Deze branden stoten meer CO2 uit dan Duitsland in een jaar

Deze bosbranden zijn mensenwerk, zegt expert Guido van der Werf. Door de droogte blijven ze woeden. „Dat blussen is vooral symbolisch.”

Guido van der Werf weet precies hoe de rookwolken boven Indonesië eruitzien. Als hoogleraar mondiale koolstofcyclus aan de VU in Amsterdam buigt hij zich over de satellietbeelden uit Zuidoost-Azië. „Op satellietgegevens zie je in het zuiden van Sumatra een paar pluimpjes van individuele branden, maar als je naar het noorden gaat, zie je gewoon een grote soep van rook die heel langzaam noordwaarts trekt”, zegt Van der Werf telefonisch vanuit Amsterdam. Niet sinds het rampjaar 1997-’98, toen Indonesië kampte met historische droogte, waren de branden zo heftig als nu, zegt hij.

Waarom zijn de branden dit jaar zo groot?

„Hoe sterker El Niño [periodieke opwarming van zeewater in de Grote Oceaan, met invloed op het weer], hoe meer branden. Je hebt droogte nodig én mensen om branden aan te steken. Vorig jaar was er niet eens zo’n sterke El Niño, maar waren er toch behoorlijk wat branden. Toen hebben wij geschreven: bij een sterke El Niño gaat het hele land in de fik.”

Is dit een natuurramp of mensenwerk?

„Je kunt stellen dat geen brand natuurlijk is, want er is weinig blikseminslag. De regel ‘hoe meer droogte, hoe meer brand’ gaat al decennia op voor Sumatra. Dat blijkt uit gegevens van het zicht op vliegvelden. Op Kalimantan was dat anders. Vóór de migratiestromen van de jaren tachtig en de aanleg van plantages waren er minder branden, ook in droge jaren. Wat er nu gebeurt, is mensenwerk. El Niño creëert de omstandigheden waardoor die branden zo groot worden en niet te blussen zijn.”

Eerst Sumatra, dan Kalimantan. Dat is precies hoe palmolieplantages over Indonesië zijn uitgewaaierd.

„Precies. Bijna één op één. De dynamiek is echter complex. Deze branden beginnen als regenwoud omgezet wordt naar plantages. Ik vind het moeilijk. Je hoort mensen zeggen: palmolie is de boosdoener. Ik denk ook dat dat de kern is, maar je ziet dat die grote bedrijven moeite doen om te zorgen dat er geen branden komen op hun bestaande plantages. Zij hebben brandtorens en blusploegen.”

Hoe groot is de milieuschade?

„Tot nu toe is er circa 1,2 gigaton aan kooldioxide uitgestoten. Dat is meer dan de totale emissie van Duitsland in een jaar. Dat laat zien dat dit een serieuze zaak is. Aan de andere kant: dit is een gebeurtenis die een paar maanden duurt. Amerika stoot iedere dag zo veel uit. Uiteindelijk is de schade peanuts vergeleken met de uitstoot van broeikasgassen door verbranding van fossiele brandstoffen. De gevolgen voor bewoners in Indonesië zijn veel belangrijker dan het klimaataspect.”

Waarom is het verbranden van veengrond schadelijker dan een normale bosbrand?

„Een normaal bos groeit aan en neemt zo CO2 op. Bij een bosbrand gaat die CO2 de lucht in. In die cyclus gebeurt netto niks. Het veen dat nu brandt, bevat CO2 dat duizenden jaren geleden opgeslagen is. Een vierkante meter veengrond emitteert meer CO2 dan een vierkante meter gras of bos.”

Indonesië lijkt onmachtig. Heeft blussen zin?

„Het aantal branden blijft constant. Veenbranden blijven smeulen. Het gebied is moeilijk begaanbaar. Langs de weg probeer je wat te doen, maar verder landinwaarts kun je het schudden. Wat je hoort vanuit Jakarta is dat ze blussen en proberen regen te maken. Dat is, denk ik, meer symbolisch. Het is wachten tot de regens komen.”