Onderzoek locatie hoofdvestiging rechtbank Limburg deugt niet

Uit onderzoek in opdracht van de ondernemingsraad van de rechtbank Limburg blijkt dat de keuze voor Roermond als hoofdvestiging niet goed is onderbouwd.
Rechters in Maastricht hebben tijdelijk hun werk neergelegd als protest tegen het plan om de hoofdlocatie in Limburg te verhuizen naar Roermond. Foto Jean-Pierre Geusens / Novum

De onderbouwing van de keuze voor Roermond als hoofdvestiging van de rechtbank Limburg deugt niet. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van de ondernemingsraad van de rechtbank.

De onderzoekers van bureau TFM uit Utrecht constateren dat er „grote onzekerheden in de gepresenteerde getallen en tijdpaden” zijn. Het is daarom „de vraag of de huidige berekeningen als uitgangspunt voor besluitvorming kunnen dienen.”

De ondernemingsraad heeft over de uitkomsten met het bestuur van de rechtbank gesproken. Over het resultaat zijn geen mededelingen gedaan.

De keuze voor Roermond staat in het in augustus gepresenteerde Meerjarenplan Rechtspraak van de Raad voor de Rechtspraak. Volgens dat plan moeten zeven van de 32 rechtbanken inkrimpen. Een ervan is Maastricht.

Schijnzekerheid

Voor Limburg zijn twee businesscases gemaakt door het Rotterdamse bureau LSa. Daaruit bleek dat een hoofdvestiging in Roermond en een bijkantoor in Maastricht op termijn een besparing van 1,3 miljoen euro per jaar opleveren. Een hoofdkantoor in Maastricht zou twee ton besparen.

TFM zegt in zijn „second opinion” dat de in de businesscases gebruikte getallen „schijnzekerheid” bieden. Of de besparingen gerealiseerd worden is „onzeker”. Risicoanalyses ontbreken. Kritiek heeft TFM ook op de beperkte opdracht. Die ging uit van een hoofdkantoor en nevenlocatie, terwijl een bredere vraag ook andere oplossingen had kunnen opleveren. „Door het standpunt van de raad [is] de afstoot van Annadal onafwendbaar.” Annadal is de locatie in Maastricht.

Kritiek op de businesscases kwam eerder van de gemeente Maastricht. Die concludeert na eigen berekeningen dat een hoofdvestiging in Roermond niet veel goedkoper is. Maastricht pleit voor twee gelijkwaardige locaties.

Geen eerlijke kans Maastricht

Interne stukken van de Raad lieten vorige week zien dat het rechtbankbestuur al gekozen had voor Roermond voordat LSa in november 2014 begon aan de eerste businesscase. Onderzoek van NRC wijst nu uit dat het rechtbankbestuur LSa al één jaar eerder, oktober 2013, een quick scan heeft laten maken voor concentratie in Roermond. LSa nam contact op met Hans Groeneweg, eigenaar van een aan de rechtbank grenzend kantoorpand. Dat gebeurde nadat bekend werd dat de Belastingdienst het pand ging verlaten.

De gemeenten Roermond en Maastricht staan tegenover elkaar in deze kwestie. Volgens Maastricht had Roermond „voorkennis” van de plannen. Roermond ontkent.

Nu blijkt echter dat de toenmalig burgemeester van Roermond, Peter Cammaert, in augustus 2013 contact zocht met eigenaar Groeneweg van het Belastingpand. Groeneweg:

„We kennen elkaar. Hij belde en vroeg: Hans, zullen we eens een kopje koffie drinken.”

Volgens Roermond ging het om een „kennismakingsgesprek” in het stadhuis. Daarbij zouden ambtenaren aanwezig zijn geweest. Later volgden meer gesprekken met ambtenaren. Die gingen, volgens de gemeente, over de mogelijkheden om appartementen en een hotel te vestigen in het Belastingpand. Groeneweg meldde echter ook een voorkeur voor de rechtbank te hebben. Maar die mededeling „heeft verder in de gesprekken geen vervolg gekregen”, zegt de gemeente nu.