Column

De Thuiskok: Jamie’s superfood

Zouden hipsters boos zijn op Jamie Oliver? Superfoods zijn toch lange tijd deel van hun identiteit geweest. De chiazaden, açai-bessen en quinoa stonden synoniem voor hun levensstijl, die zich afkeert van alles wat mainstream is. En als er iemand mainstream is, dan is het Jamie.

Superfoods zijn natuurlijk al een tijdje overal te krijgen. Toch voelt het nieuwe boek Jamie’s Super Food voor elke dag als de spreekwoordelijke gojibes op de taart.

Superfood is een marketingterm voor ingrediënten die gezond voor je zijn. Daaronder vallen ‘nieuwe’ exotische ingrediënten zoals hierboven, maar ook ‘normale’ lekkernijen als avocado, zalm en spinazie.

Het valt wel mee hoeveel van de inmiddels cliché ingrediënten worden gebruikt in het boek. Zelfs in een typisch superfoodrecept als havermout met yoghurt en fruit zitten niet de usual suspects. Er gaat gewoon smakelijk fruit in als meloen, blauwe bessen en banaan. Alleen manukahoning is nog echt zo’n hippe term.

Wat er wel gebruikt wordt is veel kip, vis, en pompoen. Gezond eten waar je je zowel healthy als happy van gaat voelen, zo schrijft Jamie. Zoals we gewend zijn van Jamie zijn de meeste recepten simpel, maar in tegenstelling tot zijn vorige boek zijn bijna alle recepten in minder dan twee uur te maken. Dat is slim gedaan: een van de meest gehoorde bezwaren die je hoort tegen het maken van gezond eten is dat het zo lang zou duren. Het lijkt wel alsof de keuze voor superfoods ervoor gezorgd heeft dat Jamie weer eens flink heeft moeten nadenken over nieuwe gerechten.

De opmaak, foto’s, schrijfstijl en zelfs het lettertype komen bekend voor, maar de recepten zijn geen herhaling. Wat dat betreft is het boek een mooie aanvulling voor de boekenplank, niet alleen die van hipsters.

We maken deze week smoothiepannekoeken als ontbijt, een groentesoep met kikkererwten en chorizo als lunch, samosa’s van zoete aardappel, rijst en gehakt als diner en als snackje tussendoor energieballen van abrikoos, gember en cashewnoten.