Inmenging Syrië niet gratis voor Rus

Het Kremlin kan er niet meer omheen: er is waarschijnlijk een verband tussen de ramp met de Airbus vol Russische toeristen en de bommen die Rusland gooit op Syrië.

De spotprenten in Charlie Hebdo. Foto’s Charlie Hebdo

De ‘slechte smaak’ van Charlie Hebdo stond vrijdag hoger op de publieke agenda van het Kremlin dan de veiligheid van de Russische luchtvaart. Twee cartoons in het weekblad leken een grotere bedreiging voor Rusland dan de terreur van IS.

Charlie Hebdo had zich schuldig gemaakt aan „heiligschennis”, zei Poetins woordvoerder Peskov vrijdag. In Moskou was de Russische Veiligheidsraad bijeen geweest. Onder leiding van president Poetin had dit orgaan, waarin onder meer chefs van de FSB, Binnenlandse Zaken en Defensie zitten, zich vrijdagmorgen gebogen over de vliegramp boven de Sinaïwoestijn, de toestand in Syrië en het weer oplaaiende geweld in Oost-Oekraïne.

Maar Peskov richtte zijn pijlen op Charlie Hebdo, dat woensdag in twee prenten een link legde tussen de ramp en de Russische interventie tegen IS. Het zat heel Moskou hoog. Een hoog Doemalid zei: „Een rechtstreekse aansporing tot terrorisme”. Nieuwssites waren urenlang in rep en roer over de prenten. Ook toen FSB-directeur Bortnikov in de loop van de dag adviseerde alle vluchten op Egypte te staken. Pas toen Poetin dat overnam, ebde de woede over Charlie Hebdo iets weg.

Het rookgordijn dat Peskov voor de werkelijke agenda van de Veiligheidsraad optrok, had een functie. De associatie tussen de Airbusramp en IS-terreur raakt de buitenlandse politiek van Rusland in het middenrif. Poetin heeft nooit openlijk gezegd dat de interventie in Syrië ook voor gewone Russen risico’s in zich droeg. Nu zou kunnen blijken dat de regering de burgers zo een rad voor ogen heeft gedraaid.

Het Kremlin heeft zich daarom bijna een week verzet tegen ‘premature’ conclusies over de ramp met de chartervlucht van 31 oktober. Poetin, die zich al die dagen overigens niet liet zien als een vader des vaderlands, zei dat de Russische autoriteiten eerst hun onderzoek moesten afronden. Dat de president desondanks onraad rook, was hooguit kremlinologisch waar te nemen: op de televisie was de rouw van de nabestaanden geen eerste item meer, net zomin als de glorie van de Russische luchtmacht in Syrië.

Een week na de ramp gaat dat niet meer. Niemand minder dan de FSB-chef gaf dat impliciet toe met zijn vliegverbod. Gevolg? Ook in Rusland is nu het verband aan de orde tussen buitenlands beleid in abstracte zin en terreur die de eigen burgers individueel raakt.

De ‘Syrische campagne’ had een aan twee kanten snijdend mes moeten zijn. De interventie moest Rusland als wereldmacht weer op de kaart zetten. Dat was ook emotioneel belangrijk omdat de Amerikaanse president Obama de voormalige supermacht ooit tot een „regionale” mogendheid had afgewaardeerd. Niet toevallig vuurde de Russische krijgsmacht zijn eerste kruisraketten op Syrië af op 7 oktober vanuit de Kaspische Zee. Op die dag werd de president 63 jaar. Een goedkope oorlog op vreemde bodem zou zijn populariteit extra vaart geven. Een peiling van het sociologische bureau Levada Centrum ondersteunde drie weken later die taxatie: Poetins ster steeg naar 89,5 procent.

Door ten strijde te trekken tegen de dreiging van IS, die ook de Kaukasus en Centraal-Azië kan raken, kon Rusland zich bovendien opwerpen als onvermijdelijke partner voor het Westen. Het was een militaire variant op de diplomatieke coup die Poetin in 2013 tijdens de topconferentie van G20 in Sint-Petersburg pleegde. Daar slaagde hij erin de regeringsleiders van de nieuwe wereldmachten in stelling te brengen tegen het Amerikaanse idee Assad aan te pakken. Nu was de strategie: voldongen feiten scheppen en dan onderhandelen met de VS en andere landen.

Vluchtroute tot crash:

Die rol als onvermijdelijke factor in het Syrische wespennest wil het Kremlin graag terug, omdat het isolement ten opzichte van het Westen en het gebrek aan steun elders in de wereld wel degelijk een probleem is. Het Oekraïnebeleid van het Kremlin is op verschillende punten mislukt. De effectiefste verenigende kracht in het politiek verdeelde Oekraïne was afgelopen twee jaar de ‘lul’ Poetin, zoals de Russische president daar op nummerborden en verkeersborden wordt genoemd. Oekraïne is op dit moment meer een (financiële) last dan een (politieke) lust voor het Kremlin.

Door zich via Syrië weer bij de internationale gemeenschap naar binnen te wurmen zou Moskou dus ook een diplomatiek wapen in handen kunnen krijgen tegen de strafmaatregelen van de VS en de EU wegens de annexatie van de Krim en de oorlog in Oost-Oekraïne. Binnen de EU is de eensgezindheid over die sancties broos. Als Rusland onontkoombaar blijkt om de toestand in Syrië ten goede te keren – en dus onontbeerlijk is om de asielstromen naar Europa in te dammen – zou Moskou een beslissende wig kunnen drijven tussen verschillende EU-landen. Verdeel en heers is dé strategie die Rusland ten opzichte van Europa al sinds jaar en dag heeft.

Een mogelijk terroristische aanslag op een Russisch vakantievliegtuig heeft die twee doelstellingen nu doorkruist. De interventie in Syrië blijkt niet gratis. De Russisch burger moet er hoge offers voor brengen. En ze is ook nog eens niet effectief en zou er dus kunnen leiden dat Rusland ook in het wespennest gevangen raakt.

Anton Sjechovtsov, een in Londen werkende politicoloog uit Sebastopol op de Krim, vatte dit vrijdag op zijn analytische blog zo samen. De crash markeert een „nieuwe impasse voor Poetins bewind”.

Al sinds afgelopen zaterdag circuleren onderstaande beelden op YouTube, waarop te zien is hoe een middelgroot verkeersvliegtuig op grote hoogte ontploft, en daarna neerstort onder een dikke zwarte rookwolk: