IEA: olieprijs blijft laag door concurrentie duurzame energie

Foto ANP

De verandering in de richting van duurzame energie is onmiskenbaar, maar niet genoeg om de opwarming van de aarde te stoppen. Daarom roept het Internationale Energie Agentschap (IEA) de aanstaande VN-klimaatconferentie in Parijs op om met een „duidelijke en geloofwaardige” visie te komen met „de juiste stimuleringsmaatregelen”. In de jaarlijkse World Energy Outlook voorspelt het agentschap een toename van de temperatuur met 2,7 graden aan het einde van deze eeuw. Meer dan de 2 graden die internationaal is afgesproken. Maar aanzienlijk minder dan de 4 graden die wetenschappers voorspellen als er niets wordt gedaan.

In het vanochtend verschenen rapport rekent het IEA de energiescenario’s voor de toekomst door. Het agentschap verwacht dat de prijs voor een vat ruwe olie aanhoudend laag zal blijven. Hoewel de Amerikaanse olieproductie als gevolg van de lage prijs van dit moment aanzienlijk wordt teruggeschroefd, zal de olieprijs pas in 2020 weer op een niveau zijn van 80 dollar, voorspelt het IEA.

Landen in het Midden-Oosten blijven volop produceren, wat leidt tot een aanhoudend overaanbod. Door de lage olieprijs zijn de investeringen in deze sector in 2014 met meer dan 20 procent afgenomen. Volgend jaar zal er eenzelfde daling zijn.

Maar het overaanbod wordt ook veroorzaakt door een dalende vraag naar fossiele brandstoffen. Hernieuwbare energie wint steeds meer terrein.

Bijna de helft van de nieuwe investeringen in stroomopwekking gaat nu naar wind- en zonne-energie en biomassa. In Europa zal in 2030 de helft van de stroom opgewekt worden uit duurzame bronnen. In China 30 procent, in de Verenigde Staten en India 25 procent.

Het IEA juicht die ontwikkeling toe: de energiesector stoot de meeste broeikasgassen uit en moet daarom „centraal staan is de strijd tegen klimaatverandering”, aldus IEA-directeur Fatih Birol.