Bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker opnieuw uitgesteld

De invoering van het nieuwe bevolkingsonderzoek is opnieuw uitgesteld. Dat meldt minister van Volksgezondheid Edith Schippers (VVD) de Tweede Kamer in een brief. Het is de derde keer in een jaar tijd dat de start van het nieuwe bevolkingsonderzoek wordt uitgesteld. De laatste invoeringsdatum van 1 juli 2016 wordt nu ook niet gehaald. Het uitstel geldt voor onbepaalde tijd.

Directe aanleiding voor de nieuwe vertraging is een reeks juridische procedures die bedrijven zijn gestart in de aanbestedingsprocedures die voorafgaan aan de invoering. Die „ontwikkelingen” maken volgens Schippers dat de geplande datum „niet langer haalbaar is”.

De minister heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat is belast met de invoering, gevraagd „te verkennen” wanneer de invoering alsnog „verantwoord kan plaatsvinden”.

De opschorting is de zoveelste tegenvaller voor Schippers in een voor haar steeds pijnlijker dossier. In juni dit jaar onthulde NRC Handelsblad dat hoogleraar pathologie Chris Meijer (VUmc), de drijvende kracht achter het nieuwe bevolkingsonderzoek, zijn zakelijke belangen daarbij had verzweeg. Daarop legde Schippers de voorbereiding van de invoering stil.

Meijer trad noodgedwongen terug als lid van de Gezondheidsraad, het belangrijkste adviesorgaan van het kabinet dat Schippers had geadviseerd over te gaan op een nieuw bevolkingsonderzoek.

Essentie van dat nieuwe bevolkingsonderzoekonderzoek naar baarmoederhalskanker is dat de uitstrijkjes van jaarlijks 300.000 vrouwen niet langer worden onderzocht op afwijkende cellen maar op de aanwezigheid van een bepaald virus. Dat virus kan duiden op de ontwikkeling van baarmoederhalskanker. Over de voordelen van de nieuwe onderzoeksmethode zijn Nederlandse pathologen ernstig verdeeld.