Column

Te jong voor het Ministerie van Liefde

Adelheid Roosen in uitvaartcommercial Yarden.

De stelling in het debatprogramma Arena (EO) luidde gisteren: „De overheid moet scheiden ontmoedigen.” Tot de tegenstanders van deze ingreep achter de voordeur behoorde journalist Frénk van der Linden, die een documentaire maakte over de scheiding van zijn ouders. Hij had wel een ander idee: „Dit land heeft een ministerie van Liefde nodig.”

Er zou volgens hem niet minder maar beter gescheiden moeten worden en zo’n ministerie zou de mensen kunnen leren daar beter met elkaar over in gesprek te gaan.

Tweede Kamerlid Joël Voordewind (ChristenUnie) wist niet wat hij hoorde. Wat een goed idee, het deed hem denken aan het ministerie voor Jeugd en Gezin dat zijn partijgenoot André Rouvoet korte tijd bestierde in het kabinet Balkenende IV.

Ook op Twitter kreeg het idee veel bijval, constateerde sociale media-redacteur Renze Klamer, Er zat wel een merkwaardige tweet tussen: „Ministerie van Liefde? Die kennen we al uit 1984...” Klamer kon het niet goed plaatsen, maar hij vond zichzelf te jong om zich iets van 31 jaar geleden goed te kunnen herinneren.

Misschien geldt dat ook voor Voordewind en presentator Tijs van den Brink, maar Van der Linden zou toch zijn Orwell moeten kennen. In diens dystopische roman 1984 (uit 1948) heeft de totalitaire machthebber Big Brother zijn regering geconcentreerd in vier eufemistisch benoemde ministeries, van Vrede, Overvloed, Waarheid en Liefde. Dat laatste specialiseert zich in hersenspoelen en martelen om dissidenten op andere gedachten te brengen. Berucht is de kamer 101, waar de gevangene wordt geconfronteerd met zijn grootste angst. Zelfs John de Mol voerde in zijn realityshow Big Brother soms ook die kamer 101 op.

Ons slechte collectieve geheugen en naïviteit in het herkennen van sarcasme is misschien kenmerkend voor de merkwaardige tijd waar we nu in leven. Maar Van der Linden had wel degelijk een punt toen hij zich beklaagde geen poot aan de grond te krijgen in Hilversum met een plan voor een programma over liefde, terwijl er wel negentien shows over seks zijn.

Je moet er niet aan denken dat we dat onder leiding van de ChristenUnie van bovenaf zouden gaan veranderen, met een niet herkende knipoog naar een totalitaire fantasie. Maar individuen die iets warmere intermenselijke betrekkingen propageren of voordoen op televisie? Graag!

Ik zag in Floortje naar het Einde van de Wereld (VARA) een ontroerend mooi gesprek van Floortje Dessing met Kayla, een Nederlands meisje van tien dat in het Peruaanse regenwoud woont. Ik zie in een commercial van uitvaartmaatschappij Yarden theatermaker Adelheid Roosen, die een urn van „mam” omklemt, praten over de dood en wat die voor ons zou kunnen betekenen, terwijl op de achtergrond een scala aan rouwrituelen wordt uitgevoerd. Roosen bedacht en regisseerde de reclame geheel in eigen beheer, met eigen figuranten. Ook daar leek de liefde belangrijker dan het ministerie.