Voor minder geld meer genieten in Oostende

KV Oostende is in de hoogste klasse de verrassende koploper, én herfstkampioen; een club met een al even bijzondere voorzitter.

Oostende is de trotse koploper in de Belgische eerste klasse, voor de supporters is het bijna elke week feest. Op de foto linksonder voorzitter Marc Coucke. Foto’s Katrijn van Giel

In de viplounge van het Albertpark is het bal. Een blonde vrouw in tijgerprint gaat voorop in een polonaise waarin sponsors van KV Oostende aanhaken met een geheven glas champagne. Een van hen is begrafenisondernemer. „Als je gaat, ga dan bij ons.” Hij buldert het uit. De man wordt omringd door autodealers, betonboeren en vertegenwoordigers, die volgens de ober goed zijn voor 600 liter champagne per thuiswedstrijd van de Belgische voetbalclub.

In de blije menigte valt Marc Coucke niet direct op, maar als mensen de gedrongen clubeigenaar in het vizier krijgen, slaan ze de schoudervullingen van zijn fluweelrode colbert bijna plat. Daarna doet Coucke wat hij na vrijwel elke overwinning van KV Oostende doet: de microfoon pakken en feestliederen zingen. Ditmaal ter ere van een supporter die zojuist zijn vriendin ten huwelijk vroeg.

Coucke is zot op deze uitbundige sfeer. De kleurrijke grootaandeelhouder en voorzitter van Oostende („Ik probeer zo extravert mogelijk te zijn”) is de meest bejubelde persoon op een feestje dat hij zelf creëerde. Onder zijn bewind verruilde KVO de marge van het Belgische voetbal voor de top van het klassement in de hoogste klasse. Zaterdagavond, na de 3-0 zege op Oud-Heverlee Leuven, heroverde de ploeg de koppositie. Doordat gisteren de twee andere topploegen (Anderlecht en AA Gent) verloren, mag KV Oostende zich na vijftien speelronden de herfstkampioen van België noemen.

Financiële slagkracht

Sinds twee jaar is Coucke eigenaar van KVO. Niet langer kon hij de sportieve ellende aanzien van de club waar hij als vijfjarige al kwam aan de hand van zijn vader. Oostende was na zeven seizoenen op het tweede niveau terug in de eerste klasse, maar met twee punten uit zeven duels leek het wederom van korte duur. De doorslag gaf een 1-0 thuisnederlaag tegen Cercle Brugge. „’s Nachts heb ik de wedstrijd wel vijf keer teruggekeken”, zegt Coucke. „Ik moest weten op welke posities we nieuwe spelers nodig hadden.”

De dag erna verwittigde hij de toenmalige eigenaar Yves Lejaeghere over zijn plannen. Dat er haast bij was, omdat de transfermarkt nog maar vier dagen open was. Lejaeghere moest de club wel verkopen. Hij zou KVO niet kunnen behoeden voor degradatie. Coucke wel. Hij heeft financiële slagkracht; hij werd miljardair met de oprichting en verkoop van zijn farmaceutisch bedrijf Omega Pharma.

Rond de overname zeiden mensen dat hij beter een grote club als Standard Luik kon kopen. Zo’n kleine club met soms maar 1.500 toeschouwers op de tribunes was toch niks voor een succesvolle ondernemer? Juist wel, vond hij. „Ik wilde iets doen voor de mensen in Oostende. Plezier en geluk brengen.”

In Oostende is dat meer dan welkom. Trots en blijdschap zijn geen vanzelfsprekendheid in de kuststad, waar in 2013 nog meer dan een kwart van de kinderen opgroeide in een kansarm gezin, het hoogste percentage van Vlaanderen. De stad was ooit een bruisende badplaats, maar moet nu opboksen tegen de elitestranden van het chique Knokke en Nieuwpoort. Daarbij kwam nog het verdwijnen van de veerdienst naar het Britse Dover in 1997, die door de opening van de Kanaaltunnel (1994) overbodig werd. Zo’n 4.000 mensen raakten werkloos.

De gevolgen in Oostende werden snel merkbaar. „Per vierkante kilometer had je zo’n twintig volkscafés, nu zijn dat er nog vijf”, schetst voormalig havenarbeider Jean-Pierre van Hoeck (58) in een etablissement nabij het Albertpark. De stand van de hoogste voetbalklasse is er met krijt op de muur geschreven. Van Hoeck vertelt over de tien dagelijkse afvaarten in de haven van Oostende, met op elk schip 1.250 passagiers van wie een groot deel zich kwam verpozen aan de kust. In de Langestraat had je toen tien dancings, nu nog één. „Met die Engelsen kon je ook een lekker een potje knokken”, zegt hij. „Gewoon met vuisten. Niet met messen zoals tegenwoordig.”

Dat inwoners van Oostende het niet breed hadden, ontging Marc Coucke niet. Na de overname paste hij de prijzen van seizoenkaarten aan. „De 169 euro voor de goedkoopste seizoenkaart was voor veel mensen te veel. Dat werd 99 euro. Iedereen moet naar het stadion kunnen.” Wel maakte hij de jaarkaarten in de hoogste categorie een stuk duurder: 250 euro werd 1.500 euro. „Inclusief een kaasbuffet na afloop. Ik schatte er zo’n 300 van te verkopen, maar we zitten al op 1.000.”

Iedereen wil erbij zijn nu Oostende misschien wel het meest sprankelende voetbal van de eerste klasse speelt. Van de arbeiders op de tijdelijke tribunes tot vermogende ondernemers die na afloop de polonaise lopen in de Kama Lounge.

Twintig tekeningen per vergadering

Kama is de afkorting van Kamagurka, de alias van Luc Zeebroek. De bekende Vlaamse tekenaar en kunstenaar raakte ooit op de tribunes van Oostende bevriend met Coucke. Zijn tekeningen hangen overal rond het Albertpark. Hij zat ook in het bestuur, maar dat bleek niet te werken. „Na bestuursvergaderingen had ik twintig tekeningen gemaakt, maar wist ik niet wat er besproken was”, zegt Zeebroek.

Naast vriend is Coucke liefhebber van Kamagurka’s werk. In een van de stallen van zijn kasteel liet hij als verrassing een atelier met glazen dak voor de kunstenaar bouwen. Coucke ondersteunt kunst zoals hij al jaren wielerploegen steunt. Eerst Omega Pharma-Lotto, nu Etixx-Quickstep – hoewel hij zich niet meer bezighoudt met het beleid. „Door het voetbal moest ik het wielrennen loslaten. Ploegleider Patrick Lefevere belde me op. ‘Moeten we [de Duitse sprinter] Marcel Kittel halen?’ Ik zeg: Dat moet jij zelf bepalen, Patrick.”

Volgens Zeebroek is Coucke meer dan een vrijgevige mecenas. „Hij gebruikt geld als een mechanisme om iets te verwezenlijken.” Standaard om het kampioenschap strijden met KVO? Coucke: „Dat is niet realistisch. Ik wilde de club alleen redden. Dit succes had ik nooit verwacht.”

Thuis in zijn kasteel in Merelbeke wordt het gezin Coucke 24 uur per dag bewaakt door beveiligers met honden. Hier in het Albertpark loopt hij vrij rond. „Natuurlijk. In dit stadion zijn alle fans mijn vrienden.”