Uitleg ‘politiemol’ schiet tekort

Toen minister Van der Steur (Justitie, VVD) eerder dit jaar de Tweede Kamer schreef dat het niveau van de recherche „fundamenteel” omhoog moet, zal hij niet hebben vermoed dat dit ook op het beveiligingsniveau van de hele organisatie zou slaan. De affaire met de mislukte politiestudent die vier jaar lang toegang tot geheime databestanden mocht houden en daar een winkeltje mee begon voor de georganiseerde criminaliteit, is hallucinant.

De brief die de minister naar de Kamer stuurde, bevat een opsomming van fouten, missers, slordigheden en blunders die het vertrouwen van de burger in de kwaliteit van de politieorganisatie tot het uiterste op de proef stellen. De uitleg van korpschef Bouman, „hoge werkdruk en voortdurend personeelstekort”, is eigenlijk te flauw voor woorden. Feitelijk deugde er geen enkele interne controle op de integriteit van politiestudenten. Leidinggevenden hielden bijvoorbeeld geen toezicht op wie toegang kreeg tot de databestanden. Met het vereiste integriteitsonderzoek door de AIVD werd breed de hand gelicht; er bleken nog 60 nieuwe politiemensen aan de slag zonder de benodigde autorisatie!

Dat is toch alsof je aan de operatietafel eerstejaars medicijnenstudenten alvast de scalpel in handen drukt onder het motto, ‘dat diploma komt later wel’. Hoge werkdruk en personeelstekort volstaan dan niet als uitleg. Dit is een ander probleem; dit gaat over de competentie van de leiding, over verantwoordelijkheid, over weten wat je doet. De corrupte student dan de „rotste appel sinds tijden” noemen, zoals Bouman deed, is bijna gratuit.

Hoe kon dit toch ooit zo ver uit de hand lopen, beste korpschef? Wie had ook alweer het beheer over die mand met appels? Vier jaar gratis winkelen in geheime politie-informatie? Hoe kan zoiets? Zou je eigenlijk zelf, als burger, nog aangifte bij de politie mogen doen als je vier jaar lang ramen en deuren open liet staan? Wat meer inzicht in eigen stommiteiten en wat minder inbeuken op de verdachte die nog voor de rechter moet komen, zou welkom zijn.

Op het moment dat de minister eenvoudige waarheden als ‘Integriteit en veiligheid gaan boven capaciteit’ aan de Kamer moet schrijven, weet de burger dat er iets heel ernstig mis is. Gelukkig beseft de minister dat, en de korpschef ook, gezien de lawine aan maatregelen die er inderhaast zijn getroffen. Dat dit zonder consequenties blijft, is niet goed denkbaar. Nu heeft de korpschef zijn vertrek al aangekondigd, dus dat signaal hoeft niet meer te worden gegeven. En de minister was al bezig om de politiereorganisatie te ‘herijken’, dus dit gapende gat in eigen gelid kan meteen worden gedicht. Maar de burger blijft wel verbluft achter. Justitie stelt weer teleur.