Slob: geen visionair, wel behendig

Als leider van de ChristenUnie wist Arie Slob maximale invloed uit te oefenen. Gert-Jan Segers volgt hem op.

GroenLinks-leider Jesse Klaver valt Arie Slob vanochtend in de armen op zijn werkkamer in de Tweede Kamer. Foto NRC / David van Dam.

Arie Slob duidt zijn besluit om te vertrekken zoals christenen dat graag doen: met Bijbelse beeldspraak. „Gods akker is groter dan het Binnenhof”.    

Vanochtend kondigde Slob (53) zijn vertrek aan als leider van de ChristenUnie. Hij maakt plaats voor Kamerlid Gert-Jan Segers. Slob wordt directeur van het Historisch Centrum Overijssel (HCO) in zijn woonplaats Zwolle. Het is de tweede ‘fluwelen’ leiderschapswissel aan het Binnenhof in een half jaar tijd, na het aantreden van Jesse Klaver (GroenLinks), dit voorjaar.

Helemaal onverwachts komt Slobs afscheid niet: in de christelijke binnenkring werd al enige tijd vermoed dat hij geen lijsttrekker meer zou worden bij de volgende Tweede Kamerverkiezingen, die over uiterlijk anderhalf jaar plaatsvinden.       

Op zijn werkkamer aan het Binnenhof – zijn mobiele telefoon spuit onophoudelijk sms’jes – geeft Slob vanochtend twee redenen voor zijn vertrek. Eén: na veertien jaar in de Tweede Kamer, waarvan acht jaar als fractievoorzitter en vier als politiek leider, is het mooi geweest. Hij wil meer thuis zijn en op vakantie kunnen zonder gestoord te worden. „Als ik weer lijsttrekker was geworden, had ik nog zeker drie of vier jaar moeten blijven”.

Reden twee: dit is een goed moment om te gaan. De ChristenUnie staat er goed voor, zegt Slob: flinke invloed in de Tweede Kamer, nog nooit zoveel wethouders en raadsleden, burgemeesters in twaalf gemeenten. En er is brede steun in de fractie en de partij voor zijn opvolger Segers, die zich de afgelopen jaren in Slobs schaduw het vak van Kamerlid eigen maakte. 

In de Tweede Kamer gold Slob als een gewaardeerd fractievoorzitter. Geen charismaticus en ook geen visionair, wel een constructieve en behendige dealtjesmaker. Hij wist de afgelopen jaren slim gebruik te maken van de invloed die de ChristenUnie heeft in het versplinterde politieke landschap: onder zijn leiding tekende de partij vrijwel alle grote politieke akkoorden sinds 2007.

Op z'n best aan de interruptiemicrofoon

Slob was op z'n best als constructieve kracht in de achterkamer en aan de interruptiemicrofoon. Wanneer hij probeerde echt zijn politieke spierballen te laten rollen, was hij minder succesvol – bijvoorbeeld in het Groninger gasdossier en bij de kwestie rond strafbaarstelling van illegaliteit. Op tv kondigde hij met veel aplomb aan het kabinet-Rutte II alleen nog te willen helpen in de Eerste Kamer als die strafbaarstelling niet doorging – waarna coalitiepartijen PvdA en VVD buiten hem om regelden dat de afspraak van tafel ging. Bij andere partijen werd schertsend gesproken van ‘Arie Bombarie’.

Arie Slob kwam in 2001 in de Tweede Kamer, als vertegenwoordiger van wat toen nog het Gereformeerd Politiek Verbond (GPV) heette. In 2007 werd hij fractievoorzitter toen de inmiddels gefuseerde ChristenUnie toetrad tot het kabinet-Balkenende IV. Die regeringsdeelname liep uit op een teleurstelling: zwakke bewindslieden, telkens klem tussen de vechtende coalitiepartners CDA en PvdA. Aan het eind van de rit wachtte een verkiezingsnederlaag.   

Drijvende kracht achter de 'C3'

Vanaf 2011, toen Slob het leiderschap overnam van André Rouvoet, hernam de ChristenUnie zich. Hij was één van de drijvende krachten achter de ‘C3’, het gedoogkartel met D66 en SGP dat het kabinet-Rutte II zo’n anderhalf jaar aan een meerderheid hielp in de Eerste Kamer. Onder Slobs leiding opende de partij zich ook voor gelovigen buiten de eigen gereformeerde kring, zoals katholieken en evangelische christenen: dit voorjaar stemde het partijcongres in met een nieuwe beginselverklaring.

Achter Slobs rug rijpte de afgelopen jaren een nieuwe generatie modern-christelijke Kamerleden: Joël Voordewind, Carola Schouten, Gert-Jan Segers. Eén van hen, Segers, neemt het leiderschap nu van Slob over. „Eigenlijk heb ik m’n eigen vertrek mogelijk gemaakt. Dat is ook best iets om trots op te zijn”.