Bestuur Kamer wil onderzoek naar lek commissie-stiekem

OM heeft “geen inhoudelijke informatie” over de zaak overgedragen, aldus Van Miltenburg.

Anouchka van Miltenburg staat de pers te woord, nadat het presidium heeft overlegd over het lek bij de commissie-stiekem. Foto ANP / Lex van Lieshout

Er komt een commissie die moet onderzoeken of er vanuit de commissie-stiekem door Kamerleden is gelekt naar de pers. Dat heeft het presidium, het dagelijkse bestuur van de Tweede Kamer, “eendrachtig” besloten, zei Kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg vanmiddag in een persverklaring.

Volgende week zou al bekend moeten zijn wie van de Tweede Kamerleden in die onderzoekscommissie zitting krijgen. Vanavond stuurt Van Miltenburg namens het presidium een brief aan de Tweede Kamer met meer informatie over wat er tijdens het overleg is gewisseld.

Presidium onder grote spanning bijeen

Het dagelijks bestuur en het hele Binnenhof stond vanochtend onder grote spanning door de “ernstige en unieke zaak”, in de woorden van de voorzitter. Nog nooit in de parlementaire geschiedenis is een Tweede Kamerlid vervolgd wegens een ambtsmidrijf.

Het presidium was sinds vanochtend 9.00 uur bij elkaar om over het mogelijke lek uit de commissie te praten. Aanleiding is dat het OM gisteravond bekendmaakte “één of meer leden” van de commissie in beeld heeft gekregen bij het mogelijke lekken van informatie naar NRC.

In februari vorig jaar schreef NRC over twee vergaderingen van de commissie voor de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten (CIVD), beter bekend als de commissie-stiekem. In die commissie worden de fractievoorzitters van de Tweede Kamer vertrouwelijk ingelicht over het werk van de veiligheidsdiensten. Kort nadat via NRC naar buiten kwam wat in de commissie was besproken, blijkt nu, heeft commissievoorzitter Halbe Zijlstra (VVD) aangifte gedaan van het schenden van de geheimhoudingsplicht uit een besloten vergadering van de CIVD.

Lees ook: Afluisterzaak al in december besproken in ‘commissie-stiekem’, het stuk uit NRC van februari 2014

Van Miltenburg zei vanmiddag dat “noch de Kamer, noch het presidium, noch de voorzitter” op dit moment over het onderzoeksdossier beschikt omdat het OM “geen inhoudelijke informatie” over de zaak heeft overgedragen. Het presidium weet dus ook geen naam of namen van de fractieleiders die het OM “in beeld” had gekregen.

Het presidium, waarin alle grote partijen vertegenwoordigd zijn, stond vanochtend voor een bijzonder ongemakkelijke keuze, schrijven onze politieke redacteuren Annemarie Kas en Thijs Niemantsverdriet vanmiddag in NRC:

Niets doen? En als Tweede Kamer laten passeren dat er in het huis van de democratie mogelijk een ambtsmisdrijf is gepleegd? Dat zou het vertrouwen in de politiek en het instituut Tweede Kamer geen goed doen. Hun alternatief is ook verre van aantrekkelijk: besluiten om een verzoek tot vervolging bij de Hoge Raad neer te leggen, dat kan het einde van de politieke carrière van “één of meer” van hun eigen fractievoorzitters als uitkomst hebben. Want hoe kan een politicus die wordt vervolgd voor een ambtsmisdrijf aanblijven?

Commissievoorzitter noemt besluit ‘logisch’

De fractievoorzitters in de Tweede Kamer wilden vanmiddag niet veel kwijt over de beslissing een commissie in te stellen. VVD-fractievoorzitter Zijlstra noemde het tegenover de camera’s van de NOS een “logisch besluit”. Hij wilde niet bevestigen dat hij als commissievoorzitter aangifte heeft gedaan van het lek. “Ik mag en kan hier geen enkele mededeling over doen. En ik ben van plan me daaraan te houden.”

Arie Slob, de dinsdag teruggetreden fractievoorzitter van de ChristenUnie, ontkende vanmiddag - in navolging van PvdA-leider Samsom - dat hij het lek was. Speculaties in diverse media dat hij het lek zou zijn noemde hij tegenover persbureau ANP “een aantasting van zijn integriteit”.

Waar ging het over?

Op 18 februari vorig jaar schreef NRC dat de werkelijke herkomst van 1,8 miljoen ‘Nederlandse’ belgegevens in handen van de Amerikaanse afluisterdienst NSA wel degelijk in de Tweede Kamer was besproken, dat was namelijk in de ‘commissie-stiekem’ gebeurd. Dit lag politiek gevoelig, omdat D66-leider Pechtold net de week daarvoor een motie van wantrouwen had ingediend tegen minister Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) waarin stond dat die de Kamer níet had geïnformeerd. Oppositiebronnen zeiden toen dat de informatie in hun ogen niet duidelijk genoeg was gedeeld.