Column

Nieuwe geschiedenis in het Rijksmuseum

Op de tentoonstelling Azië in Amsterdam in het Rijksmuseum zijn dure spullen te zien. Luxe bleek in de Gouden Eeuw vooral uit Azië te komen. Porselein, lakwerk, parels. Nog steeds fraai, al voldoen de dingen niet meer aan de hedendaagse smaak. Het verhaal waarin ze figureren ook niet. Dit zijn immers de resten van een wreed verleden, een verleden van oorlog en uitbuiting. Het Rijksmuseum is een gebouw uit de negentiende eeuw en ook de collectie vertelt vooral het verhaal dat toen dominant was: de trots van een republiek die een machtig rijk werd dankzij de voortvarende koopmansgeest. Kun je in dat gebouw en met die collectie ook andere verhalen vertellen?

Lang werd dat niet geprobeerd, ook na de heropening bleef Hollands glorie de boventoon voeren. Maar nu wordt eraan getornd. Deze week verscheen Gepeperd verleden van Harm Stevens, het eerste boek in een reeks over Nederland en voormalige koloniën of andere landen waarmee Nederland een verleden deelt, zoals China, Ghana en Sri Lanka. Het eerste deel gaat over Indonesië. In Gepeperd verleden gaat het om ‘koloniale repressie, geweld, Indonesisch nationalisme, vrijheidsstreven en dekolonisatie’, verbeeld in geschiedenissen van voorwerpen in het Rijks.

Een andere poging biedt de multimediatour Koloniaal verleden, die sinds begin deze maand door het museum te maken is. In deze tour voor de smartphone vertellen schilderijen en voorwerpen een verhaal dat in het Rijksmuseum lang verdonkeremaand is. Van een scheepsmodel wordt als eerste uitgelegd waarom de dekken zo breed zijn – om meer slaven te kunnen vervoeren – en op het schuttersstuk dat rechts van de Nachtwacht hangt, speelt nu opeens het zwarte jongetje de hoofdrol.

Extra informatie bieden korte, gesproken teksten van historici, kunstenaars en kenners. Historicus Wim Manuhutu vertelt bijvoorbeeld iets over de genocide op Banda Neira naar aanleiding van een topografisch schilderij, ingenieur Leo Muntslag over de slavenboei van de plantage Overtoom die dankzij zijn opa in het museum terechtkwam, Dick de Kock over zijn voorvader baron de Cock, de generaal die in 1830 op Java prins Diep Negoro ‘onderwierp’, zoals te zien op een schilderij van Pieneman.

Het kan dus, met dezelfde voorwerpen als uitgangspunt een ander verhaal vertellen. Nu nog in de vaste opstelling of op een expositie. Ik ben benieuwd naar Goede hoop, een tentoonstelling over Nederland en Zuid-Afrika, die in maart 2017 opengaat.