Hoe kwetsbaar is de groeimotor van Europa?

Al jaren geldt Duitsland als het trekpaard van de Europese economie. Maar gaat het nog wel zo goed? Crises en schandalen leggen zwakke plekken bloot.

Illustratie Roland Blokhuizen

De geschatte extra overheidsuitgaven door de vluchtelingenstroom: 10 miljard euro. De geschatte kosten voor Volkswagen vanwege het emissieschandaal: eveneens 10 miljard. De cijfers, uit de Duitse krant Handelsblatt, laten de economische impact zien van twee uitzonderlijke ontwikkelingen van deze herfst.

De vluchtelingencrisis en de VW-affaire komen bovenop een schok van afgelopen zomer. Op de financiële markten brak onrust uit over China en de economieën van andere opkomende landen, die steeds minder hard groeien. Slecht nieuws voor exportland Duitsland.

Hoe kwetsbaar is de groeimotor van Europa? In de voorbije crisisjaren groeide het Duitse bruto binnenlands product (bbp) gewoon door, anders dan bijvoorbeeld het Nederlandse. Maar nu staat de economie onder druk, door de combinatie van internationale crises en een groot schandaal op eigen bodem.

Enkele cijfers suggereren dat de klad er al in zit. Vanochtend werd bekend dat de orders bij de Duitse industrie zijn gedaald met 1,7 procent in september, terwijl analisten een stijging hadden verwacht. In augustus en in juli daalden de orders ook al, met 1,8 respectievelijk 2,2 procent. De Duitse export kromp in augustus, de meest recente maand waarover data beschikbaar zijn, met 5,2 procent. In die maand daalde de industriële productie met 1,2 procent.

Vier Duitse instituten die gezamenlijk economische ramingen doen, verlaagden in oktober hun groeiprognose voor dit jaar van 2,1 procent naar 1,8 procent. Een veelgebruikte indicator van vertrouwen in de economie, de ZEW-index, daalde in september en oktober flink en nadert negatief terrein. De reden volgens de in Mannheim gevestigde denktank ZEW: de Volkswagen-affaire en de zwakke groei in opkomende landen hebben de „verwachtingen getemperd”.

Weerbaarheid

Toch is het onwaarschijnlijk dat de Duitse motor abrupt tot stilstand zal komen – voor volgend jaar verwachten de vier instituten 1,8 procent groei. Over het geheel genomen doet de Duitse economie het nog steeds goed, zeggen economen. „We hoeven ons niet meteen zorgen te maken over Duitsland”, zegt Carsten Brzeski van ING in Frankfurt. „De Duitse economie is weerbaar”, aldus Christian Odendahl, hoofdeconoom van denktank Centre for European Reform in Londen.

China is belangrijk voor de Duitse handel – 6,6 procent van de uitvoer gaat naar dat land – maar de Verenigde Staten zijn (met 8,5 procent) belangrijker. „De VS staan stevig in hun schoenen en de export naar dat land stijgt”, zegt Brzeski. „ Ook Europese landen waarnaar Duitsland veel exporteert, zoals het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Spanje, doen het goed.

Brzeski en Odendahl sommen een reeks sterke punten op van de Duitse economie. De binnenlandse vraag is sterk, door recente loonsverhogingen en de lage inflatie. De schulden van Duitse huishoudens en van de overheid zijn laag. En de arbeidsmarkt presteert uitstekend: in oktober daalde de werkloosheid verder. Die is nu 6,4 procent, het laagste percentage sinds de Duitse hereniging.

En de vluchtelingencrisis? Odendahl merkt op dat die niet alleen negatieve gevolgen heeft. Minister van Financiën Wolfgang Schäuble zal er door de extra kosten waarschijnlijk niet in slagen om in 2016 een begrotingsevenwicht te bereiken, een heilig doel van de politieke veteraan.

Bevolkingskrimp

Maar voor de economie is dat gunstig, zegt Odendahl. Miljarden voor onder meer opvang en sociale uitkeringen zal „op korte termijn werken als economische stimulans”. „De Duitse overheid wordt gedwongen om meer uit te geven en dat is alleen maar goed”, zegt hij. Odendahl vindt dat Duitsland te veel bezuinigt, een verwijt dat vaker klinkt onder economen.

De Duitse bevolking krimpt en dit staat de economische groei op de langere termijn in de weg. De vraag die nu in Duitsland wordt gesteld is of de vele migranten – dit jaar mogelijk meer dan een miljoen – de huidige en de toekomstige tekorten op de arbeidsmarkt kunnen aanvullen. Brzeski noemt het „naïef” om te denken dat dit automatisch zal gebeuren. Odendahl pleit voor investeringen in scholing, zodat de nieuwkomers inderdaad „productief” worden.

Andere economen, zoals Clemens Fuest, directeur van het ZEW, zijn ronduit pessimistisch. Fuest schreef vorige week in Handelsblatt dat de migranten die nu naar Duitsland komen, grotendeels (zeer) laagopgeleid zijn. „Ingenieurs uit Bagdad en artsen uit Kabul vormen de uitzondering, niet de regel”. Hoe „moreel juist” het ook is om vluchtelingen op te nemen, de fiscale lasten voor de Duitse burger zijn „aanzienlijk”, schrijft Fuest.