China brengt de mineiros in het nauw

Opkomend China was grootafnemer van grondstoffen in Brazilië. Dat land voelt nu hard dat de Chinese economie hapert.

Een kiepwagen vervoert gedolven ijzererts in een mijn van Vale S.A, Braziliës grootste ijzerproducent. Foto Dado Galdieri / Bloomberg

Diego Nunes raapt een brok steen op en wijst op de roestbruine stofdeeltjes tussen de scherpe randen van het gesteente. „Zelfs dit kleine stukje steen heeft al waarde”, zegt de mijnbouwkundig ingenieur bij de ijzerertsmijn Samarco, in de zuidoostelijke staat Minas Gerais. Hij gooit de brok terug in de open mijn. Daarin is volgens onderzoekers ruim 3 miljard ton ijzererts te winnen. Genoeg om nog tot 2053 door te gaan.

Minas Gerais ligt in de zogenoemde Iron quadrangle, de ijzeren vierhoek. Het is de regio in Brazilië waar sinds oudsher de meeste ijzererts maar ook edelmetalen als goud en diamant voorkomen. Vroegere Portugese kolonisten gaven het gebied de naam Minas Gerais, wat ‘algemene mijnen’ betekent. Ze waren verrast door de enorme rijkdom die ze aantroffen. Maar nu kampt de regio – Brazilië is na Australië de grootste ijzerertsproducent ter wereld – met grote problemen.

De dalende grondstofprijzen zetten de sector onder druk. Oorzaak: de fors teruggelopen vraag uit China, de grootste afnemer van grondstoffen waaronder ijzer. Bovendien produceert Australië, dat dichterbij China ligt, meer en goedkoper. Gevolg is een overproductie van ijzererts en een daling van de prijzen.

In de mijnen van Minas Gerais is de crisis goed voelbaar. „Er zijn al verschillende mijnen dichtgegaan”, zegt Roberto Carvalho, hoofd commerciële zaken bij de Samarco-mijn. „Vooral de kleinere redden het niet. Hun kosten liggen te hoog en nu de prijs van ijzer zo laag is kunnen ze niet overleven.”

Ter illustratie: in september 2013 was de prijs van ijzererts nog 134 dollar per ton, nu is die 67 dollar. Toch redt de Samarco-mijn, die behoort tot de grootste mijnbouwbedrijven van Brazilië, het nog. „We hebben zesduizend werknemers en tot nu toe niemand ontslagen, zoals bij andere mijnen wel gebeurt. Maar we zijn alert. In deze crisistijden moet je zo goedkoop mogelijk produceren, anders is het niet meer haalbaar. We moeten de kosten zo laag mogelijk houden”, analyseert Carvalho.

Dit jaar laat Samarco zelfs een stijgende lijn zien. Carvalho: „Dat komt doordat we langlopende contracten hebben met onze afnemers. En we kunnen goedkoper produceren dan veel andere mijnen omdat we alles zelf in huis hebben, van ingenieurs tot chauffeurs. Dat scheelt een hoop in de kosten.”

De inkomsten uit de export van de mijnbouw (behalve in Minas Gerais ook in de noordelijke staat Para) zijn flink gedaald. Vorig jaar werd nog voor 2,3 miljard dollar geëxporteerd. Nu is dat bedrag bijna gehalveerd. Het heeft een weerslag op de kwakkelende Braziliaanse economie, die er toch al beroerd voor staat, met een inflatie van 10 procent en een devaluatie van de real ten opzichte van de dollar van ruim 40 procent.

Carvalho: „Er wordt vaak gedacht: die grote bedrijven exporteren en verdienen dollars. Ze hebben het goed. Ja, wij exporteren, maar we produceren híér. De prijzen van energie zijn door de inflatie inmiddels met bijna 30 procent gestegen. Dat komt keihard aan.”

IJzeren kogeltjes

Samarco is gespecialiseerd in de productie van ijzeren kogeltjes die makkelijk te exporteren zijn. Vorig jaar ging er ruim 24 miljoen ton vanuit de haven van de naburige staat Espírito Santo de Atlantische oceaan over. Ingenieur Nunes rolt een paar kogeltjes speels door zijn handpalm. Groter dan een knikker zijn ze niet. „Ze zijn makkelijk te vervoeren en om te vormen tot bruikbaar ijzer”, zegt hij.

