Plassen moet in elk café kunnen

Wat beweegt de Rotterdammers, wat is het gesprek van de dag? Elke week legt NRC betrokken stadsbewoners een actuele stelling voor. Reacties en ook nieuwe stellingen zijn welkom via rotterdam@nrc.nl

Op zich fijn, dat Rotterdam steeds op allerlei lijstje prijkt van steden die je moet hebben bezocht. Alleen jammer dat het ergerlijke flankerende fenomeen van wildplassen ook toeneemt. In menig stil hoekje van de stad ruikt het naar pis. Daarom zou de gemeente horecaondernemers moeten verplichten gratis gebruik van hun toiletten aan te bieden. Om te voorkomen dat straks de hele stad een openbaar urinoir is.

Steef Witjes, woont achter de markt aan de Binnenrotte: „Je wordt hier gek van de wildplassers. Ik zie ze dagelijks voor mijn huis aan de Mariniersweg. Ik heb een zoontje van twee jaar. Die speelt hier met zijn voetbal. Ik wil niet dat hij dat in zo’n vieze omgeving moet doen. Als er markt is zie je ook dat mensen die boodschappen komen doen wildplassen. Op stapavonden lopen mensen van de cafés aan de Meent naar die aan de Oude Haven. Daar heb je ook toiletten. Maar die gebruiken ze niet. Ze plassen liever tegen de gevel van ons appartementencomplex.”

Suardus Ebbinge, gebiedsvoorzitter Rotterdam Centrum (D66):„Steeds meer toeristen bezoeken de stad. De druk neemt toe, vooral op plekken waar je uitgaat zoals de Witte de Withstraat, de Meent, het Stadhuisplein, de Pannenkoekstraat en de Oude Haven. Ik wil daarom dat het college geld uittrekt om op een paar plaatsen openbare toiletten te plaatsen. Ik zou dan kiezen voor uri-lifts, toiletten die je overdag de grond in kan laten zakken als er geen gebruik van gemaakt wordt. Maar die kosten rond de 60.000 euro per stuk. Daar is nu geen geld voor. Ik denk dat we daarom horecaondernemers moeten verplichten om hun toiletten open te stellen voor iedereen die naar de wc moet. Zonder dat ze een consumptie hoeven af te nemen. De gemeente kan die voorwaarde opnemen in de exploitatievergunning. Uiteindelijk verdienen horeca-exploitanten ook aan uitgaand publiek.”

Cornel Wink, mede-eigenaar van restaurant Hamburg en café De Zondebok & Het Zwarte Schaep aan de Witte de Withstraat:„In het opleggen van regeltjes zie ik niks. Wie hier naar de wc wil mag dat, ook als hij of zij niks bestelt. Maar ik wil niet dat iedereen het recht heeft om onze toiletten te gebruiken. Mensen die in drugs handelen of die willen gebruiken op de wc wil ik weg kunnen sturen. Dat doen we nu ook geregeld.”

Patrick Nijenhuis, mede-eigenaar gay club De Unie aan de Mauritsweg: „Je lost het probleem niet op door een café te verplichten een toilet gratis ter beschikking te stellen. Wildplassers zijn mensen die lak hebben aan de regels. Het is immers verboden om tegen een huis te plassen. Ik denk wel dat het scheelt als er meer openbare toiletten zouden staan. Uri-lifts vind ik een goed idee, als ze goed in het zicht staan. Die pak je bij hoge nood net zo goed als een boom of portiek. Daarbij moet de politie meer handhaven. Zelf woon ik op de Van Olde Barneveldstraat. Daar zie ik ‘s nachts veel wildplassers. En dan is er geen agent te vinden.”

Guus van der Werff, directeur van de ondernemersfederatie Rotterdam City: „Zadel de horeca niet op met dit probleem. Overal ter wereld zie je in centra van grote steden dat er toiletvoorzieningen zijn. Rotterdam heeft op dat punt nog een stap te zetten. Je moet ervoor zorgen dat mensen die komen winkelen en uitgaan naar de wc kunnen. Uri-lifts zijn de oplossing niet. Plassende mensen op straat? Dat is toch geen gezicht! Je kunt beter zoeken naar een ondernemer die ruimte over heeft in zijn pand, zoals de eigenaar van een parkeergarage in het centrum. Laat daar een openbaar toilet exploiteren. Zet mensen in de bijstand in als beheerder. Maak er een sociaal project van.”