‘Italiaanse toestanden’ op landbouw

Sharon Dijksma is op weg naar een ander ministerie. Landbouw kan zijn derde staatssecretaris verwelkomen.

Dijksma (PvdA) verdedigt vandaag in de Kamer de begroting van Landbouw.

Internationaal gezien maakt het een rare indruk, denkt Albert Jan Maat, voorzitter van de Land- en Tuinbouworganisatie LTO Nederland: als staatssecretaris van Landbouw Sharon Dijksma deze week overstapt naar het ministerie van Infrastructuur en Milieu, zoals in Den Haag nu wordt verwacht, is haar opvolger de derde staatssecretaris van Landbouw in dit kabinet. „Italiaanse toestanden”, moppert Maat.  

Al was de eerste staatssecretaris Co Verdaas er maar een paar weken en is Dijksma er nu al bijna drie jaar, volgens Maat kan Nederland het zich als de tweede grootste landbouwexporteur ter wereld niet veroorloven om van landbouw op het ministerie „een soort duiventil” te maken.

Dijksma (PvdA) verdedigt wellicht vandaag in de Tweede Kamer nog de begroting van Natuur en Landbouw van het ministerie van Economische Zaken. Albert Jan Maat, oud-europarlementariër voor het CDA, wil nog niet over haar praten alsof ze al weg is. Maar natuurlijk zit het de invloedrijke lobbyclub van agrarische ondernemers niet lekker dat de ervaren en efficiënte bestuurder Dijksma een ánder ministerie moet gaan redden en die wordt vervangen door een Tweede Kamerlid (Martijn van Dam) dat nog nooit een ambtelijke organisatie heeft bestuurd.

Meer geld voor NVWA

LTO-voorzitter Maat heeft zijn zorgen over het staatssecretariaat afgelopen weekeinde aan het kabinet duidelijk gemaakt. Dijksma en premier Mark Rutte hebben ook van hem te horen gekregen wat zijn belangrijkste eis is voor de landbouwbegroting: LTO wil dat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit er 50 miljoen euro bij krijgt en agrarische bedrijven minder zelf hoeven te betalen voor de keuring van hun producten. „In het buitenland worden die keuringen gezien als overheidstaak, dus de oplopende kosten hiervoor benadelen de Nederlandse concurrentiepositie.” Of het lukt? „Ik roep nooit zomaar wat”, zegt Maat. „Wij worden gesteund door de havens en Transport en Logistiek Nederland.”

LTO Nederland komt ook stevig op voor het agrarisch onderwijs. De ‘groene’ scholen raken een jaarlijkse subsidie kwijt van 55 miljoen euro die officieel bedoeld was voor onderwijsvernieuwing, maar waarvan zo’n 30 miljoen – ook volgens het ministerie zelf – onderdeel uitmaakt van hun zogenoemde basisbekostiging. Dat wil zeggen: ze kunnen niet zomaar zonder dat geld.

'Groene' en 'gewone' scholen

Uit berekeningen van adviesbureau Berenschot blijkt dat scholen voor een ‘groene’ MBO-leerling door de bezuiniging zo’n duizend euro minder krijgen dan voor leerlingen op een niet-groene opleiding. Tweede Kamerlid Carla Dik (ChristenUnie) komt vandaag met een amendement om dat ongedaan te maken, maar het ziet er niet naar uit dat genoeg steun krijgt.

De PvdA leek het eerst met haar eens te zijn, maar is nu tevreden met een onderzoek van de ministeries van Onderwijs en Economische Zaken waaruit zou blijken dat het meevalt met de verschillen tussen ‘groen’ en ‘gewoon’ onderwijs. „Al vergelijk je dan wel appels met peren”, zegt Tweede Kamerlid Henk Leenders (PvdA). „Het agrarisch onderwijs is in het verleden wel heel ruimhartig gefinancierd.”

LTO-voorzitter Maat gaat ervan uit dat de scholen efficiënter kunnen werken, maar hij vindt ook dat de bezuiniging van tafel moet. Dus er moet 80 miljoen bij: voor het onderwijs en de keuringen? „Voor de politie is er ook extra geld. Economische Zaken wil toch schitteren in de wereld? Met kruidenierspolitiek kom je er niet.”