Heineken benadeelt Afrikaanse landen door te schuiven met winsten brouwerijen

Heineken laat een deel van de winst die het in Afrika boekt via een Belgische dochter lopen en benadeelt daarmee de fiscus en de economie van de elf Afrikaanse landen waar het brouwerijen bezit of met partners opereert. Dat blijkt uit het boek Heineken in Afrika van journalist Olivier van Beemen, dat vandaag verschijnt.

Afrikaanse brouwerijen moeten verplicht een deel van hun grondstoffen inkopen via de Belgische dochter Ibecor. Die kan aanzienlijke kortingen bedingen, waarvan diverse ingewijden bij Heineken zeggen dat die niet worden doorberekend aan de Afrikaanse dochterondernemingen. Bij elke transactie worden volgens deze bronnen, die veelvuldig met Ibecor zaken hebben gedaan, bovendien commissies in rekening gebracht.

Ibecor is zeer winstgevend. In 2014 boekte het 60 miljoen euro omzet en 56 miljoen euro winst, blijkt uit het jaarverslag. Doordat de winst in het gastland lager uitpakt en door een beroep te doen op buitenlandse deviezen die in veel Afrikaanse landen schaars zijn, benadeelt Heineken de lokale fiscus en economie. Bovendien lopen lokale partners – de meeste Afrikaanse brouwerijen zijn niet voor de volle 100 procent in het bezit van Heineken – en aandeelhouders inkomsten mis.

Heineken lijkt in strijd te handelen met de richtlijnen van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), die bepalen dat dochterondernemingen binnen een concern elkaar prijzen in rekening moeten brengen voor goederen en diensten die vergelijkbaar zijn met de tarieven die zij een buitenstaander zouden vragen. In een reactie zegt Heineken dat het niets illegaals doet en zegt het te voldoen aan de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen.