Column

Stedelijk wil curieus doek Sérusier kopen

In de vaste opstelling van het Stedelijk Museum hangt sinds kort een curieus schilderij van de Franse kunstenaar Paul Sérusier. Het is een doek waar je oog aan blijft haken, iedere keer dat je erlangs loopt. Omdat je niet meteen snapt wat je ziet. En omdat de voorstelling zo uit de pas loopt met het jaartal dat erbij staat: 1910. Les Tétraèdres (‘De Tetahedra’) is een schilderij dat je abstract zou kunnen noemen. Tegen een achtergrond die van geel geleidelijk overgaat naar blauw zweeft een vijftiental piramides. Er zit diepte in de compositie, alsof het sterren zijn die door de kosmos bewegen. De objecten zijn hoe dan ook niet van deze wereld.

Paul Sérusier (1864-1927) was een van de leden van Les Nabis, een groep Franse schilders waartoe ook Pierre Bonnard en Maurice Denis behoorden. Met Cézanne en Gauguin als hun grote helden schilderden Sérusier en zijn kompanen vooral veel landschappen in sprankelende kleuren en zwierige lijnen. Vrolijke, aansprekende doekjes zijn het, maar ook een tikkeltje traditioneel.

En dan opeens maakt Sérusier dat krankzinnige, esoterische schilderij. Om aan te geven hoe radicaal dat eigenlijk was, heeft het Stedelijk er een vroege tekening van Kandinsky naast gehangen: Aquarell no.6 uit 1911, waarin de Russische kunstenaar voorzichtig afstand neemt van de figuratie. Ertegenover prijkt het Verdwijnend geel vlak van Malevitsj. Ook hij liet geometrische figuren door kosmische ruimtes zweven. Alleen: zijn gele vlak stamt uit 1917 of 1918. En Sérusier maakte zijn werk al in 1910 - vier jaar voordat Mondriaan zich met zijn Pier en Oceaan richting volledige abstractie zou begeven.

Het Stedelijk kreeg Les Tétraèdres in bruikleen van een Franse verzamelaar, maar het museum zou het heel graag kopen. Het heeft iets aandoenlijks, vindt hoofd collecties Bart Rutten. „Er zijn maar weinig voorbeelden van werken waarbij de kunstenaar zich abstract wil uitdrukken, maar net voor die drempel in de geschiedenis staat.” Les Tétraèdres is geen schilderij waar ons nationale hart sneller van zal gaan kloppen. Sérusier is geen klinkende naam. Toen het werk in 1984 geveild werd in Parijs leverde het 84.000 Franse francs op (zo’n 10.000 euro). Er zullen voor deze aankoop geen geheime overleggen van ministers en Kamerleden nodig zijn. En toch: dit is een schilderij dat je graag in Amsterdam wil houden. Omdat het zo wonderlijk is, en van onschatbare kunsthistorische waarde.