Ik heb lang gedacht dat ik saai was

Eerst was haar vader een macho, nu heet haar vader Monica. Vorige week verscheen het boek van Maaike Sips (43) over het leven van haar transseksuele vader. „Ik wilde meekijken in de wereld van de kleine Cees.”

Tekst Jessica van Geel Foto Andreas Terlaak

Foto Andreas Terlaak

Ombouwen

„Mijn vader vertelde het in januari 2012. Hij was net weg als wethouder in Gelderland. Eerder was hij al met pensioen gegaan als IT-manager, hij was 66 en dit was het moment om het rustiger aan te gaan doen, zei hij. Maar mijn vader had altijd wel íets om handen en ik daagde hem uit: ik geloof er niets van dat je nu boeken gaat lezen en tuinieren, is er dan helemaal niets meer wat je wilt? Nou, zei mijn vader en hij keek zijn vrouw Meintje aan, zullen we het dan maar vertellen? En toen zei hij het. Hij ging zich laten ombouwen, zo formuleerde hij het. Typisch Cees. Hard en grof. Hij vertelde dat hij op een nacht badend in het zweet wakker was geworden en toen zeker wist dat hij niet als man het graf in wilde gaan. Sinds die dag in januari heet mijn vader Monica.”

Toneelstuk

„Ik had best wel moeite met mijn vader. Hij was echt een machomannetje, altijd bezig met uiterlijk vertoon. Het was alsof we in zijn toneelstuk zaten en als hij vroeg hoe het met me ging was dat vooral een uitnodiging om successen op te sommen, het was nooit oprechte belangstelling. Hij had altijd ook ontzettend veel commentaar op wat ik aan had. Te onvrouwelijk, de hak te plat… Mijn zus, die anderhalf jaar jonger is en ik wisten op een gegeven moment dat hij aan SM deed. ‘Zijn die haken jullie nooit opgevallen?’, merkte hij eens laconiek op tijdens een etentje bij hem thuis. Ik heb maar niet doorgevraagd. Hij hield er naast zijn huwelijken altijd andere relaties op na, ‘nieuwe aanwinst’ noemde hij die vrouwen. Ik denk dat ik mijn vader destijds zo’n vier, vijf keer per jaar zag. Dus toen hij vertelde dat hij transgender was, was ik vooral opgelucht. Hè, hè. Niet dat ik aanwijzingen had, maar ik voelde altijd wel dat er iets niet klopte en nu bleek dat zijn gedrag dus een reden had. Hij had zichzelf al die tijd in de weg gezeten.”

Kleine Cees

„In eerste instantie wilde ik een documentaire maken, maar dat werkte niet. Ik wilde niet alleen een terugkijkende Monica aan het woord, ik wilde meekijken in de wereld van de kleine Cees en dat kon in een boek. De hormoonbehandeling, de wachtlijst en de operatie, daarin was ik niet zo geïnteresseerd – als je dat één keer hoort weet je het wel. Mijn vragen waren veeleer: hoe heeft Cees het zo lang kunnen volhouden; hoe zagen die eerste gevoelens eruit; wie was die man met wie ik ben opgegroeid? Ik heb in krantenarchieven gespit, transgenders gesproken, gezocht hoe het wetenschappelijk onderzoek zich ontwikkelde en welke informatie destijds beschikbaar was. Ik ontdekte dat mijn vader is geboren in een tijd dat er nog bijna niets bekend was over transseksualiteit – het werd gezien als een overtreffende trap van homoseksualiteit. Toen mijn vader losging in een dubbelleven als travestiet eind jaren 80 werd transseksualiteit steeds meer erkend. Nu Monica afgelopen maart de operatie heeft ondergaan, lijk je het onderwerp wel overal tegen te komen.”

