De nieuwe groei is stilstand

De marginale economische groei in het afgelopen derde kwartaal van 0,1 procent is een tegenvaller. Het Centraal Bureau voor de Statistiek, het CBS, dat het groeicijfer vanochtend bekendmaakte, kwalificeert de fase van de Nederlandse economie als „min of meer consolidatie”. Stilstand dus. Het CBS halveerde vanochtend ook de gerealiseerde groei in het tweede kwartaal: van 0,2 naar 0,1 procent.

Ter vergelijking: de Franse economie herstelde van een daling in het tweede kwartaal met een groei van nu 0,3 procent. Duitsland, onze belangrijkste handelspartner, kwam iets lager uit de bus dan in vorige kwartaal met een expansie van 0,3 procent.

De gunstige ontwikkelingen zitten in Nederland in het derde kwartaal in de aanhoudende, maar bescheiden groei van export, investeringen en consumptie. De groei over de afgelopen vier kwartalen samen staat op 1,9 procent, een percentage dat wordt gedrukt door de politieke beslissing om de gaswinning in Groningen te verlagen. Een andere cruciale trend is de banengroei. Ook dat weerspiegelt de aarzelingen in economie en bedrijfsleven: meer werk, maar vooral meer uitzendbanen. Het is een historisch patroon dat de werkgelegenheidgroei met een vertraging reageert op de economie. En het is een ervaringsfeit dat meer mensen naar de arbeidsmarkt worden gelokt als de economie groeit. Maar de werkloosheid blijft wel vervelend hoog: 6,8 procent van de beroepsbevolking.

De wankele groeicijfers komen op een kritiek moment. De Europese economie wordt al gestimuleerd door de ultralage rente van de Europese Centrale Bank. Dat drukt de koers van de euro en begunstigt onze export buiten de eurozone. Grondstoffenprijzen, zoals olie, zijn nog steeds laag. Al met al pruttelt de Europese groei. „Neerwaartse risico’s zijn duidelijk zichtbaar”, liet ECB-president Draghi afgelopen week al weten. Deze cijfers zullen hem en zijn medestanders in de ECB-top sterken in het idee dat het lopende beleid van excessieve geldverruiming een impuls moet krijgen.

De slakkengang van de Nederlandse economie contrasteert met de recente prognoses die optimistisch zijn voor 2016 en zelfs 2017. Juist nu hebben huizenkopers en politici er weer zin in. De huizenmarkt herstelt in een grillig patroon, waarin de Randstad de leiding heeft en de rest van Nederland toekijkt. En in politiek Den Haag lijkt de belastingverlaging ter waarde van 5 miljard euro volgend jaar eigenlijk al een gegeven en gaat het nog om het ‘wisselgeld’ voor oppositiepartijen, opdat het kabinet ook een meerderheid in de Eerste Kamer krijgt. De nuchtere cijfers van vanochtend moeten daar ontnuchterend werken. Optimisme is welkom, maar voorzichtigheid in het begrotingsbeleid is geboden.