Japke-d. Al die processen op kantoor, daar gaat dit land kapot aan

Wekelijks rekent Japke-d. Bouma af met jeukwoorden op kantoor.

Ik hoop dat jullie goed ontbeten hebben vanochtend, want vandaag behandel ik één van de grootste jeukwoorden op kantoor: het woord ‘proces’. Ik zeg het maar meteen: proces is de pest. Het doodt alles wat lief, licht en fris is in de kantoorjungle en dient met wortel en tak te worden uitgeroeid. Omdat het NIETS betekent, nergens over gaat, nergens heengaat en nooit een oplossing zal zijn voor wat dan ook, waar dan ook op aarde en in het hele universum, amen.

‘Proces’ kan uit elke zin op kantoor worden geschrapt zonder dat iemand het zal missen. Behalve dan de mensen die niet weten wat ze doen op kantoor, die geen idee hebben wat er verder nog gaat gebeuren, die nergens op afgerekend willen worden en juist daarom het woord ‘proces’ gebruiken. Bestuurders en toezichthouders gebruiken vaak ‘proces’, let maar eens op. En toezicht houden, ho maar.

Een proces, daar ga je al, daar kun je oneindig lang mee bezig zijn. Het kleeft aan de wanden van al die „pijplijnen” waar allerlei „projecten” inzitten, in lange, dikke, zwarte draden. Ja verstoppen, dát kunnen pijplijnen. En dat is inderdaad ook een proces. Sterker nog, álles is een proces. En je kunt er alle zelfstandige naamwoorden en voorzetsels omheen zetten zonder dat er ook maar iets concreets hoeft te volgen.

Zo blijk je „face to face” te kunnen „sparren over een proces”, je kunt „processen implementeren”, „stappen zetten in een proces”, „slagen maken op een proces”, „uit het proces gaan”, „midden in een proces zitten”, „boven een proces hangen” (helikopterview!), en „onder een proces uit proberen te komen”. Ik verzin dit niet, ik vond het googlend terwijl ik heel hard met mijn hoofd op mijn toetsenbord beukte.

Wat ik ook weleens hoor: „het wordt een heel spannend proces”. Whoehaha. Hou eens op. Ja, een rechtszitting, dat kan een spannend proces zijn. Maar een proces op kantoor: nee. De mensen, de kroketten, de gele markers die net binnen zijn, het zwaluwnest onder het raam op de vierde etage: alles kan spannend zijn. Behalve een proces. Het zieligst vond ik de medewerkers die „regelmatig vanuit een negatieve impuls geconfronteerd worden met het proces”. Ik denk dat ze last hadden van hun darmen. De enige die het goed had, was iemand op Twitter die het had over „een stukje relevantie proberen te geven aan een proces” – proberen inderdaad. Gaat je niet lukken.

Zodra iemand tegen mij over een proces begint, klim ik dan ook panisch in de kantoorplant. Mijn grootste nachtmerrie is om door twee collega’s meegenomen te worden naar een hokje op een hogere verdieping en daar nooit meer uit te komen. Want dan zit je in een proces en voor je het weet, begint het volgende alweer. Daar is ook Duitse literatuur over.

Daarom lieve mensen: dood aan de processen op kantoor behalve de goede in je lichaam natuurlijk. Mensen die zeggen: „Ik ben niet zo van de inhoud, maar meer van het proces”, kunnen worden beëindigd, qua arbeidsproces.

Dit land gaat er kapot aan.