Machtsstrijd op zee

Er staat veel op het spel, bij de stille krachtmeting tussen de Verenigde Staten en China in de Zuid-Chinese Zee. Daar liet Washington deze week een met raketten uitgerust oorlogsschip dicht langs een rif varen dat de Chinezen hebben opgehoogd tot een kunstmatig eilandje. De Amerikaanse regering wilde zo laten zien dat zij de territoriale aanspraken niet erkent die China aan zulke eilandjes meent te kunnen ontlenen. De Amerikanen zeggen pal te staan voor de vrije doorgang op de scheepvaartroutes door de Zuid-Chinese Zee, waar zo’n 30 procent van de wereldhandel over wordt vervoerd.

Volgens het internationaal recht kunnen landen een zone van twaalf zeemijl rond natuurlijke eilanden rekenen tot hun territoriale wateren. Maar dat geldt volgens de Amerikanen niet voor een rif dat alleen dankzij baggerwerkzaamheden permanent boven het water uitsteekt. China heeft de afgelopen twee jaar met behulp van tientallen baggerschepen zeker vijf van dergelijke kunstmatige eilandjes in de Zuid-Chinese Zee ontwikkeld. In één geval is er zelfs een landingsbaan op aangelegd die geschikt zou zijn voor militaire vliegtuigen.

China heeft verontwaardigd gereageerd op de actie van de Amerikaanse marine. Het zou een provocatie zijn en een bedreiging van de Chinese soevereiniteit en veiligheid. Als dat soort grote woorden vallen tussen twee kernmachten, en er bovendien al militaire middelen zijn ingezet, dan is het zaak heel zorgvuldig te opereren.

Dat lijkt de Amerikaanse regering te hebben gedaan. Al ruim van te voren had zij aangekondigd dat haar schepen de twaalfmijlszone niet zouden respecteren. De kwestie is ook besproken tijdens het recente bezoek van president Xi aan Washington. Inmiddels hebben de Amerikanen ook gezegd het niet bij deze ene keer te laten.

Het conflict gaat over meer dan de Chinese territoriale aanspraken op een groot deel van de Zuid-Chinese Zee – waar overigens niet alleen de VS zich zorgen over maken, maar tevens Taiwan, de Filippijnen en andere landen in de regio die daar zo hun eigen aanspraken hebben. Het gaat ook over meer dan de olie- en gasvoorraden die zich daar mogelijk in de zeebodem bevinden en het belang (overigens ook voor China) van vrije scheepvaartroutes.

Op de achtergrond speelt de vraag hoe China zich ontplooit als opkomende wereldmacht. De stabiliteit in dit belangrijke deel van de wereld is erbij gebaat dat de Verenigde Staten blijven zorgen voor tegenwicht. China zou de regio en uiteindelijk ook zichzelf een dienst bewijzen door zijn buurlanden niet te intimideren met eenzijdige stappen, maar de regels van het volkenrecht te volgen. En door in overleg een oplossing te zoeken voor conflicten.