Brief presidium: binnen 3 maanden besluit ‘Stiekem’

De Tweede Kamer wordt verzocht om namen van verdachten niet openbaar te maken.

Kamervoorzitter Van Miltenburg, de voorzitter van het presidium, vanochtend na het afleggen van haar verklaring. Foto ANP / Bart Maat

Binnen drie maanden moet duidelijk zijn of de Hoge Raad tot vervolging overgaat in de zaak rondom het lek bij de ‘commissie stiekem’, zo schrijft het presidium van de Tweede Kamer. Een speciale onderzoekscommissie - bestaande uit minimaal vijf Kamerleden - dient volgende week dinsdag rond te zijn.

Opvallend is het verzoek van het presidium aan de Kamer om de beslissing om wel of niet tot vervolging over te gaan, wordt genomen zonder dat de namen van de verdachten worden genoemd:

“In het belang van de objectiviteit van het onderzoek adviseert het Presidium de commissie te bezien of ook zonder kennisneming van de namen tot een verantwoorde beslissing kan worden gekomen.”

Aangezien het een advies betreft, hoeft de commissie zich hier echter niet aan te houden.

Twitter avatar 2eKamerMedia TKmedia Brief Presidium aan de Kamer over in te stellen onderzoekscommissie https://t.co/cMWU4QcwYs

Haast geboden

De commissie moet onderzoeken of er “genoegzame gronden voor vervolging” bestaan. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van bevoegdheden uit de Wet op de parlementaire enquête.

Volgens het presidium stelt de “ontstane situatie het parlement in een slecht daglicht” en is er haast geboden. Vandaar dus dat volgende week de samenstelling van de commissie al rond moet zijn. Daar mogen geen Kamerleden in zitten die lid zijn van de Commissie Stiekem. De commissie zal met het OM vervolgens in overleg gaan over welke gegevens van de Rijksrecherche worden overhandigd.

De bevindingen van de commissie worden aan de Kamer voorgelegd, die vervolgens bepaalt of Hoge Raad tot vervolging moet overgaan. Bedoeling is dat binnen drie maanden - dus uiterlijk 3 februari - een definitief besluit moet worden genomen over vervolging. Komt dat besluit er niet, dan is de aanklacht verworpen.

Ernstige en unieke zaak

Het presidium besloot vanochtend om een onderzoekscommissie in te stellen naar het mogelijke lekken uit de ‘commissie-stiekem’, de commissie waarin de fractievoorzitters strikt vertrouwelijk worden geïnformeerd over de veiligheidsdiensten.

Aanleiding voor de samenkomst van het presidium was dat het OM gisteravond bekendmaakte dat het “één of meer leden” van de commissie in beeld heeft gekregen bij het mogelijke lekken van informatie naar NRC. Omdat dit een mogelijk ambstmisdrijf door Kamerleden betreft, legde de Rijksrecherche het onderzoek stil en was het aan de Kamer zelf om verdere stappen te nemen.

Het dagelijks bestuur en het hele Binnenhof stond vanochtend onder grote spanning door de “ernstige en unieke zaak”, in de woorden van Kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg. Nog nooit in de parlementaire geschiedenis is een Tweede Kamerlid vervolgd wegens een ambtsmidrijf.

In februari vorig jaar schreef NRC over twee vergaderingen van de commissie voor de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten (CIVD), beter bekend als de commissie-stiekem. Kort nadat via NRC naar buiten kwam dat dat de werkelijke herkomst van 1,8 miljoen ‘Nederlandse’ belgegevens in handen van de Amerikaanse afluisterdienst NSA wel degelijk in de commissie was besproken, heeft commissievoorzitter Halbe Zijlstra (VVD) aangifte gedaan van het schenden van de geheimhoudingsplicht uit een besloten vergadering van de CIVD.

Lees ook: Afluisterzaak al in december besproken in ‘commissie-stiekem’, het stuk uit NRC van februari 2014

Het presidium, waarin alle grote partijen vertegenwoordigd zijn, stond vanochtend voor een bijzonder ongemakkelijke keuze, schrijven onze politieke redacteuren Annemarie Kas en Thijs Niemantsverdriet vanmiddag in NRC:

Niets doen? En als Tweede Kamer laten passeren dat er in het huis van de democratie mogelijk een ambtsmisdrijf is gepleegd? Dat zou het vertrouwen in de politiek en het instituut Tweede Kamer geen goed doen. Hun alternatief is ook verre van aantrekkelijk: besluiten om een verzoek tot vervolging bij de Hoge Raad neer te leggen, dat kan het einde van de politieke carrière van “één of meer” van hun eigen fractievoorzitters als uitkomst hebben. Want hoe kan een politicus die wordt vervolgd voor een ambtsmisdrijf aanblijven?