De geoliede Gooise geefmachine

Vluchtelingen? We kunnen er 1.600 opvangen, zei Hilversum. NRC beschrijft hoe. Aflevering 4: spullen.

Raoul Kuiper laadt een busje vol spullen voor een Syrisch gezin.

Raoul Kuiper heeft zeven bedden, een set pannen en tassen met kleding naar een Syrisch gezin uit Blaricum gebracht. Hij rijdt terug naar de loods op het bedrijventerrein aan de rand van Naarden. De eigenaar heeft die gratis ter beschikking gesteld. Ze zijn hem zeer dankbaar: er zijn zoveel spullen. Die puilden eerst uit schuurtjes, kelderboxen en gangen van particulieren. Dat was onhoudbaar en onoverzichtelijk.

Dinsdagmiddag en donderdagochtend kunnen mensen spullen brengen. Vrijwilligers sorteren die zo snel en goed mogelijk: serviesgoed, kinderspeelgoed, meubels, beddengoed, matrassen. En kleding, die geordend op maat en kleur in de rekken hangt. Sommige gulle gevers zien de donatie ook als een mooie manier om van waardeloze troep af te komen. Zij doneren een kapotte jas of een asbak met een barst. Die worden weggegooid.

Vluchtelingen kunnen ook op dinsdagmiddag en donderdagochtend langskomen om dingen uit te zoeken. Kuiper: „Eerst hadden we aparte tijden voor brengers en halers, maar dit is gezelliger.” Soms vertrekken ze met twee busjes aan spullen. Ze hebben niets en ze hebben alles nodig.

Het is in een paar weken tijd een geoliede machine geworden. Terwijl de initiatiefnemers er min of meer per ongeluk zijn ingerold. Ze kenden elkaar een paar weken terug niet eens. Nu werken ze elke dag samen en leren al doende.

Eveline Smits van Oyen werkt bij de voedselbank Naarden-Bussum-Hilversumse Meent en wist door haar werk net iets te goed wat het betekent om niets te hebben. Raoul Kuiper komt uit de reclamewereld en doet sinds een paar jaar alleen nog ideële campagnes. Voor het schoonhouden van de stranden bijvoorbeeld. Over vluchtelingen zegt hij: ze zijn er. Ze hebben een tijdelijke verblijfsvergunning. Je kunt ze aan hun lot overlaten of je kunt ze helpen hun weg te vinden en dan maken we het een stuk gezelliger voor hen. En voor ons.

Begin september werd duidelijk dat er honderden vluchtelingen opgevangen zouden worden in Het Gooi. Pas toen viel op dat er in die regio nog weinig was georganiseerd om de mensen van spullen te voorzien.

Busje gezocht

Raoul Kuiper bedacht de slogan ‘Elk Gooisch Matras Komt van Pas’ en opende een Facebookpagina onder die naam. Het is een knipoog, het bekt lekker. Maar het is ook de bedoeling dat we dit met z’n allen doen, zegt Kuiper. Via sociale media en zijn brede netwerk ging het pijlsnel.

Aan de lopende band stoppen er mooie auto’s voor de loods, tassen met kleding, dozen vol rammelend servies en meubels worden uitgeladen. Er zijn trouwens nu vooral warme winterkleding, stapelbedden, kinderdekbedden, beddengoed en fietsen nodig, zegt Kuiper. En er wordt nog naarstig gezocht naar een (leen)busje om alle goederen naar de vluchtelingen te kunnen brengen.

Kuiper en Smits van Oyen runnen de loods samen met twee Syrische mannen die nu een jaar in Nederland zijn. Najjar zat in verzekeringen, Kheder werkte voor de Verenigde Naties. Nu hebben ze geen werk en willen ze graag wat terugdoen. In de loods zijn ze goud waard want ze kunnen tolken, ze weten wat mensen nodig hebben.

Smits van Oyen en Kuiper denken verder dan alleen spullen. Via de Facebookpagina kunnen mensen ook diensten aanbieden: vluchtelingen leren fietsen, de kinderen meenemen naar de kinderboerderij of naar de voetbalclub, Nederlandse les geven. De dochter van een van de Syrische vrijwilligers krijgt pianoles van een vrijwilliger. Syrische kinderen kunnen gaan voetballen. „Nog even en we hebben genoeg kinderen voor een wedstrijd Nederland-Syrië”, zegt Kuiper.

Eveline Smits van Oyen werkt aan een welkomstboekje voor Het Gooi in het Engels, Arabisch en Eritrees. „Die mensen willen weten waar de Xenos is, de Action, de Lidl en de Kringloopwinkel. Ze willen weten hoe de bibliotheek werkt en hoe dat nu gaat als je naar de dokter moet.”