Tweede Kamer wil defensiebudget langer vastleggen

Militairen beklimmen de Rotterdamse spoorhefbrug de Hef tijdens een oefening van de Landmacht vorige maand. Foto Lex van Lieshout / ANP

Een meerderheid in de Tweede Kamer wil de Defensiebegroting niet meer in regeerakkoorden en per jaar vastleggen, maar in meerjarige plannen gieten die zowel steun van coalitie- als oppositie genieten. Dat blijkt uit een rondgang van NRC onder Defensiewoordvoerders in de Tweede Kamer.

Het plan om de ambities en budgetten voor defensie te „depolitiseren” en voor de lange termijn af te spreken, komt van PvdA-Kamerlid Angelien Eijsink. Zij keek het concept af in Denemarken en Zweden, waar het parlement grofweg elke vijf jaar een meerjarenplan voor de krijgsmacht maakt. Eijsink wil nog niet concreet maken hoe een Nederlandse variant eruit zou kunnen zien. Ze wil dat een onderzoeksgroep van parlementariërs de mogelijkheden gaat onderzoeken.

Waan van de dag

De belangrijkste motivatie is volgens haar dat internationale, vooral Europese, defensiesamenwerking niet afhankelijk mag zijn van de waan van de dag. „Er is vrijwel geen leger meer dat alleen kan optreden. Dat betekent dat we de nationale begroting in meer of mindere mate koppellen aan die van andere landen. Als we onze luchtmobiele brigade onderbrengen bij die van Duitsland, moeten we daarin een betrouwbare partner zijn voor de lange termijn.”

Elke politieke partij heeft zo zijn eigen eisen en wensen, maar voor het idee is brede steun. Coalitiepartner VVD vindt een meerjarenplanning „prima”, zegt Kamerlid Fred Teeven. „Defensie, een kerntaak van de overheid, is te veel afhankelijk van de grilligheid van kabinetswisselingen.” Raymond Knops (CDA) is „heel enthousiast over dat Deense model”. Ook Gert-Jan Segers (ChristenUnie) en Elbert Dijkgraaf (SGP) zijn voor. Bij oppositiepartijen SP en D66 is meer scepsis over de mogelijke uitzonderingspositie van defensie. Andere begrotingen zouden immers ook gebaat kunnen zijn bij meer continuïteit. 

Scandinavisch voorbeeld

Het idee vindt vruchtbare grond in Den Haag, omdat onder politici vrij brede consensus leeft dat de afgelopen jaren te veel en rücksichtslos op de krijgsmacht bezuinigd is. Door Rutte I kromp de begroting van zo’n 8 naar 7 miljard euro, waardoor tanks en schepen werden weggedaan. Woensdag praat de Kamer met minister Jeanine Hennis (Defensie, VVD) over de begroting van 2016. Daarin krijgt defensie iets extra’s, maar dat is volgens velen nog te weinig.

Rechtse partijen zien in een meerjarenplanning naar Scandinavisch voorbeeld vooral een kans om structureel meer geld voor de krijgsmacht te reserveren: idealiter 2 procent van het bruto nationaal product (BBP) zoals de NAVO voorschrijft. Nederland komt nu nauwelijks voorbij de 1 procent, afhankelijk of de militaire pensioenen mee worden geteld. Zweden en Denemarken besteden respectievelijk 1,3 en 1,2 procent van hun BBP aan de krijgsmacht.

Lees ook het achtergrondverhaal: Haal de politiek uit het leger