Jeukonderdrukker zorgt ervoor dat je het niet altijd overal akelig voelt kriebelen

Over de hele lengte van het ruggemerg liggen jeukonderdrukkende zenuwcellen. En dat is maar goed ook. Ze onderdrukken de jeuk van lichte aanraking van haartjes op de huid. Maar als er een vlieg op landt, dan moet het wel gaan kriebelen.

Amerikaanse onderzoekers die de de zenuwcellen ontdekten, maakten muizen waar die jeukonderdrukking niet werkte. Die dieren krabden zich al snel kale plekken op hun huid. Aanraken van de huid maakte het nog erger. Maar op chemische irritatie, door chemicaliën op de huid, reageerden ze normaal.

Het bevestigt, schrijven de onderzoekers vandaag in Science, het bestaan van twee zenuwcircuits voor jeuk. Het kleine beestje dat op de huid kriebelt geeft mechanische jeuk. De mug die steekt induceert chemische jeuk, met een histaminereactie die de jeuk veroorzaakt via andere zenuwbanen.

Jeuk is belangrijk om op tijd insecten en parasieten te ontdekken. Liefst voordat ze bloed gaan zuigen of eitjes onder de huid leggen.

Maar je moet er ook weer niet gek van worden, van al die signalen die van onze huid binnenkomen. Kleding op de huid moet dragelijk zijn. Vandaar dat een jeukonderdrukkende zenuwcel nuttig is. Hij ligt in de dorsale hoorn van het ruggemerg en kan de zenuwcel sussen die jeuksignalen uit de huid naar de hersenen doorgeeft.