Verderop in de mijn manoeuvreert een werknemer een graafmachine traag langs een geïmproviseerd pad naar een tweede, verderop gelegen mijn. Een groepje mannen schept zand uit een modderig deel van de afgraving.

Tot anderhalf jaar geleden ging het nog uitstekend met de Braziliaanse grondstoffenindustrie. Mijnbouwbedrijven in Minais Gerais, zoals Samarco, floreerden door de bijna onwerkelijke toename van de vraag uit China naar grondstoffen sinds eind jaren negentig. Die explosieve groei vormde, mét de vondst van grote oliereserves voor de kust, de belangrijkste pijler onder de economische voorspoed in Brazilië tussen 2008 en 2013.

Er komen nieuwe afnemers bij

Met weemoed denkt Roberto Carvalho terug aan 1998, toen de eerste contacten tussen de Samarco-mijn en het Chinese staalbedrijf Bao Steel gelegd werden. „We hadden al een markt in Azië, we deden zaken met Japan en Indonesië”, zegt hij. „En toen kwam daar ineens China bij. Eind jaren negentig verscheepten we de eerste 300.000 ton ijzererts naar China. Een jaar later was dat 1 miljoen ton en in 2000 2 miljoen ton. Ongelofelijk hard ging het. De prijzen voor grondstoffen waren hoog. Er kwamen steeds meer mijnen bij.”

De toenemende vraag naar ijzererts had alles te maken met de bouwexplosie in China. Daar werden complete steden uit de grond gestampt, inclusief de bijbehorende wegen, vliegvelden en spoorlijnen. Allemaal verpakt in meerjarenplannen van de Chinese staatsleiding. Tot de markt verzadigde, de vraag afnam en China zelf ook staal ging exporteren. Carvalho: „Dat drukt de prijs verder. Alles wat er in deze industrie nationaal en internationaal gebeurt, hangt samen met China. Dat is de grootste speler”, zegt Carvalho.

Hoewel analisten voorspellen dat de grondstoffencrisis nog een aantal jaren zal voortduren en de ijzerprijs uiteindelijk zal zakken tot 30 dollar per ton, gelooft Carvalho dat de markt zich zal herstellen. „Ik ben optimistisch. Er komen ook nieuwe afnemers bij. Ik geloof bijvoorbeeld in groeilanden als Cambodja, Vietnam en Laos. En vergeet niet: de mijnbouw heeft ergere tijden gekend. Ik herinner me dat vijftien jaar geleden de prijs op 25 dollar per ton lag. We zijn er aan gewend te manoeuvreren tussen groei en neergang.”

Ondergrondse pijpleidingen

Een bijkomend probleem voor Minais Gerais is dat de kwaliteit van de grondstoffen door eeuwenlange exploitatie achteruitgaat. Er is veel meer productie nodig om dezelfde kwaliteit te halen en dat drijft ook de kosten op. Braziliës grootste ijzerproducent Vale S.A. week al uit naar het noorden van het land waar in de jaren zestig nieuwe ertsreserves werden gevonden. Vale bouwde daar de Carajás-mijn, een van de grootste ijzerertsmijnen ter wereld.

„Daar ligt naar schatting minstens 18 miljard ton en het ijzergehalte is er zeer hoog, meer dan 60 procent”, zegt ingenieur Nunes, terwijl hij naar de fabriek loopt waar de stenen in grote zware tonnen worden verpulverd en gezeefd en vervolgens worden gescheiden in bruikbare ijzerdeeltjes.

Dit ijzerconcentraat wordt via ondergrondse pijpleidingen naar een fabriek in Espírito Santo getransporteerd. Daar worden er ijzerertskogeltjes van gemaakt. Deze productielijn is volledig geautomatiseerd en wordt vanuit een computergestuurde ruimte door controleurs in de gaten gehouden.

Nunes, een geboren en getogen mineiro (inwoner van Minas Gerais), hoopt dat de regio de grondstoffencrisis te boven komt. Hij zag dat de laatste jaren steeds meer bevriende mijnbouwers hun baan kwijtraakten en vertrokken. „Dat is jammer. De mijnbouw hoort al sinds de zestiende eeuw bij deze streek. Het zit in ons bloed. Als die verloren gaat, houden we hier niets meer over.”