Onderzoek nooit je eigen klant

Politiek komt minister Dijsselbloem met de schrik vrij. De rapportages in de netelige NS/Huges kwestie die hij vrijdag naar de Tweede Kamer zond, plaatsen vooral kanttekeningen en schieten geen gaten. De onderzoeken die het grote advocatenkantoor De Brauw uitvoerde namens NS, verliepen naar behoren en waren voldoende onafhankelijk. Er zijn geen ernstige tekortkomingen geconstateerd.

Tegelijkertijd zijn de onderzoekers, oud-rechter Wil Tonkens en oud-ombudsman Alex Brenninkmeijer ook zo kritisch dat er geen reden is om de dossierkast opgelucht dicht te schuiven. Materieel ging dit over de vraag of de NS-topman inderdaad op de hoogte was van een poging tot omkoping. Eerst zei huisadvocaat De Brauw dat daarvan geen sprake was, maar moest daarvan later terugkomen.

Zo kwam de rol van het kantoor zelf ter discussie: daar werden wel erg veel belangen tegelijk gediend. Met het onderzoek naar eventuele onregelmatigheden bij de aanbesteding raakte het advocatenkantoor in de knel. Dat onderzoek was in opdracht van NS, naar het eigen optreden, maar fungeerde ook als deel van de verantwoording van de minister naar de Kamer. Maar kan een huisadvocaat wel onbevangen de eigen cliënt onderzoeken?

De analyse van de onderzoekers komt er feitelijk op neer dat zo’n dubbelrol een recept voor problemen is en dat die er ook bijna zijn gekomen. Zo bleek het advocatenkantoor niet de volledige regie te hebben gehad over het onderzoek, maar liep de omstreden bestuursvoorzitter er (letterlijk) doorheen. Het oproepen van zijn directe collega’s liep mede via hem. Huges kon ze „op weg naar de interviewruimte” begeleiden. Iets wat de onderzoekers nooit „hadden mogen aanvaarden”. Zoiets lijkt een detail, maar is het niet. Er waren meer onzuiverheden. De directeur sprak ook na de interviews met de getuigen en had invloed op de verslaglegging. De schijn van partijdigheid is niet opgeheven, aldus Brenninkmeijer.

Het lijkt er dan ook op dat vooral de advocatuur zelf nog lessen in deze kwestie te leren heeft. Dat er een onderzoek door de Deken van de Amsterdamse Orde loopt, is in zekere zin een veeg teken. Wat een ‘behoorlijk advocaat’ in dergelijke kwesties ‘betaamt’, zoals de gedragsregel het formuleert, is in beginsel een open norm. Die overigens niet heel moeilijk in te vullen is. Neem geen onderzoeksopdrachten aan als die in het licht van ander advieswerk voor dezelfde client verkeerd begrepen kunnen worden. Voorkom ‘onafhankelijk’ iemands handel en wandel te moeten onderzoeken als jouw eerdere advieswerk aan diens gedrag mogelijk bijdroeg. Advocaten doen nuttig maatschappelijk werk. Maar ze moeten net zo op hun tellen passen als ieder ander. Misschien wel meer.