lezersreacties

Positieve discriminatie is hier juist heel gebruikelijk

Ik ben een Spaanse vrouw, werk voor een NGO en woon nu enkele jaren in Nederland. Ik ben niet helemaal wit, maar voor de dames van Black Twitter ben ik vast ook niet gekleurd genoeg.

Na lezing van het artikel was ik verbijsterd. Ik zou zeggen: in dit land is veel meer positieve discriminatie dan omgekeerd. Als je gekleurd bent, een exotische achtergrond en een grote mond op Twitter hebt, opent dat hier veel meer deuren dan in mijn land. Om de quota van etnische minderheden te vullen, worden kwaliteitsstandaarden verlaagd en wordt middelmatigheid beloond.

Waar ik vandaan kom, zouden vier tamelijk onbekende vrouwen met een paar duizend volgers op Twitter niet de voorpagina halen met hun herhaalde claim dat ze worden gediscrimineerd, om die koe vervolgens steeds weer opnieuw uit te melken. Omdat het lawaai maakt, omdat het tweetbaar is. Niet alleen in mijn land, ook in de meeste andere landen zouden deze vier in hun wildste dromen de voorpagina nog niet halen. Dus waar spreken we over?

Het Grote Gelijk stond vast

Snijdt de kritiek van Nzume, el Maslouhi, Nourhussen en Aslan hout? Ja en nee. Laat ik met met ‘ja’ beginnen aan de hand van een voorbeeld op een ander terrein. Het prediken van gelijke kansen in het onderwijs is niet waarachtig als de prediker op een drafje naar de rechtbank rent als zoon-of dochterlief niet op het Barlaeus wordt aangenomen. De parallel met het opgeven van privileges is duidelijk: kosteloos anti-racisme prediken is ook in de letterlijke zin goedkoop.

Dan het ‘nee’. Heb je meer recht van spreken op grond van je eigen persoonlijke ervaring? Dit laatste is belangrijk, maar het is geen noodzakelijke voorwaarde voor waarheid (als het om feiten gaat) of voor juistheid (als het om normen gaat). De eigen persoonlijke ervaring kan onder bepaalde omstandigheden zelfs het zicht op een ander perspectief belemmeren: wie Zwarte Piet heeft ervaren als onderdeel van een vrolijk feest, kan zich (wellicht) moeilijk verplaatsen in de positie van iemand die hetzelfde feest racistisch vindt. (...).

De geschiedenis laat schrijnende voorbeelden zien. Zo werd verkrachting in de VS in sommige feministische kringen zo opgerekt dat zelfs staren al onder die noemer viel. Of een (mannelijke) verdachte zich echt schuldig had gemaakt aan verkrachting was van ondergeschikt belang, omdat hij in potentie schuldig kon zijn.

Wie in de discussie over racisme eerst probeert vast te leggen wie het meeste spreekrecht heeft en hoe en waarover gesproken mag worden, loopt de kans over een aantal jaren terug te kijken op een debat dat voornamelijk gekenmerkt werd door uitsluiting van andersdenkenden. Is dat gevaar nu al reëel?

Ja, want ook dit betoog kan ongelezen terzijde worden geschoven. Het is in feite niets anders dan een uiting van male fragility. Het Grote Gelijk staat bij voorbaat vast.

Ron Ritzen, Roermond