Vlogger Enzo Knol schrijft een boek over zijn vrolijke leven

De opa en oma van Enzo Knol zaten op de tribune bij voetbalclub PEC Zwolle toen er een groep jongens en meisjes naar ze toe kwam. „Jullie zijn de opa en oma van Enzo! Mogen wij even een selfie?” En dat was niet de enige keer dat Henk en Marietje Knol werden herkend. „We worden zo vaak benaderd, dat we Enzo een stapel van zijn fotokaartjes gevraagd hebben.”

In het eerste boek van de vlogger (iemand die een online videodagboek bijhoudt) komen Knols opa en oma aan het woord. Hun kleinkind is de bekendste vlogger van Nederland. Zijn volgers op YouTube, vooral tieners, zijn in een jaar verdubbeld. Hij heeft er inmiddels ruim 900.000.

Knolpower – eerste druk van achtduizend exemplaren, alleen te koop in Knols webshop – leest als een tijdschrift. Met een cursus vloggen (een kijkje in het kantoor van Enzo Knol), een fotoserie (Enzo Knol in zijn geboorteplaats Assen), weetjes (Enzo Knol heeft vijftien petten en draagt er maar twee), een strip (Enzo Knol wordt belaagd door gillende tieners) en data (Enzo Knol begon met vloggen op 9 juni 2013). Dat heeft hij niet alleen geschreven. In het colofon staat een redactie van zes man vermeld.

Zijn fans zullen door dit boek waarschijnlijk weinig nieuws over hem leren. Wat ze dan wel aan dit boek hebben? „In mijn vlogs vertel ik hoe ik alles zelf ervaar, maar in het boek staat ook hoe vrienden en familieleden mij ervaren”, zei Knol daarover tegen NOS.nl.

Het boek heeft dezelfde optimistische, bijna hysterische toon als Knol in zijn vlogs aanslaat. Julia (16), een van de fans die in het boek aan het woord komt: „Enzo deed me beseffen dat ik lol moest maken in mijn leven.”

Maar dat is niet altijd zo geweest. Knol begon met vloggen omdat hij zich verveelde. Hij ging van school af, had geen werk. Openhartiger dan hij in zijn boek is, was zijn optreden onlangs bij RTL Late Night. Daar vertelde hij over zijn depressie. Zijn beste vriend sprong voor de trein, „Ik zat ongeveer in dezelfde nare positie als hij. De een komt er goed vanaf en de ander niet.”

Toen volgde een belofte: „Dit heb ik nog nooit naar buiten gebracht omdat ik denk dat mooi is om zoiets een keer goed te verwoorden. Misschien in een volgend boek.”