaad) en Bat Cave, en werd de eerste concertzaal die speciaal voor popmuziek was gebouwd. Frijns: „Dus iedereen kwam bij ons kijken hoe we het hadden gedaan, om te leren van ons en vooral niet de dingen te doen die bij ons niet goed waren.” Frijns loopt over het nieuwe hoofdpodium en wijst op een deurtje aan de zijkant van het podium. „Dit wordt straks een van de hoogst gewaardeerde plekjes: een wc naast het podium. Tja, artiesten zijn gewoon zenuwachtig.”

Flink geklust

De ambitieuze verbouwing van 013 past in een trend in popzalenland. De capaciteit van Doornroosje in Nijmegen is vorig jaar na een verbouwing zo’n beetje verdubbeld, naar 1.100 bezoekers. Tivoli en Vredenburg in Utrecht zijn samengevoegd en ambitieus verbouwd, met een nieuwe zaal voor 2.000 bezoekers. Eerder al waren de Eindhovense Effenaar (1.200 bezoekers), Bibelot in Dordrecht (1.100), het Haarlemse Patronaat (950) en Atak in Enschede (1.000) verbouwd. En eigenlijk is er in zo’n beetje alle andere grotere en kleinere popzalen in het land ook flink geklust de afgelopen jaren.

Veel concurrentie dus. Komt die heel grote zaal in Tilburg wel vol? Dat hoeft niet altijd volgens Frijns. „We hebben de zaal gecompartimenteerd. We kunnen een stuk van de trappen of het balkon afsluiten met wanden en zo hebben we de mogelijkheid de zaal aan te passen voor 1.400 mensen, voor 2.300 en voor 3.000 mensen. Je moet het zo zien dat we dadelijk eigenlijk een gebouw hebben met vier zalen, waarvan we er maar twee tegelijk kunnen gebruiken.”

Dat heeft meerdere voordelen. Ten eerste is de zaal dan gemakkelijker uitverkocht, en zowel de band als de zaal staat er dan beter op, legt Frijns uit. Iedere band, boeker of promotor wil namelijk graag laten weten dat ze in een uitverkochte zaal staan, en voor het publiek is het idee dat ze bij een populaire band zijn een prettiger idee dan dat ze in een halflege zaal staan. Bovendien kan 013 nog tijdens een succesvolle kaartverkoop beslissen om toch te gaan voor de grote variant en wat meer kaarten verkopen, of juist wat kleiner te gaan als de tickets niet zo snel over de toonbank gaan.

Bijna 10 miljoen

Het gebouw van 013, gehuurd van de gemeente, is voor 9,9 miljoen euro aan gemeenschapsgeld onder handen genomen. Van die kosten is Frijns niet onder de indruk. „Tivoli heeft bijna 160 miljoen gekost. Dus wat is nou bijna 10 miljoen? Alles in perspectief, hè. Ja, de timing hier was wel pittig. Het besluit is in het oog van de crisis genomen, terwijl de rijen bij de voedselbank langer werden en het armoedebeleid niet meer te betalen leek. Het was dus een dapper besluit van de gemeente. En snel: tussen besluit en opening zit maar anderhalf jaar.”

De verbouwing moet natuurlijk ook wat opleveren: de verwachting is dat de jaaromzet van 6,7 miljoen naar 8 miljoen gaat. Dat is voor 94 procent eigen inkomsten, en iets meer dan een half miljoen aan subsidie. Een deel van dat vertrouwen is gebaseerd op de simpele berekening dat ze nu grotere bands kunnen aantrekken, waarvoor je hogere ticketprijzen kunt vragen. Maar ook op dancemuziek, een volgens Frijns spannende en dominante muziekstroming. In het om de harde gitaarmuziek bekendstaande Tilburg is wel dance te vinden, maar 013 deed er weinig mee. De grote zaal heeft nu een echte dansvloer van 500 vierkante meter, en ook de kleine zaal is nu geschikter voor dance. „Voor 700 mensen wordt het interessant om iemand te laten invliegen voor een show. En dan kun je ook weer zeggen, als het hard gaat met de kaartverkoop, we verplaatsen die act naar de kleinste setting in de grote zaal.”

Die kleine setting moet ongeveer twaalf keer per jaar uitverkopen, berekent Frijns voor. De grotere varianten zo’n veertien keer per jaar. De grootste, 3.000 man, is sinds verbouwing zeven keer uitverkocht. Dat zijn de concerten van onder anderen Gregory Porter, Slayer, Alabama Shakes met Michael Kiwanuka, Within Temptation en Toto. En en er is een aantal shows waarvan de mensen bij 013 verwachten dat ze de grote 3.000-zaal nog gaan uitverkopen. „Maar we willen niet alleen maar de grootste bands. Dat is leuk verdienen, maar we zijn er niet voor opgericht om alleen maar te verdienen. Het kan voorkomen dat een van onze programmeurs een band van 3.000 kan boeken, en op dezelfde avond een van 1.300. Dan kan hij toch zeggen, ik kies voor die kleinere omdat die beter in de programmering past. Dat vergt karakter hoor, want het is aanlokkelijk. Maar we zijn een stichting en geen commercieel bedrijf dat zegt ‘ammehoela we hebben dat geld nodig’. Het gaat ons om het totale palet van wat we brengen in de stad.”

Eén van de opvallendste vernieuwingen die Frijns laat zien is de rookruimte achter de bar helemaal achterin de grote zaal. Het raampje zit net boven de achterhoofden van de barkeepers, op borsthoogte van wie binnen staat. Van daaruit kun je, als je door je knieën gaat, toch nog wat van het concert meekrijgen als je het echt niet meer houdt. Moedigt Frijns zo het roken niet aan? „Och, ik wil voor al mijn klanten goed zorgen. Ook voor de rokers. Je moet hier een beetje bukken, maar dan kun je het concert toch nog zien. Jammer dat jij niet meer rookt hè, haha!”

De ultieme proef

Twee weken later, terug bij Rowwen Hèze. Frontman Jack Poels neemt een moment om de zaal in zich op te nemen, vlak voordat hij zijn band voorstelt aan het publiek. „Zien jullie hoe mooi de verbouwde zaal is geworden?” Hij hoopt dat iedereen ‘Auto, Vliegtuug’ mee zal zingen. Poels roept: „Op het podium is de akoestiek goed! Maar nu de ultieme proef of het van jullie kant ook mooi galmt!”