Dankzij Westerse bommen leeft Afghanistan wel in vrijheid

Niemand ontkent dat de democratie in Afghanistan en Irak gebreken heeft. Maar er wordt nu wel gedanst en vrouwen mogen de politiek in, ziet politicoloog Ofran Badakhshani.

Afghaanse dans. Bron: YouTube

In het kritische betoog van Tahmina Akefi over de westerse interventies in het Midden-Oosten en de Arabische wereld (31/10) wordt gesuggereerd dat die interventies hebben bijgedragen tot de huidige chaos in de Arabische wereld – wat gedeeltelijk waar is. Maar: wat hebben ze nog meer teweeggebracht?

Tahmina Akefi vergeet dat het Irak van Saddam Hoessein achtereenvolgens Iran en Koeweit is binnengevallen en duizenden van zijn eigen burgers heeft opgepakt, gefolterd, vermoord en vergast. Bovendien laat ze onvermeld dat het Talibaanregime in Afghanistan onderdak en bescherming bood aan de terreurgroep Al-Qaeda. In de oorlog tussen de Sovjet-Unie en de Afghaanse moedjahedien zijn 60.000 Afghaanse militairen en naar schatting tussen de 650.000 en een miljoen Afghaanse burgers om het leven gekomen. Mede door Amerikaanse steun zijn de Russen verslagen. De overwinning van de Afghaanse moedjahedien mondde uit in een verwoest land, burgeroorlog, miljoenen vluchtelingen en de opkomst van het repressieve regime van de Talibaan. Toen zij in 1996 aan de macht kwamen, slaagden ze erin Afghanistan grotendeels te stabiliseren en relatieve veiligheid en rust te laten terugkeren.

Maar daartegenover staat het compleet verwoesten van duizenden jaren geschiedenis in het nationale museum, het opblazen van de eeuwenoude boeddhabeelden van Bamyan, het verbranden van het nationale archief, het verbieden van elke vorm van kunst en blijdschap, het verwijderen van vrouwen uit het straatbeeld en het maatschappelijk leven, de systematische onderdrukking van niet- Pashtunen, Hindoes en shi’ieten, het uitmoorden van politieke tegenstanders en nog veel meer. Misschien herinneren we ons nog de beelden van verheugde Afghanen die na de val de Talibaan en na jaren van onderdrukking weer eens zonder voor hun leven te vrezen een cassettebandje konden afspelen.

De westerse interventie in Afghanistan heeft van 2001 tot 2011 aan 1.500 Afghaanse militairen en naar schatting 11.000 – 34.000 burgers het leven gekost. Is dat veel? Ja! Iedere dode is er een te veel. Maar we moeten ons ook realiseren dat daar tegenover staat dat op dit moment in Afghanistan vrijheid van meningsuiting heerst, die in de regio ongekend is. Er worden nu bijvoorbeeld boeken, die in Iran wegens censuur niet kunnen worden uitgegeven, gedrukt en vanuit Afghanistan naar Iran gestuurd.

Op tv en in de kranten wordt op meedogenloze wijze met de moedjahedien en de imams afgerekend. Nooit tevoren waren vrouwen op zo brede schaal in de samenleving vertegenwoordigd en nooit eerder konden zij zich zo gemakkelijk verkiesbaar stellen voor hoge politieke ambten en het parlement. Voor het eerst in de Afghaanse geschiedenis is bij wet bepaald dat ten minste 20 procent van het Afghaanse parlement uit vrouwen moet bestaan. In hetzelfde voetbalstadion waar tijdens de Talibaan vrouwen werden gestenigd en onthoofd, wordt nu een dansende zangeres door duizenden toeschouwers, mannen en vrouwen, toegejuicht.

Dat de geëxporteerde westerse democratie nog in de kinderschoenen staat, kan niemand ontkennen. Maar het is voor het eerst in de Afghaanse geschiedenis dat het volk zijn regering kiest en dat vrouwen als volwaardige burgers kunnen deelnemen aan het politieke proces. En dan hebben we het nog niet over de tientallen televisiezenders, honderden radiostations en honderden lokale en landelijke kranten, tijdschriften, weekbladen, tientallen universiteiten en hogere beroepsinstellingen, duizenden scholen en wegen, die door de westerse interventie en de bijdrage van de internationale gemeenschap in Afghanistan gerealiseerd zijn. Over de tevredenheid van het Afghaanse volk, over het functioneren van de zelfgekozen Afghaanse regering valt absoluut te discussiëren, maar de Afghanen zullen nooit terug willen naar de tijd van de Talibaan, toen angst en terreur domineerden.

Misschien is democratie niet een universele waarde voor alle volkeren. Maar we kunnen wel stellen dat alle mensen een leven in waardigheid, veiligheid en redelijke welstand willen; een leven dat zowel onder Saddam in Irak als onder de Talibaan in Afghanistan niet mogelijk was.

Ofran Badakhshani is politicoloog (filosoof in wording) en auteur van een recente en veel gedeelde vluchtelingenbrief in NRC, Geen verkrachter, sorry.

Lees ook: 'Verzoek het Westen dan ook niet steeds om bijstand'