ABN Amro moet nu bewijzen dat de klant centraal staat

De beursgang van ABN Amro is goed nieuws voor Nederland, goed nieuws voor beleggers, goed nieuws voor de Amsterdamse effectenbeurs en zou ook goed nieuws voor de klanten moeten zijn. Onvoorziene omstandigheden, zoals een schandaal of een beurskrach, daargelaten wil het kabinet dit kwartaal de verkoop van de eerste tranche staatsaandelen ABN Amro afronden. Er zullen nog zeker twee verkopen volgen voordat ABN Amro weer op eigen benen staat als beursgenoteerd bedrijf.

De beursgang is de afsluiting van een proces dat op 3 oktober 2008 begon toen het kabinet Balkenende, in een weekeinde van financiële paniek vol reddingsacties in omliggende landen, de bank nationaliseerde. De nationalisatie was een ongekende politieke maatregel die 16,8 miljard euro kostte. Later zouden daar nog miljarden bijkomen. Het is de vraag, als de definitieve opbrengst kan worden vastgesteld, of dit bedrag wordt terugverdiend. Dat zou fantastisch zijn. Maar ook als een tekort resulteert, moet bedacht worden dat grote banken niet worden gered om er voor de belastingbetaler geld aan te verdienen. Zij worden gered om het verlies van tientallen miljarden spaargeld van gewone burgers en kleine bedrijven én de ontwrichting van het betalingsverkeer te voorkomen. Dat is gelukt.

De beursgang brengt de aandelen terug op de markt. Terecht. Het is geen overheidstaak om banken te exploiteren. Goed toezicht, realistische regelgeving en sterk ABN Amro-bestuur moeten de voorwaarden scheppen voor een winstgevende en solvabele bank.

De laatste tijd hebben meer bedrijven, zoals Grandvision (brillenwinkels), Lucas Bols en trustmaatschappij Intertrust alsmede diverse buitenlandse bedrijven, gekozen voor notering aan het Beursplein. Zij zijn een welkom tegenwicht tegen de stroom bedrijven die van de beurs verdwijnen na overnames. Wil de beurs een serieuze kapitaalmarkt zijn, dan moeten bedrijven van het kaliber van ABN Amro daar een notering hebben. Beleggers hebben op hun beurt weer wat meer te kiezen. En spaarders bij banken zullen zich, met een blik op hun ultralage rente, afvragen of zij aandeelhouder moeten worden, gezien het hogere dividend waarmee ABN Amro zich zal profileren.

De bank zelf moet laten zien dat zij de stroom van affaires van het afgelopen jaar achter zich heeft gelaten. De beloningsrel rond de top en de recente miljoenenboete van financieel controleur AFM wegens gaten in het beleid bij zogeheten rentederivaten voeden telkens weer het wantrouwen van klanten die vrezen at hun belangen niet op waarde worden geschat. ABN Amro zegt dat de klant centraal staat. Ook beleggers moeten de bank aan die belofte houden.