Meisjesonderbroeken

„Toen hij bij een hospita woonde paste hij zijn eerste jurk. Had hij eindelijk een manier gevonden om er stiekem aan te komen – via een postorderbedrijf –, staat hij schaamtevol voor de spiegel en dan blijkt de jurk veel te klein. Het moet ongelofelijk moeilijk voor hem zijn geweest. De kleine jongen die meisjesonderbroeken steelt op de markt. De tiener die geen vrouwenrollen meer mag spelen van de pater op het juvenaat. Monica vertelde dat de jonge Cees echt niet wist wat er met hem aan de hand was. Hij snapte het niet. Ik zei haar dat hij het ook niet had kúnnen weten, er was nog zoveel onbekend. Dan vertelde ik haar bijvoorbeeld dat de eerste operatie in Nederland pas begin jaren 70 was, maar Monica zag er alleen maar gemiste kansen in. Had ze nou maar net die ene krant gelezen waar dat in stond.”

Monica

„Met Monica kan ik goed praten. Ze wil echt weten hoe het met me gaat. In die zin heb ik wel eens het idee dat ik mijn vader pas heb leren kennen op het moment dat Monica kwam, al vond ik het wel moeilijk dat ik mijn vader – in de verschijning van Cees bedoel ik dan – na zijn coming out niet meer heb gezien. Dat voelde toch alsof iemand was overleden zonder dat ik afscheid had kunnen nemen. Monica gooide al zijn kleding weg, deed in het begin lelijk over hem. Alleen de dinsdag is nog een tijd Cees-dag geweest, dan deed hij zijn ronde door zijn dorp en ging hij naar de repetitie van de toneelvereniging waar ze nog van niets wisten.”

Moeder

„Monica is echt een vrouw, dus ik zeg ‘ze’ en ‘haar’, maar ze is wel mijn vader. Dat is nu eenmaal de biologische verwantschap die we hebben, en dat verandert niet. Bovendien heb ik al een moeder. Mijn ouders zijn met een hoop toestanden gescheiden toen ik twaalf was en ik wil mijn moeder ook niet tekort doen. Maar ja, Monica heeft recht op haar leven als vrouw, dus als mensen mij en mijn zus vragen wie ze is kijken we naar Monica en dan mag zij zeggen dat we haar dochters zijn. Niets aan gelogen. Mijn zoontje Bas van vijf zegt oma Monica, geen opa Monica of opa jurk zoals Monica wel eens heeft voorgesteld. Dat vond ik te verwarrend, Bas weet tenslotte echt niet beter. We leggen later nog wel eens aan hem uit hoe het nu precies zit.”

Tweehonderd kroketten

„Ik maak documentaires voor bedrijven, een filmpje van een kunstenaar in zijn atelier, van een restaurateur in het Rijksmuseum en zo. Ooit ben ik begonnen als nieuwsredacteur bij SBS6, bij programma’s als Hart van Nederland. Later heb ik jarenlang cultuurprogramma’s bij de AVRO gemaakt, onder andere Opium TV, toen nog met Harmke Pijpers. Ik wilde eigenlijk schrijven. Altijd al. Maar mijn vader vond het zonde om de School voor Journalistiek te doen. Met VWO kun je makkelijk naar de universiteit, vond hij. En dus studeerde ik Nederlands en via een stage kwam ik uiteindelijk bij de televisie terecht. Een jaar of zeven geleden heb ik mijn baan bij de AVRO opgezegd omdat ik met een vriendin een restaurant wilde beginnen. Uiteindelijk hebben we een half jaar een cateringbedrijf gehad tot we er allebei helemaal genoeg van hadden. Haha. Ik werd gek van al die schalen en bakjes in huis. Van elke avond tweehonderd kroketten maken… Nou ja, soms moet je je hobby lekker je hobby laten.”

Saai

„Ik heb lang gedacht dat ik saai was. Mijn vrienden gingen na hun studie op reis of ze werkten in het buitenland, ik heb daar nooit behoefte aan gehad. Ik maak veel liever een hele lange wandeling. Ik heb voldoende aan wat ik om me heen zie. Daarin zit mijn verwondering. Dat hele idee van mindfulness, het in het moment zitten, ik denk wel eens dat ik dat van nature heb. Ik hou er niet van als mensen dingen ingewikkeld maken en krampachtig naar het grootste streven, ik zoek altijd naar de eenvoud van de essentie. Het verhaal. Zo weet ik nu door dit boek dat het niet erg is om je kwetsbaar op te stellen. Juist niet. Kwetsbaar durven zijn levert je meestal meer op dan je bang bent kwijt te raken.”