OM eist tot 16 jaar cel tegen betrokkenen moord Endstra

De drie mannen waren op de dag van de moord aanwezig in de buurt van het kantoor van de vastgoedmakelaar.

De technische recherche verricht sporenonderzoek bij het kantoor van vastgoedhandelaar Willem Endstra, op een foto uit 2004. Foto Marcel Antonisse / ANP

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft tot zestien jaar cel geëist tegen drie mannen die worden verdacht van betrokkenheid bij moord op Wim Endstra. De vastgoedhandelaar werd op 17 mei 2004 voor zijn kantoor in Amsterdam geliquideerd. Volgens de officieren van justitie waren de Turkse verdachten aanwezig in de buurt van het kantoor van Endstra op de dag van de moord en waren ze betrokken bij de voorbereiding.

Het gaat om de verdachten Ziya G., die in Turkije verblijft, en de in Alkmaar geboren neven Ozgür C. en Ali N. Tegen G. eiste het OM zestien jaar cel en tegen N. en C. is veertien jaar geëist. De drie mannen maakten deel uit van een groep criminelen die bevriend waren met de waarschijnlijke schutter: Namik Abbasov. Deze Russische crimineel, die op verschillende momenten in Nederland werd gezien met de verdachten, overleed na zijn arrestatie in een Nederlandse cel in het voorjaar van 2012.

Uit het onderzoek van de Amsterdamse politie is gebleken dat het dna van Abbasov is aangetrokken op een moordwapen, een aantal kogelhulzen die zijn gevonden in de buurt van het lichaam van Endstra, en op een jas die de schutter volgens getuigen droeg tijdens de moord.

Schutter werd gewaarschuwd door verdachten

Volgens het OM valt uit getuigenverklaringen af te leiden dat de schutter is gewaarschuwd door twee mannen die de ochtend van de moord op een bankje voor het kantoor van Endstra zouden hebben gezeten. Enkele getuigen zagen de schutter samen met twee andere mannen na de schietpartij wegrennen. Een getuige heeft verdachte Ali N. herkend als een van de mannen die op het bankje zat. Alle andere getuigen hebben de verdachten niet herkend bij fotoconfrontaties.

Het OM vermoedt dat de verdachten zijn gevlucht met een blauwe Alfa Romeo. Die auto werd maanden later teruggevonden in Amsterdam. In die auto werd het gebruikte pistool gevonden samen met een rode jas die de schutter droeg tijdens de moord. In 2005 heeft een anonieme getuige tegen de politie verteld dat deze auto ter beschikking is gesteld door de groep rond Willem Holleeder. Volgens deze verklaring zou Holleeder de opdracht voor de moord hebben gegeven aan Ziya G.

Tijdens de behandeling van de zaak tegen de verdachten bleek dat deze anonieme getuige de Turkse crimineel Hidir K. is. Deze Hidir K. heeft de afgelopen jaren een aantal verklaringen afgelegd die belastend zijn voor de verdachte neven Ozgür C. en Ali N. en Ziya G. De getuige kende de verdachten goed en maakte deel uit van een groep criminelen die in verband zijn gebracht met de moord op Endstra.

Holleeder wordt in aparte zaak verhoord

Het feit dat Hidir K. wist dat de verdachten gebruikmaakten van een Alfa Romeo is volgens het OM een belangrijke bevestiging van de betrouwbaarheid van zijn getuigenis. Overigens wordt de betrouwbaarheid van Hidir K. in twijfel getrokken. Hidir K. is ook degene die Willem Holleeder heeft aangewezen als opdrachtgever van de moord op Endstra.

Holleeder wordt in een aparte zaak vervolgd als opdrachtgever van de moord op Endstra. In een heimelijk opgenomen gesprek met zijn zus Astrid zei Willem Holleeder over Endstra: “Hij heb mij willen pikken, daarom (….) heb ik het gedaan.” Tegen zijn andere zus zei Willem Holleeder over Endstra: “Het was hij of ik.”

De twee zussen Holleeder zullen op 30 november en 1 december in het openbaar worden ondervraagd over hun verklaringen. De verklaringen van de twee zussen spelen geen rol in de zaak tegen de verdachten in de Endstrazaak.