Vanaf ’t begin zit het fout met hogesnelheidstrein

Alle hoofdrolspelers in het Fyra-debacle hebben forse steken laten vallen. De opeenvolgende bewindslieden, de Tweede Kamer, NS en de inspectiedienst ILT.

Voorzitter Madeleine van Toorenburg met het eindrapport van de enquêtecommissie die de problemen rond de hoge snelheidstrein Fyra onderzocht. Foto NRC / David van Dam

Ambities die wel móésten sneuvelen. Vanaf het begin van de besluitvorming over de aanleg van de hogesnelheidstrein tussen Amsterdam en Brussel zat er van alles fout. Opeenvolgende bewindspersonen blunderden, de NS frustreerde voortdurend overleg met het ministerie en was er voortdurend op uit om haar monopoliepositie op het spoor te behouden. Dat zijn de voornaamste conclusies in het vanochtend gepresenteerde rapport van de parlementaire enquêtecommissie Fyra, getiteld De reiziger in de kou

Verzet van de NS schier ‘onbetamelijk’

De NS ging in haar verzet tegen de openbare aanbesteding van de hogesnelheidslijn (HSL) zo ver dat de commissie spreekt over het „opzoeken van de grenzen van het onbetamelijke en soms zelfs het overschrijden ervan”.  

De verliezen voor NS-dochter HSA becijfert de commissie op 790 miljoen euro. In het totaal ging het bij de HSL om een investering van bijna 11 miljard euro, terwijl na het buiten dienst stellen van de Fyra-treinen, er geen gelijkwaardig alternatief is gekomen. Alle betrokken partijen schoven risico’s en verantwoordelijkheden af. 

Parlement was medeverantwoordelijk

En de Tweede Kamer blafte wel, maar beet nooit, concludeert de commissie. Als de Kamer wilde bijten, bijvoorbeeld met een stevige motie om de Benelux-trein in stand te houden, werd uiteindelijk niet doorgepakt. „De Tweede Kamer is medeverantwoordelijk voor het niet tot stand komen van het beoogde vervoer over de HSL-Zuid”, schrijft de commissie.

Informatie ministers onjuist en ontijdig

Vaak kon de Kamer ook niet controleren omdat ministers onjuiste of onvolledige informatie verstrekten. Volgens de commissie heeft toenmalig minister Camiel Eurlings (CDA) de Kamer in 2008 „ontijdig” geïnformeerd en in één geval, toen HSA dreigde failliet te gaan, zelfs ronduit misleid. Toen Eurlings de Kamer eind 2008 wel informeerde over een oplossing om dreigend faillissement af te wenden, was dat zo laat dat de Kamer onmogelijk meer „eigenstandig” een afweging kon maken.

Ook minister Melanie Schultz van Haegen (VVD) informeerde de Kamer onvolledig, over een onderhandelingsakkoord dat zij in 2011 met NS sloot. NS kreeg één geïntegreerde concessie voor het hoofdrailnet en de HSL-Zuid. De staat schreef met dat akkoord 1 miljard euro aan concessie-inkomsten af. Schultz informeerde de Kamer niet over de afspraak dat de verbinding Den Haag-Breda-Brussel zou worden vervangen door Breda-Antwerpen, zodra dat juridisch mogelijk was.

Volledige Fyrarapport

Onregelmatigheden bij aanbesteding

In de aanbestedingsprocedure voor de nieuwe treinen heeft NS ernstige fouten gemaakt. De commissie spreekt zelfs van „ernstige onregelmatigheden”, waardoor de Italiaanse fabrikant AnsaldoBreda als enige bouwer overblijft. De andere overgebleven concurrent, Alstom, was toen al afgehaakt. AnsaldoBreda kreeg na indiening van de definitieve biedingen nog de gelegenheid om wijzigingen aan te brengen.

Een „voorkeurspositie” noemt de commissie dit. Terwijl „het in het aanbestedingsrecht niet geoorloofd [is] wijzigingen na de deadline deel te laten uitmaken van de beoordeling van de offertes”. Met die voorkeursbehandeling heeft NS zichzelf de mogelijkheid ontnomen om te kiezen uit meerdere leveranciers.

Alstom was al afgehaakt omdat NS ná indiening van de definitieve offertes besloot om het aantal te bestellen treinen te verlagen van 23 naar 12. Dat gebeurde om de financiële risico’s voor HSA te verkleinen. Dat was voor Alstom reden geen nieuwe offertes meer uit te brengen. „Kwalijk”, noemt de commissie dat. En „onbestaanbaar dat NS dat deed na ontvangst van de expliciet gevraagde definitieve offertes van AnsaldoBreda en Alstom”.

Italianen leverden trein vijf jaar te laat

In de koopovereenkomst wordt afgesproken dat de Fyra’s in 2007 geleverd moeten worden. Maar zowel HSA als NSFSC weten dan al dat die planning niet gehaald gaat worden. Volgens de commissie wist NS al in 2004 dat HSA in 2007 niet aan de concessieovereenkomst kon voldoen. Uiteindelijk levert AnsaldoBreda de treinen vijf jaar later dan beoogd op, zonder dat partijen „ook maar bij benadering weten wie voor welk deel van de vertraging verantwoordelijk is”, aldus de commissie. NS en NSFSC spreken AnsaldoBreda weliswaar regelmatig aan op achterblijvende prestaties en dreigen zelfs met juridische stappen. Maar interventies in het bouwproces blijven uit omdat NS niet in de verantwoordelijkheden van AnsaldoBreda wil treden.